Een rot randje aan de Rijn

Tot de verkiezingen van morgen doet nrc.next verslag van hete hangijzers // Lokale kwesties zeggen veel over de samenleving // Wat als er een ruim 40 meter hoge silo komt in de gemeente aan de andere kant van de rivier?

Aan de overkant staat de silo van het bedrijf AgruniekRijnvallei waarnaast de grotere silo moet verrijzen. foto jasper juinen

Als in ons krappe Nederland ergens de schijn van ruimte en natuur bestaat, dan koesteren we die. Om natuurgebiedjes plaatsen we hekken, zodat het groen niet kapot gaat of verandert door iets ongeplands. We houden nauwlettend in de gaten hoe flora groeit, zodat we bij kunnen sturen als iets dood dreigt te gaan. Zo gaat dat ook in en rondom Rhenen, een middeleeuws stadje langs de Rijn, naast de Grebbeberg, onderdeel van de Utrechtse Heuvelrug. Er zijn bossen en heidevelden, kastelen, en er is ook veel agrarisch landschap. Het gebied trekt zomers een hoop toeristen.

Een groot deel van hen komt Rhenen binnen op de fiets. Het terras van Tante Loes puilt op zomerse dagen uit met wielrenners in felgekleurde broekjes. Naar Tante Loes ga je niet voor het fantastische eten, schrijven bezoekers van de beoordelingswebsite TripAdvisor, je komt er voor het terras; dat biedt een ‘fenomenaal’ uitzicht op de Rijn en uitgestrekte velden.

Precies dat uitzicht wordt bedreigd. Vanaf het terras gezien aan de overkant van de Rijn, midden in een gebied waarin alles draait om het consumeren en beschermen van natuur, ligt een uiterwaard waar regels van natuurbeschermers niet lijken te gelden; een vrijstaat voor industrie. Zo zien de actievoerders van Comité Middelwaard West (vernoemd naar het betreffende gebied) het tenminste. Want als alles verloopt zoals verwacht, verrijst pal langs het water een grijze graansilo van bijna 45 meter hoog. Hoe is dat mogelijk, in een gebied waar de natuur van regels aan elkaar hangt?

Ruzie met Buren

Toen de plannen 2,5 jaar geleden bekend werden gemaakt, was niemand in Rhenen blij. Peter Valkenburg, uitbater van Tante Loes, is er nog steeds „verschrikkelijk overstuur van”. Het gaat niet alleen om het uitzicht dat verandert, hij is ook bang dat de ‘fabrieksgeur’ sterker wordt als de productie met komst van de grote silo omhooggaat. En dat die geur dan richting het terras zal waaien. „Als je met je prakje buiten zit is dat vreselijk.”

VVD-wethouder Henk van den Berg denkt dat de bouw van de silo een economische doodsteek voor zijn stad betekent. „Wij moeten het hebben van mensen die recreëren langs de Rijn. Van toerisme in de zomer.” En wie wil er nou recreëren met uitzicht op zo’n ‘lelijk ding’?

Zijn collega’s van de andere politieke partijen zijn het met hem eens. Dan lijkt een oplossing niet ver weg. Het probleem is: het terrein waar de silo komt ligt in Buren. Dat is een andere gemeente én een andere provincie. De grens tussen de twee plekken, die door het midden van de Rijn loopt, is volgens de wethouder ‘net een stenen muur’. Van den Berg: „We worden nooit meegenomen bij ontwikkelingen aan de overzijde. En dat nemen we ze kwalijk. Het is schoffering naar je buren toe.”

Door de strenge regels mogen ze in Rhenen langs de Rijn „nog geen kippenschuurtje bouwen”, zegt de wethouder. „Maar aan de overkant mag alles. Ik kan dat niet rijmen in Nederland.” Aan ‘de overkant’ staat nu ook industrie, maar de bebouwing is veel lager en kleiner dan de geplande silo.

De reden dat het kleine stukje is vrijgesteld van strenge natuurregels, vindt zijn oorsprong in de steenindustrie. Sinds honderd jaar zijn er al steenfabrieken en pottenmakerijen langs de Rijn, ook op de bewuste plek aan de uiterwaard, en daarom staat in het bestemmingsplan nog steeds dat er industrie mag zijn. Van den Berg: „Maar dat er zo gigantisch uitgebreid kan worden, dat snap ik niet. Daar zijn we boos over.”

‘We’ dat zijn ook de 1.240 mensen (de gemeente telt ruimt 19.000 inwoners) die zich hebben zich aangesloten bij actiecomité Middelwaard West – zo heet het te bebouwen gebied. Onder leiding van Tine van der Stroom wordt sinds 2011, toen de plannen voor de silo bekend werden, gestreden tegen ‘het rotte randje van de parel aan de Rijn’. Van der Stroom is door boze bewoners van Rhenen gevraagd het comité te leiden omdat ze vroeger burgemeester van Heemstede was, ze weet hoe politiek werkt. Zeven jaar geleden ging Van der Stroom met pensioen, ze verhuisde naar Rhenen omdat ze uit haar ambtwoning moest en langs de Rijn wilde wonen. Straks bederft die silo haar uitzicht ook.

„Wat hier gebeurt is zeer verwerpelijk; midden in allerlei natuurgebieden komt een industrieterrein. Daar wil ik tegen vechten.” Van der Stroom is fanatiek: ze deelt folders uit, voert gesprekken met gedupeerden en betrokkenen, schrijft lange brieven en houdt alles bij.

Vorige maand bezocht ze samen met een groep Rhenenaren een commissievergadering in Buren, om hun onvrede te uiten. Een aantal van hen zong een vurig lied dat de sentimenten weergeeft:

Ja, buren zijn wij

maar met Buren niet blij

Wij vinden dat u ons bedroog

En houden daarom dit betoog:

Als Buren heeft u echt de plicht

Behoud ons uitzicht

(Op de melodie van Oh, Waterlooplein)

De Burense VVD-wethouder Gert-Jan van Ingen is dat soort commotie wel gewend. Hij heeft zelf dertig jaar een ontwikkelend bouwbedrijf gehad en met ontelbaar veel actiegroepen gesproken. „Als er iets verandert in de omgeving staan mensen altijd op hun achterste benen, zelfs als er amper iets aan de hand is. Maar als we in de Middeleeuwen terughoudend hadden gehandeld, had het er nu nog steeds uitgezien zoals toen.”

Niet veel inspraak

Van Ingen vindt de geplande bebouwing best mooi en denkt dat het uitzicht vanuit Rhenen niet veel zal verschillen met nu. „We zijn Rhenen juist behoorlijke tegemoet gekomen”, zegt hij. Eerst zou de silo zestig meter hoog worden, maar dat is verminderd naar maximaal 45 (de bebouwing wordt daardoor wel breder dan aanvankelijk de bedoeling was). En in de Rijn wordt een eiland met begroeiing aangelegd om een deel van het uitzicht te verbloemen.

Dat Rhenenaren niet veel inspraak hebben gekregen, hebben ze „een beetje aan zichzelf te danken’’, zegt Van Ingen. „Toen ik net wethouder werd, heb ik gevraagd: kom rond de tafel zitten dan hebben we het erover.” Die bijeenkomst hebben de actievoerders volgens de wethouder gebruikt om „munitie te verzamelen om terug te schieten”.

„In Rhenen is een flyer uitgedeeld met een foto van een enorm industrieel gebouw, dat zag er heel erg uit. Er werd een situatie geïnsinueerd die niet de werkelijkheid trof. Het is moeilijk om met zo’n groep te praten.”

In Buren is er amper boosheid over de silo langs de Rijn. Er zijn weinig inwoners van de gemeente die er in de toekomst op uit zullen kijken omdat het verder van de bebouwde kom afstaat.

Deze zomer hoeft Rhenen nog niet te vrezen voor hun uitzicht over de Rijn: het bestemmingsplan ligt nog zes weken ter inzage. In die periode kunnen mensen beroep aantekenen bij de Raad van State (het hoogste beroepsorgaan in Nederland). Dat gaat gebeuren, weet wethouder Van Ingen nu al. De bouw begint op zijn vroegst eind 2014.

    • Kim Bos