Terugkijken: de oorlog van dichtbij in documentaire ‘Yassine naar Syrië’

Foto VPRO

Via Facebook en Twitter leerde fotojournalist Yassine El Idrissi veel Syriërs kennen. Op die manier volgde hij de oorlog op de voet. Maar niet goed genoeg, vond El Idrissi: hij wilde het zelf zien, horen en voelen. En dus ging hij van Amsterdam naar Syrië.

El Idrissi komt uit Marokko. Hij studeerde even bedrijfskunde, was even grafisch ontwerper, en werd daarna fotojournalist. Maar omdat hij te weinig van zichzelf in zijn werk kwijt kon, wilde hij filmmaker worden. Zijn debuut, Waiting for the Snow (2009) werd een internationaal succes, op vijftien filmfestivals te zien.

In 2011 ging hij naar Nederland voor een master aan de filmacademie. Het was het begin van de Arabische Lente. En het begin van de opstanden in Syrië, die inmiddels zijn uitgegroeid tot een bloedige burgeroorlog.

El Idrissi werd erdoor gegrepen en wilde zijn internetcontacten echt ontmoeten. In acht maanden tijd reisde hij tweemaal naar Syrië. Daar ontmoette hij de inwoners van de stad Saraqib. Zoals Abdul, een fysiotherapeut die graven van oorlogsslachtoffers verzorgt. En de zus van Ilyas, met wie hij reist, die haar kinderen overal van weg probeert te houden. De documentaire gaat over hun dromen - hoe zien ze de toekomst?

‘Niemand mag onverschillig zijn’

Saillant detail is dat de ouders van El Idrissi pas vorige week hebben gehoord dat hij naar Syrië is afgereisd, vertelde hij vandaag aan de Volkskrant. Hij moest het wel vertellen, vanwege de uitzending van vanavond. In een eerder interview met NRC Handelsblad (€) zei Idrissi niet van onverschilligheid te houden.

“Zie je die man daar op straat? Wat zou je doen als hij nu, terwijl we naar hem kijken, wordt neergestoken? Je zou hem helpen. Je zou je schuldig voelen als je niets zou doen. Diezelfde betrokkenheid moeten we hebben met mensen die duizenden kilometers verderop wonen en lijden.”

“Niemand mag onverschillig zijn. Ik vind het heel fout als mensen zeggen: het Palestijns-Israëlisch conflict is ontzettend ingewikkeld en daarom wil ik er niet over praten. Als je je mond houdt terwijl je weet dat ergens een misdrijf plaatsvindt, ben je zelf ook een crimineel. Je moet slachtoffers helpen. Dat is de belasting die je als mens moet betalen. Je kunt niet simpelweg beweren dat je niet weet wat je moet doen. Je moet je in een probleem verdiepen en dan moet je een standpunt innemen. Als mens ben je verplicht om ergens iets van te vinden.”

Tv-recensent Hans Beerekamp schrijft vanmiddag in zijn rubriek Zap in NRC Handelsblad over de documentaire. Lees hier het artikel (€).