Column

Een gepassioneerd verhaal

Om de platanen langs de Singelgracht zitten strikken van stof. De sjaals die de knoestige stammen sieren, vallen op – een zacht element in het straatbeeld van Amsterdam.

De rode NEE!-plakkaten die al enkele weken achter de hoge ramen in mijn buurt hangen, blijken erbij te horen. Ze zijn het initiatief van Arie van Staveren (66), voorzitter van de stichting SingelgrachtWacht. Al twee jaar zet hij zich fulltime in tegen de bouw van een ondergrondse parkeergarage – een betonbak van 350 meter lang, 25 breed en 13 meter diep.

Arie – grijze snor, zwembadblauwe ogen – kent alle details en struikelt niet over technische termen als ‘geohydrologisch’. De cafétafel waaraan we zitten wiebelt op het ritme van zijn uitleggende hand. Hij vergeet zijn klotsende koffie en vertelt: „Wat essentieel is: deze strijd gaat niet alleen maar over de belangen van de bewoners op de Singelgracht. Natuurlijk wordt er straks, als het allemaal doorgaat, jarenlang voor hún deur gebouwd, maar het not in my backyard-sentiment wordt vooral door politici aangegrepen om onze bredere argumenten van tafel te vegen.”

De sjaals protesteren tegen de kap van de bomen, de honderd jaar oude platanen die juist hard nodig zijn, want met de komst van de parkeergarage neemt de luchtvervuiling toe, veroorzaakt door de extra auto’s die naar de binnenstad zullen trekken.

„Dit plan mist visie”, zegt Arie. Het stamt bovendien uit 2003. Zo staat de wens van de VVD om autobezit zo aantrekkelijk mogelijk te maken („Dat zit in hun DNA: zoveel mogelijk blik”), haaks op de trend van elektrische huurauto’s en OV(-fietsen).

Wie bouwt met een bestemmingsplan uit het verleden, zet gloednieuwe ruïnes neer. Om dat te voorkomen spitte Arie door 673 pagina’s beleidsnota. Jarenlang werkte jazzfan Arie, ooit student politieke wetenschappen, in de muziekindustrie in New Orleans. Tot Napster kwam, en later Spotify. Hij werd ontslagen en ondervond het belang van tijdig anticiperen op veranderende omstandigheden.

De gemeente kijkt voor- noch achteruit. Het idee dat zo’n garage voor de begrote 60 miljoen en binnen de gestelde termijn van drie jaar wordt voltooid, acht Arie naïef. De immer onaffe Noord/Zuidlijn moet een waarschuwing vormen, blijkbaar zijn de fouten van toen alweer vergeten.

„Nu het verkiezingstijd is, reageren politici plots op brieven en mails die al jaren worden genegeerd.” Bewoners zijn ook niet echt betrokken. „Tot het ’t eigen autootje voor de deur treft.” Dan mort men wel.

Zelf heeft Arie geen auto.

Een dik uur en zes kantjes kladblok verder over de mankementen van gemeentepolitiek, fiets ik richting huis, langs het spanbord vol verkiezingsaffiches.

Ik betwijfel of er achter die posters met slogans net zo’n gepassioneerd verhaal schuilt als bij de sjaals die de bomen omhelzen.