Nieuwe borsten, uit eigen beenvet

Er is een nieuwe methode om borsten te reconstrueren na borstkanker: met vet en huid van de bovenbenen.

Door nieuwe chirurgische technieken kunnen meer vrouwen in aanmerking komen voor een borstreconstructie met eigen weefsel. Twee plastisch chirurgen van het Maastricht UMC, Stefania Tuinder en Darren Booi, promoveerden vrijdag op dit onderwerp.

Tuinder ontwikkelde een techniek om het benodigde weefsel van de bovenbenen te kunnen oogsten. Bij borstreconstructies wordt tot nu toe vaak een lap van de onderbuik gebruikt. Maar sommige vrouwen waren te mager om voldoende weefsel voor zo’n operatie te hebben. Of ze vielen af omdat ze al eerder een buikoperatie hadden gehad en daardoor littekens hadden op die plek.

Voor die groep heeft Tuinder goed nieuws: „Een borstreconstructie uit bovenbeenweefsel kan eigenlijk bij iedereen. Het blijft wel tweede keus; de buik is nog altijd beter. En bij sommige vrouwen kan het weefsel ook van de bovenkant van de billen worden gehaald.”

Tuinder en haar team hebben de borstreconstructie uit het bovenbeen nu met succes bij tien patiënten uitgevoerd. Daarmee lopen ze internationaal voorop; in Europa is Maastricht tot nu toe de enige plek waar deze operatie is uitgevoerd. Tuinder: „We hebben onze resultaten gepresenteerd op een congres in de Verenigde Staten. Daarna heeft de Amerikaanse chirurg Bob Allen, die in 1994 de eerste borstreconstructie met buikweefsel uitvoerde, deze operatie ook met succes in zijn kliniek uitgevoerd.”

Op de bovenbenen van de geopereerde vrouwen blijft wel een ontsierend litteken achter. Dat kan soms net verdwijnen achter de bikini, maar in ieder geval zit het zo hoog dat de vrouw een rok kan blijven dragen, verzekert Tuinder. „Met deze reconstructie kunnen we vaak in één moeite het figuur van vrouwen verbeteren”, zegt Tuinder. „Het weghalen van het benodigde weefsel is dan een soort liften.”

Een vervelende complicatie bij borstreconstructies met eigen weefsel is dat soms een deel van de verplaatste weefsellap verhardt of zelfs afsterft. Dat gebeurt als de nieuwe borst niet van voldoende bloed wordt voorzien. Vooral het fijn vertakte stelsel van bloedvaatjes aan de randen van de huidlap is daar gevoelig voor. Nadat de chirurg zorgvuldig de bloedvaten van de huidflap heeft aangesloten op de circulatie van de nieuwe plek, kan het wel enige uren duren voordat de doorbloeding in de randen van de huidflap is hersteld, ontdekte promovendus Darren Booi.

Toediening van het aminozuur arginine vlak na de ingreep kan de complicaties die het gevolg zijn van een langzaam op gang komende doorbloeding sterk verminderen, ontdekte Booi in een kleinschalig experiment met patiënten. Van arginine is bekend dat het de doorbloeding van weefsel kan stimuleren.

In de regio Maastricht worden jaarlijks zo’n 150 borstreconstructies met eigen weefsel uitgevoerd, zegt promotor van Tuinder en Booi, René van der Hulst. Het zijn complexe operaties legt hij uit, die per borst wel 5 tot 7 uur kunnen duren. Toch weegt het op tegen de eenvoudiger oplossing met een implantaat, zegt hij. „De ervaring is dat vrouwen die een borstimplantaat krijgen in hun leven nog een paar keer geopereerd moeten worden vanwege kapselvorming en lekkage. Met een borstreconstructie van eigen weefsel zijn vrouwen als alles goed gaat in één keer klaar. Qua kosten en belasting voor de patiënt ontlopen deze behandelingen elkaar niet veel. Het moet afhangen van de individuele patiënt wat de beste oplossing is.”

    • Sander Voormolen