Eerste boeken zijn verbrand

In het oosten groeit de onrust. Pro-Russische activisten blokkeren gebouwen en eisen een referendum.

Kozakken bewaken het regioparlement op de Krim in Simferopol (boven),pro-Russische demonstranten in Donetsk (midden),vermoedelijk Russische gewapende mannen voor een Oekraïense militaire basis in Perevalnoye, in de buurt van Simferopol (onder). Foto’s AP en Reuters

De eerste politieke boekverbranding in Oekraïne is een feit. Bij een politiek-cultureel centrum in Charkov, de Russisch-talige tweede stad van Oekraïne, werden gisteren op straat boeken over de golodomor (de hongerdood) verbrand. Het centrum, was eerder bestormd en vernield.

Bij hetzelfde gebouw waren vrijdag twee pro-Russische activisten, die het pand toen al wilden bestormen, doodgeschoten, mogelijk door gewapende mannen van de ultranationalistische groep Rechtse Sector.

Rechtse Sector is de club die het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken een en andermaal aanvoert als bewijs dat de macht in Oekraïne in handen is van een onwettige regering die een gevaar is voor de „veiligheid van Rusland en Russen”. In een telefoongesprek met de Duitse kanselier Angela Merkel zei ook president Vladimir Poetin gisteren dat hij „ongerust is over de spanningen die radicale groepen in het Zuidoosten veroorzaken”.

Het Oekraïense parlement heeft op zijn beurt vanochtend besloten tot een gedeeltelijke mobilisatie. Komende anderhalve maand zullen 20.000 militairen en 20.000 manschappen van de binnenlandse strijdkrachten extra onder de wapenen komen.

De selectie van de boekverbranding in Charkov, waarover het persbureau Reuters berichtte, was niet toevallig. De golodomor, waarbij circa vier miljoen Oekraïners crepeerden, is een hoeksteen van de moderne nationale identiteit. De ‘hongerdood’ in 1932/33 was het gevolg van het besluit van sovjetleider Stalin de landbouw met geweld te collectiviseren en koelakken (vrije boeren) te liquideren. De boekverbranding is dan ook een belediging voor veel Oekraïners

Ook Russische boeren in het Volga-gebied stierven massaal door deze politiek gedreven hongersnood. Maar sinds de onafhankelijkheid in 1991 wordt de golodomor in Oekraïne in brede kring opgevat als ‘genocide’ tegen de van oudsher vrije boerenstand en dus het Oekraïense volk. Dat een van de weinige overgebleven foto’s van de golodomor juist in Charkov is genomen – een stervende op straat, en andere uitgemergelde sovjetburgers die voorbij lopen – maakte het tafereel met de boeken extra significant.

Het was in Charkov het hele weekeinde onrustig. Net als in Donetsk en Loegansk, de andere grote industriesteden in het Russisch-talige oosten van Oekraïne, kwamen in Charkov pro-Russische activisten op straat om hun aanhankelijkheid jegens Moskou te etaleren en president Poetin om hulp en interventie te vragen.

Ze probeerden overheidsgebouwen te blokkeren – zoals het gebouw van de staatsveiligheidsdienst SBOe en het openbaar ministerie – en betoogden bij het consulaat van Polen, de EU-lidstaat die de huidige regering in Kiev het meest steunt. Het vocabulaire van veel pro-Russische demonstranten was overigens nogal pover. Op internetfilmpjes klinkt naast de yells voor ‘Rossija’ en ‘Poetin’ vooral het woord ‘pederast’ (homo).

In Donetsk kreeg het pro-Russische protest meer voet aan de grond. Activisten bezetten korte tijd het gebouw van de SBOe en het kantoor van de door Kiev aangewezen gouverneur Sergej Taroeta. De betogers maakten ook aanstalten om het hoofdkantoor van de kolen- en staalondernemer Rinat Achmetov te bezetten. Achmetov, tot voor kort bondgenoot van de gevluchte president Janoekovitsj, is met een vermogen van ongeveer 15 miljard euro Oekraïnes rijkste oligarch.

De pro-Russische activisten eisten niet alleen het ontslag van gouverneur Taroeta en zijn vervanging door hun eigen ‘volksgouverneur’ maar ook een referendum à la de Krim over een nieuwe onafhankelijke status van de Donbas-regio die economisch grotendeels afhankelijk is van Rusland.

Volgens secretaris Andrej Paroeby van de Oekraïense veiligheidsraad maakten de acties deel uit van een in Moskou geëntameerd plan om onrust in het zuiden en oosten te zaaien. Het plan zou, net zoals de spandoeken op de Krim, ‘Russische Lente’ zijn gedoopt. Volgens Paroeby is het mislukt omdat in het zuiden te weinig mensen op de been kwamen. Paroeby wordt in Rusland als een exponent van het „fascisme” gezien. Ruim twintig jaar geleden was hij kort geestverwant van de rechts-nationalist Igor Tjagnibok van de partij Svoboda (Vrijheid). Nu is Paroeby parlementslid voor regeringspartij Batkivsjtsina (Vaderland) van premier Jatsenjoek.

    • Hubert Smeets