Wat er voor de kiezers op het spel staat

Bij de gemeenteraadsverkiezingen vandaag stemt ongeveer de helft van de kiezers niet Wat zijn de meest genoemde redenen? En waarom wij wel zouden moeten stemmen, volgens enkele vluchtelingen

Twee onbekende vrouwen stonden er afgelopen weekeinde voor m’n deur. De eerste was een Jehova’s getuige, de tweede kandidaat-raadslid voor de PvdA. Je vraagt je af waar tegenwoordig meer moed voor nodig is. Langs de deuren gaan met een bijbel of met de vraag: gaat u stemmen?

Of ik ook PvdA wilde stemmen vroeg het kandidaat-raadslid namelijk niet. Politici maken dezer dagen een voorzichtige indruk. Je zou zelfs kunnen zeggen: bange indruk. Gaan stemmen is al genoeg. Niet schelden misschien ook wel.

En neem het ze eens kwalijk dat ze een beetje bang zijn. Politici schijnen tijdens het flyeren nogal wat naar hun hoofd geslingerd te krijgen. Een feest voor de democratie zal het vandaag dan ook niet worden, want veel feestgangers laten het afweten: er is een lagere opkomst voorspeld dan ooit.

Je zou willen dat politici eens boos durfden te worden op die kiezers. In plaats van dat ze hun nog een keer beleefd vragen of ze alsjeblieft, alsjeblieft, als het niet te veel moeite is hoor, want natuurlijk, alle begrip als het niet uitkomt, maar stel, ze zijn toevallig in de buurt van een stemlokaal, of ze dan misschien zo goed zouden willen zijn naar binnen te lopen, ook al worden ze er niet voor beloond, om een hokje rood te kleuren?

Je zou willen dat politici eens durfden te zeggen: „Ga stemmen, sukkels! Weet je hoe kort het vliegen is naar Kiev, waar mensen onlangs werden doodgeschoten omdat ze andere politici wilden? Twee-uur-en-vijf-en-veer-tig minuten, langer doe je er niet over. Zuid-Spanje is verder weg. Ga stemmen. Omdat het kan!”

Maar goed. Als het over actuele politieke onderwerpen gaat dan zijn emotionele argumenten vaak net zo effectief als vergelijkingen met de Tweede Wereldoorlog: niet. Voor je het weet gaat het alleen nog maar daarover. Daarom is een zakelijker benadering zinvoller. Wat klopt er aan de argumenten van de niet- kiezer, en vooral: wat niet?

Politici zijn zakkenvullers, ze werken alleen maar voor zichzelf.

Raadsleden krijgen een basisvergoeding die afhankelijk is van de omvang van de gemeente. Dat varieert van 235,58 euro per maand in een gemeente met minder dan 8.000 inwoners, tot 2.209,35 euro in een gemeente met meer dan 375.000 inwoners. Bruto. Uit het Nationaal Raadsledenonderzoek 2012 blijkt dat raadsleden daarvoor gemiddeld 16,8 uur per week werken. In grotere gemeenten (meer dan 150.000 inwoners) werken raadsleden gemiddeld 25,4 uur per week. Er komen nog wat kleine vergoedingen bij het basisbedrag, maar echt rijk word je er dus niet van.

Het maakt niet uit wat je stemt, de gemeente gaat nergens over. Stoeptegels zijn niet links of rechts.

Je kunt het zo gek niet bedenken of de gemeente gaat er wél over. De sluitingstijden van cafés, de plaatsen waar camera’s mogen hangen, de huisvesting van scholen, bibliotheken, toezicht op crèches, parkeerbeleid, huisvuil, subsidies voor sportverenigingen, scootmobiels. En inderdaad, stoeptegels. Moet ik doorgaan?

Natuurlijk, stoeptegels zijn niet links of rechts. Maar ze kunnen goed liggen, of uitsteken zodat je er je nek over breekt. De ene gemeente wordt beter bestuurd dan de andere, lees: is beter in het rechtleggen van stoeptegels dan andere. Of in het opruimen van de hondenpoep die erop ligt. Net zoals de ene internetprovider vaker last heeft van storingen dan de andere. Maar van een internetprovider kun je aan het einde van je contract af. Een nieuw gemeentebestuur kies je maar een keer in de vier jaar. En, om even bij de stoeptegels te blijven: een gemeente kan ze ook vervangen door asfalt, omdat ze auto’s belangrijker vindt dan voetgangers. Of parkeerplaatsen belangrijker dan een plek om te spelen voor kinderen. Wil je een autovrije binnenstad? Dan is de kans groot dat het wel verschil maakt welke partij je kiest.

Ik weet niet wat ik zou moeten stemmen.

Toegegeven: daar heeft de niet-kiezer een punt. De regionale pers wordt met uitsterven bedreigd. Daardoor is het lastig geworden gemeentepolitiek te volgen, zelfs als je dat graag wilt. Maar er is wel iets nieuws voor in de plaats gekomen: internet. Even klikken en je hebt alle verkiezingsprogramma’s tot je beschikking. Stemmen is een recht, geen plicht in Nederland. Is het te veel gevraagd een beetje moeite te doen? Bovendien zijn er tegenwoordig allerlei online kieshulpen (Stemwijzer, Kieskompas, de Stem Van) die je ook bij de gemeenteraadsverkiezingen binnen tien minuten een aardig eind op weg helpen.

Ik heb niks met m’n gemeente.

Dit argument wordt veel gehoord in kringen van nrc.next-lezers. Natuurlijk, je bent hoogopgeleid, hebt gestudeerd (niet zelden in het buitenland), en daarna ben je om praktische redenen ergens gaan wonen. Je vrienden zitten overal en nergens, maar vooral op Facebook. De buurvrouw groet je misschien nog wel op straat, maar zou je haar missen als ze een week dood in haar huis lag? Kortom, je hebt niks met de gemeente waar je in woont. Nee, maar de gemeente wel met jou. Die stuurt je bijvoorbeeld jaarlijks die rekening voor de onroerendezaakbelasting. En de gemeente beslist straks wat er met de opbrengst gebeurt. Gaat de bibliotheek om de hoek dicht? Of het zwembad? Dat is misschien toch wel interessant. Of wilde je je kinderen straks op Facebook naar zwemles sturen?

Vier jaar geleden héb ik gestemd en nu is de bibliotheek toch dicht. Daarom stem ik niet, uit protest.

Democratie is geen kwestie van: u vraagt, wij draaien. Politici moeten compromissen sluiten, en dat is niet altijd fraai. Maar natuurlijk zou het wel fijn zijn als politici zich aan beloften houden. Als je boos bent omdat je vier jaar geleden op iemand hebt gestemd die zich niet aan zijn beloften heeft gehouden, dan kun je beter deze keer iemand anders kiezen. Blanco stemmen of niet-stemmen, het maakt niet uit: je stem telt gewoon niet mee en heeft geen invloed op de uitslag. Als je blanco stemt, tel je alleen mee bij het bepalen van de opkomst.

Ha! Een lage opkomst zal de politiek wakker schudden. Ik stem niet omdat ik een ander systeem wil.

O ja? En welke conclusie zou er dan moeten worden getrokken uit die lage opkomst? Dat het nu echt tijd is voor de gekozen burgemeester? Of voor een tweepartijenstelsel? Dat gemeenten niet meer op dezelfde dag naar de stembus moeten gaan, om te voorkomen dat landelijke politici zich er nog mee bemoeien? Dat de stemplicht moet worden heringevoerd? Allemaal interessante gedachten hoor. En inderdaad: er zijn wel veel partijen. Ik heb de programma’s van D66 en GroenLinks in mijn gemeente naast elkaar gelegd. Een spelletje zoek-de-verschillen is gemakkelijker.

Maar het probleem met opkomstcijfers is: je weet niet wat ze zeggen. Een lage opkomst kun je interpreteren als een wake up call voor iedereen die alles bij het oude wil laten. Met hetzelfde gemak kun je echter ook betogen dat het blijkbaar zo slecht nog niet gaat in Nederland, dat de meeste mensen waarschijnlijk best tevreden zijn. Als ze écht boos waren, dan zouden ze wel gaan stemmen. Toch?

Het enige wat een politicus wakker kan schudden is een andere politicus die meer stemmen krijgt.

Nog niet overtuigd? Vind je dat de kwaliteit van politici te wensen over laat? Politieke partijen hebben inderdaad moeite geschikte kandidaten te vinden. Het goede nieuws is: je kunt altijd proberen het zelf beter te doen. Grote kans dat je met open armen wordt ontvangen. Met een beetje geluk kun je over vier jaar zelf de deuren langs gaan en vragen: gaat u stemmen?