Engelachtige Jezuspartij van vrouwen Kinderkoor

Met bulderend orkest, een operatesk bozige Jezuszanger en vervormde Bachcitaten leek de St John Passion van James MacMillan in 2008 bijna gewelddadig de confrontatie met Bachs almachtige passies aan te willen gaan. Maar dat grootse gebaar blijkt ook een langetermijnstrategie: de katholieke Schot wil alle vier evangeliën toonzetten in steeds intiemere bezetting, eindigend met een puur vocale passie van Matteüs.

Niet dat MacMillans tweede passie, tijdens de ZaterdagMatinee in Nederlandse première, de forse middelen van diens eerste schuwt. Zijn nieuwe St Luke Passion is weliswaar slechts vijf kwartier en geschreven voor relatief klein orkest. Maar een monumentaal driewerf ‘Maria!’ waarmee het werk opent, benut meteen de volle registers van orgel, Radio Filharmonisch en Groot Omroepkoor.

Solozangers ontbreken volledig, de rol van evangelist wordt door gemengd koor overgenomen. Dat is wellicht een ode aan de Engelse koortraditie en werkt goed in scènes van volksoproer, maar doet elders gekunsteld aan en bemoeilijkt identificatie. Wél effectief blijkt de invulling van de Jezuspartij. Zijn tekst werd kwetsbaar en engelachtig vertolkt door de jonge vrouwen van het Nationaal Kinderkoor, vaak begeleid door harparpeggio’s op orgel, als ontroerend contrapunt bij al het geweld. In deze passages weet MacMillan meer te zeggen met minder, zoals in het gebed in Getsemane op één herhalende noot: bezwerend en berustend.

    • Floris Don