Intimidatie Krim van westerse pers

Om macht en eenheid uit te stralen, richten Russen op de Krim zich tegen westerse journalisten.

RTL-journalist Olaf Koens (rechts) doet verslag bij Belbek waar Oekraïnse soldaten zich verzetten tegen de bezetting van De Krim door het Russische legerFoto Shaun Walker

Op de Facebook-pagina van Olaf Koens is een video te zien van hoe hij op 7 maart door drie mannen wordt tegengehouden terwijl hij Oekraïense soldaten probeert te interviewen die op hun basis zijn ingesloten door pro-Russische milities. De verslaggever van RTL Nieuws en de Volkskrant wordt luidkeels verweten een provocateur te zijn die onrust wil stoken op de Krim. Een dag eerder kreeg Dimiter Kenarov, journalist voor het Pulitzer Center on Crisis Reporting, in de hoofdstad Simferopol een pistool tegen zijn hoofd van onbekende gewapende mannen, die hem beroofden van zijn telefoon.

Journalisten op de Krim werden de afgelopen drie weken belemmerd en geïntimideerd tijdens hun werk. Het Oekraïense Instituut voor Massa Informatie telde sinds 17 februari al zo’n 75 al dan niet gewelddadige incidenten gericht tegen journalisten.

„Het lijkt alsof er een collectieve psychose is neergedaald op de Krim.” Via Skype beschrijft Olaf Koens vanuit Simferopol de broeierige anti-westerse sfeer die heerst rond het referendum van afgelopen zondag. Bijna 97 procent van de inwoners van de Krim stemde die dag in met de aansluiting bij Rusland. Koens: „Het zijn gewone mensen die je meteen uitmaken voor collaborateurs. In Sebastopol begon een oude vrouw zomaar tegen me te schreeuwen: ‘Jouw grootouders zijn niet in de oorlog gestorven!’ Ik was daar heel verbolgen over, want dat is wel zo. En dan staat er zo’n vrouw te gillen van niet.”

Reporters Without Borders, een organisatie die zich inzet voor persvrijheid wereldwijd, vreesde begin maart nog dat de incidenten tegen journalisten moesten zorgen voor minder verslaggeving over de Krim. Nu lijken ze vooral bedoeld om te intimideren en Russische superioriteit uit te stralen. Afgelopen zaterdag stormden in Simferopol twintig zwaargewapende commando’s Hotel Moskva binnen, de plek waar veel internationale journalisten verbleven. Sommigen van hen werden onder schot gehouden en gefouilleerd tijdens een zogenaamde ‘veiligheidsoefening’.

Geweld tegen – of intimidatie van – journalisten is geen nieuw verschijnsel, maar zeker wel een trend. Sinds de Balkanoorlogen in jaren negentig is het woord ‘PRESS’ op een auto of kogelvrij vest geen schild meer, maar een schietschijf. Lokale en buitenlandse journalisten worden gegijzeld, ontvoerd of vermoord in conflictgebieden als Syrië, Afghanistan en Jemen. Dat levert soms geld op, maar schrikt vooral pottenkijkers af. Volgens het Committee to Protect Journalists waren de laatste twee jaar de bloedigste voor journalisten, sinds de telling begon in 1992. In 2012 werden 74 journalisten vermoord, in 2013 70. Geteld worden moorden waarbij het motief bekend was: gedood vanwege hun beroep.

Koens is sinds vorige week weer terug op het schiereiland, na een paar dagen in Moskou. Dit keer zonder zijn cameraman. „Uit veiligheidsoverwegingen. Een camera is hier een magneet voor malloten met wapens.” Voorlopig doet hij alleen gesprekken bij een satellietwagen en werkt hij met een kladblok. „Ik pas op mijn tellen.”

De Nederlandse journalisten lijken het nog redelijk gemakkelijk gehad te hebben op de Krim, blijkt uit de berichten van onder andere Amnesty International. Op 9 maart werden twee Oekraïense verslaggevers van tijdschrift Ukrainsky Tizhden bij een checkpoint bij Sebastopol drie dagen gegijzeld. Een dag eerder belaagden gewapende mannen in dezelfde stad zeven journalisten van Oekraïense televisiezenders terwijl ze de bestorming van een militaire basis wilden verslaan. Zij liepen verwondingen op, waaronder gebroken vingers. Een Italiaanse collega werd kortstondig gegijzeld en in elkaar geslagen.

Bij een wegversperring op weg naar Simferopol werden op 9 maart de drie kogelvrije vesten en twee helmen van Saskia Dekkers, verslaggever van Nieuwsuur, geconfisqueerd door Kozakken en mannen van de Berkoet – de uit Kiev verdreven oproerpolitie. „Ze zochten nadrukkelijk naar de vesten”, vertelt Dekkers. Accu’s en camera’s lieten deze grenswachters toen nog ongemoeid. Later veranderde dat. De Franse journalist David Geoffrion moest op 13 maart zijn filmmateriaal wel afstaan toen hij kortstondig gegijzeld werd door een pro-Russische militie. Hetzelfde overkwam ook Noorse verslaggevers en collega’s van de BBC en Associated Press.

Saskia Dekkers werd bedreigd en ervan beschuldigd ‘CIA-agent’ te zijn. Werken op de Krim deed haar denken aan haar reportages in de onrustige Franse banlieues. „Burgers die achter je staan en je in de rug duwen. Je kunt door alle opwinding niet rustig uitleggen wat je aan het doen bent”.

De dreiging kwam volgens Dekkers vooral van de onherkenbaar uitgedoste burgermilities en militairen, omdat onduidelijk was wat voor autoriteit ze daadwerkelijk hadden – afgezien van autoriteit door wapens. „Maar je moet je niet laten intimideren, al kost het wel veel energie”.

    • Hans Klis