CPB ziet lagere groei door beperking van gaswinning

Planbureau: de economie herstelt de komende twee jaar licht

Economie krabbelt op

De zachte winter en het besluit om de gaswinning in Groningen vanwege aardbevingsrisico’s te beperken, drukken het economisch herstel van Nederland. In 2014 pakt de groei van het bruto binnenlands product (bbp) daardoor een half procentpunt lager uit dan anders het geval zou zijn geweest, en in 2015 een kwart procentpunt. Dat zei directeur Laura van Geest van het Centraal Planbureau (CPB) vanochtend bij de presentatie van het Centraal Economisch Plan.

Het planbureau voorspelt een voorzichtig economisch herstel voor de komende twee jaar. Worden de effecten van de verminderde gasopbrengst buiten beschouwing te laten, dan „loopt de marktsector, de motor van de Nederlandse economie, keurig in pas met de eurozone”, zei Van Geest.

Het economisch herstel kent overigens een groot aantal onzekerheden, zo lichtte Van Geest toe. Mogelijke deflatie in de eurozone, die het planbureau overigens niet verwacht, tegenvallende groei in China en andere opkomende economieën en het vertragen van de groei in de wereldhandel of het stijgen van de olieprijs vanwege de politieke crisis in de Oekraïne – allemaal kunnen ze de economische groei drukken. Hoewel dat volgens Van Geest niet tot krimp zal leiden.

Van Geest verwees ook naar een nieuwe stresstest voor Europese banken, die dit jaar plaatsvindt. Mocht daaruit blijken dat de bankensector nog steeds zwak is, dan heeft dat mogelijk een negatief effect op de groei. Van Geest pleit voor „een strenge stresstest”, om te voorkomen dat banken lang kunnen blijven kwakkelen met slechte leningen. Een van de redenen voor het relatief langzame herstel in Europa is volgens het planbureau de voorzichtige aanpak van zwakke banken.

Cruciaal is volgens Van Geest hoe overheden op de stresstest reageren. „Als er onheil naar boven komt, handel dan kordaat.” Een harde en snelle ingreep is volgens Van Geest de beste weg. Banken moeten onder druk worden gezet hun kapitaalpositie te verbeteren. Dat zou niet moeten door „het verkorten van de balans”, oftewel het verminderen van de kredietverlening. Dat heeft juist weer een vertragend effect op de economie. Eerder zouden banken hun kredietverlening op peil moeten houden, en op zoek moeten naar nieuw kapitaal.

Zorgen over het begrotingstekort zijn er ook. Van enkele kabinetsmaatregelen is nog onzeker of ze voor het tekort zo ongunstig uitvallen als gehoopt. Dat geldt vooral voor de hervorming van de langdurige zorg en het afschaffen van stamrecht-bv’s.