Na het stemmen begint de strijd om de uitslag: wie won er echt?

Hoe laat komen de belangrijkste prognoses en uitslagen? Scenario voor een verkiezingsavond.

Stemmen vanochtend in Artis in Amsterdam bij het opgezette nijlpaard Tanja. Foto Olivier Middendorp

Je kunt de uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen vanavond op twee manieren landelijk interpreteren. Je kunt de resultaten vergelijken met de laatste verkiezingen in 2012, toen de Tweede Kamer werd gekozen. Of je kunt de uitslag relateren aan de meest recente lokale verkiezingen, in 2010.

Dit maakt nogal verschil. Vooral VVD en PvdA, de coalitiegenoten, hebben vanavond baat bij de raadsverkiezingen van 2010 als referentiekader.

Destijds haalden beide partijen zo’n 15 procent van de stemmen – een stuk lager dan in 2012, toen ze de huidige coalitie aangingen: de VVD kwam toen uit op 26 procent, de PvdA op bijna 25 procent. Omgekeerd zou bij voorbeeld het CDA vanavond baat hebben bij de Kamerverkiezingen van 2012 als uitgangspunt.

Destijds haalde die partij slechts 8 procent van de stemmen, terwijl de christen-democraten bij de lokale verkiezingen van 2010 nog bijna 14 procent scoorden. (D66 had in beide verkiezingen een globaal identiek resultaat.) Kortom – verkiezingsavond wordt óók, eigenlijk vooral, een interpretatiestrijd: welk recent oordeel van de grillige kiezer nemen we als uitgangspunt om de uitslagen te duiden?

Nu hebben de partijen daar slechts beperkt greep op: de NOS, die vanavond de uitslagenavond op televisie brengt, neemt in zijn presentatie van de uitslagen de lokale resultaten van 2010 als uitgangspunt, aldus Bram Schilham, chef van de Haagse redactie van de NOS.

Daar zullen ze in de coalitie dus zeker niet ontevreden over zijn. Al benadrukt Schilham dat dit voor de NOS geen rol heeft gespeeld. ,,Het zijn lokale verkiezingen, die kun je alleen vergelijken met de vorige lokale verkiezingen.’’ Een landelijke peiling die de NOS om kwart voor tien brengt, de zetelverhouding in de Kamer als er vandaag landelijke verkiezingen waren, ,,zullen we minder prominent brengen, omdat het om lokale verkiezingen gaat’’, zegt Schilham.

Deze keuzes zijn, behalve voor de coalitie, ook gunstig voor de SP. De partij had een zeer zwakke lokale uitslag in 2010. En behalve ongunstig voor het CDA is het ook erg nadelig voor GroenLinks, dat in 2012 op een schamele 2 procent uitkwam, maar in 2010 nog bijna 7 procent scoorde.

Verder kan ook de PVV zich onmogelijk bevoordeeld voelen door dit scenario. Omdat Wilders’ partij vandaag maar in twee gemeenten meedoet, Den Haag en Almere, zal de PVV in de eerste en definitieve prognoses van de NOS, wanneer de totale aantallen raadszetels en percentages van het aantal uitgebrachte stemmen worden gebracht, onderaan bungelen.

Er komt bij dat de uitslagen van Den Haag en Almere pas na middernacht worden verwacht – als het beeld van de avond allang is bepaald.

Campagnes zijn uiteindelijk ook verwachtingenmanagement: hoe minder van ze wordt verwacht, hoe beter het uitgangspunt voor vanavond. Wat dat betreft heeft D66 zichzelf in een lastig parket gebracht, en de VVD in een prima uitgangspositie. Voor de PvdA waren de peilingen zo zwak dat alles onzeker was. In campagneteams overheerste gisteravond het ongemak over de opkomst: hoe lager de opkomst, hoe minder de waarde van peilingen. Partijen met veel oudere kiezers (CDA, PvdA, PVV) hebben normaal gesproken relatief voordeel van zo’n lage opkomst. Maar nu de opkomst zo historisch laag dreigt te worden is alles onzeker.

    • Tom-Jan Meeus