Nee, uw stem verdwijnt in een zwart gat

Lokale partijen hebben geen duidelijke ideologie. De raadsleden zijn meestal minder goed en ze hebben geen nationale en Brusselse contacten om problemen op te lossen, vindt Herman Lelieveldt.

Illustratie Ruben L. Oppenheimer

U moet zich driemaal bedenken voordat u daadwerkelijk op een lokale partij stemt. Degenen die dit doen, krijgen steun van Geert Wilders – die dit de perfecte tegenstem vindt voor iedereen die niet in Almere of Den Haag woont – tot academici als Elzinga en Ankersmit, voor wie dit een manier is om te protesteren tegen de uitholling van de gemeentelijke autonomie. (NRC, 3 en 28 feb.)

Maar lokale partijen missen de identiteit, verbondenheid en kwaliteit die zo nodig zijn voor het functioneren van de lokale democratie. Dat is geen verwijt in de richting van al die raadsleden en wethouders die zich voor deze partijen uit de naad werken, maar simpelweg het resultaat van de structureel zwakkere positie van hun partijorganisaties.

Allereerst hebben lokale partijen een veel zwakker ideologisch profiel dan hun landelijke tegenhangers. Jarenlang was dat nauwelijks een probleem, want er zijn geen linkse of rechtse manieren om een rotonde aan te leggen. Maar door de megadecentralisatie van de AWBZ, jeugd- en ouderenzorg wordt ideologie ook op gemeentelijk niveau weer belangrijk. En daar komen de lokale partijen te kort. Voor Ankersmit is dit juist een reden om via een stem op deze partijen een ‘spaak in het bestuurlijke wiel van de decentralisatie te steken’ maar het is verstandiger juist te stemmen op een landelijke partij. Wie straks in Tilburg op de SP stemt weet dat die partij alles zal proberen om de zwakkeren lokaal zo veel mogelijk te ontzien, maar hoe zit dat met de Tilburgse Volkspartij?

Lokale partijen hebben vaak niet de ideologische bagage om hier consistente keuzes in te maken. En als ze dat moeten gaan ze vaak aan interne twisten ten onder.

Lokale partijen missen ten tweede de broodnodige verbindingen met de rest van bestuurlijk Nederland. Ze mogen opgeteld de grootste partij van Nederland zijn, maar in werkelijkheid gaat het om honderden eenlingen die samen geen effectieve vuist kunnen maken. Daar waar wethouders en raadsleden van landelijke partijen via hun contacten met provinciale en landelijke bestuurders iedere dag gemeentelijke diplomatie bedrijven, is dit voor lokale partijen een stuk moeilijker, zo niet onmogelijk.

Dacht u echt dat het Rotterdam gelukt zou zijn de Van Ghentkazerne te behouden als burgemeester Aboutaleb niet van de PvdA maar van Leefbaar Rotterdam lid was geweest? Wie vindt dat gemeenten hun belangen effectief in Den Haag en Brussel behartigen kiest daarom een landelijke partij. Dat maakt het ook makkelijker om slecht doordacht beleid aan de kaak te stellen, iets wat landelijke partijen veel overtuigender kunnen doen omdat zij in tientallen, zo niet honderden gemeenten aanwezig zijn.

Alles wijst erop dat de kwaliteit van lokale partijen zeker niet beter is dan die van de landelijke. Onderzoek van Binnenlands Bestuur laat zien dat wethouders van lokale partijen veel vaker de eindstreep niet halen dan die van landelijke partijen. En bij de uitverkiezing van het beste raadslid van Nederland zaten slechts vier raadsleden van lokale partijen, tegenover acht van landelijke. Ook hier is de oorzaak van structurele aard: lokale partijen missen de steun in de rug van een landelijk partijapparaat dat ze helpt bij het selecteren en scholen van politici. En gaat het echt fout dan is er geen landelijke partij die hard kan ingrijpen, zoals de VVD deed met haar afdeling in Heemskerk die wegens intern gerommel van de kieslijst werd gehaald.

Wie stemt op een lokale partij, stemt op de lang vergane illusie van de gemeente als een autonome politieke gemeenschap; op het waanidee dat een gemeente die met haar rug naar de rest van de wereld staat, vrede en voorspoed voor haar inwoners kan brengen. Het tegendeel is waar. In een wereld waarin bestuurslagen steeds afhankelijker van elkaar zijn, hebben we de landelijke partijen nodig om de bestuurslagen met elkaar te verbinden, ideologisch consistente keuzes te maken en de kwaliteit van het lokale bestuur op peil te houden. Stemmen op de lokalen: het voelt misschien goed, maar uw stem verdwijnt na 19 maart in het zwarte gat van de lokale democratie.