Eigen inbreng bij een muziekles is belangrijk

foto thinkstock

Viool of cello leren spelen gaat niet vanzelf. Het duurt wel een half jaar voor een kind een liedje kan spelen. Wat zorgt ervoor dat jonge kinderen het volhouden? Ontwikkelingspsychologe Elisa Kupers (27) filmde anderhalf jaar lang acht muziekdocenten en hun 38 beginnende leerlingen, kinderen van 3 tot 11 jaar. Autonomie blijkt de sleutel.

Hoe blijft een kind lol houden in muziekles?

„Een les hoeft heus niet altijd leuk te zijn. Frustraties zijn logisch, want het is moeilijk om viool of cello onder de knie te krijgen. Maar kinderen moeten voldoende motivatie hebben om door te willen gaan. Dat lukt als ze zelf iets te zeggen hebben in de les. Dat geeft hen een gevoel van autonomie. Een leraar kan bijvoorbeeld vertellen wat een kind moet doen, of zeggen wat nog niet goed gaat. Maar hij kan ook vragen: ‘Hoe vond jij het klinken? Vind je dat er nog iets beter kan?’ Dan heb je meer kans dat een leerling ermee aan de slag gaat.”

Deden docenten dat ook?

„Zeker, maar het hing af van hun lesstijl én van de leerling. Er was bijvoorbeeld een meisje van 5, Milou, dat het erg goed deed. Ze ging snel vooruit, maar ze was heel verlegen. In de loop van de tijd ging de docent steeds meer invullen en opdragen, waardoor Milou zich nog verder terugtrok. Zo ging het bergafwaarts. Ze is uiteindelijk gestopt met de lessen. Deze interactie kan zich ook juist de goede kant op ontwikkelen, als leerlingen ruimte krijgen voor eigen inbreng.”

Leren ze dat niet op het conservatorium?

„Dat weet ik niet. De ervaren leraren in mijn onderzoek letten heel goed op de technische vaardigheden van hun leerlingen. Die bouwden ze steeds een stukje verder uit, ze zagen waar hun pupillen op dat moment aan toe waren. Maar op het gebied van autonomie ging het niet altijd goed. Sommige docenten waren dan ook blij met mijn opnames. Ze willen die gebruiken om met stagiaires dingen van te leren.”

Bij Mozart werkte een autoritaire vader toch prima?

„Op korte termijn zorgt de angst voor straf er wel voor dat iemand doorgaat. Maar op langere termijn haken leerlingen dan toch vaak af. Voor de intrinsieke motivatie, de wil van binnen om iets te doen, is een gevoel van autonomie erg belangrijk.”

En als een kind nu heel autonoom op de grond gaat liggen?

„Als een kind weigert iets te spelen, kun je twee dingen doen. Een docent vroeg: ‘Prima, wat wil jij dan doen?’ Een andere docent legde uit waarom iets belangrijk was om te oefenen. Bijvoorbeeld om de stok op een bepaalde manier vast te houden. Als je te veel knijpt krijg je een krakend geluid, als je mooie tonen wilt horen moet je het anders doen. Zo kreeg ze via een omweg de leerling toch weer mee.”

Niki Korteweg