‘We zijn op het ergste voorbereid’

Zondag kiezen bewoners van de Krim voor of tegen aansluiting bij Rusland. De gediscrimineerde minderheid van Tataren vreest de uitslag: „Je kunt wel vrienden zijn met een Rus, maar zorg dat je altijd een bijl bij je hebt.”

Gulara Bichenova woont met haar drie kinderen in een zelfgebouwde enclave van Krim-Tataren vlak buiten de hoofdstad Simferopol. Ze gaan niet stemmen: „Dat zou betekenen dat we het referendum erkennen.” Foto’s Pierre Crom

Als de Russen komen, haar huis omsingelen, het water afsluiten en de gaskraan dichtdraaien, dan kan Gulara Bichenova een maand vooruit. „We hebben genoeg eten en water”, vertelt ze bij een kop thee in haar huiskamer op de Krim. „We zijn op het ergste voorbereid.”

Gulara (55) woont met haar drie volwassen kinderen in een zelfgebouwde enclave van Krim-Tataren vlak buiten de hoofdstad Simferopol. Rustig veegt ze denkbeeldige kruimels van het plastic tafelkleed als ze over dit scenario praat. Maar de Russen uit haar verhaal zijn al op de Krim. En ze zijn er na het referendum van zondag waarschijnlijk definitief de baas.

„Daar wil ik nog niet aan denken”, zegt dochter Alie (31) hoofdschuddend. Ze weigert te geloven dat de meerderheid van de Krim-bevolking werkelijk instemt met afscheid van Oekraïne en aansluiting bij Rusland. Maar er is geen enkele aanleiding om te geloven dat het referendum niet in het voordeel van Rusland uitpakt. Ook omdat veel tegenstanders, onder wie de familie Bichenova, zeggen niet te gaan stemmen. „Het referendum is onwettig”, zegt Alie. „Meedoen zou betekenen dat we het erkennen.”

De Russische machtsgreep op dit schiereiland van Oekraïne heeft de wereld overrompeld. Maar niemand is zo bang als de lokale minderheid van Krim-Tataren. Deze naar schatting 250.000 – etnisch Turkse – inwoners zijn de oorspronkelijke bewoners van de Krim. Altijd al zijn ze er speelbal geweest van grotere machten.

Onder de Tataarse bevolking bestaan weinig illusies dat het Westen hen te hulp zal schieten als de Russen het schiereiland formeel inlijven. „We zijn een pion”, zegt Enver Abduraimov, één van de weinige Tataarse leden van het regionale parlement van de Krim. „In het schaakspel van de wereldmachten zijn wij volstrekt onbelangrijk.”

Abduraimov (41) is overdonderd door wat er op de Krim gebeurd is. Hij wist dat de meeste inwoners zich Russisch voelen, maar de beslissing van het parlement eind vorige maand om Sergej Aksjonov uit te roepen tot premier en zich bij Rusland aan te sluiten, waren alles behalve democratisch. „Ik ben niet naar het parlement gegaan die dag. Ik ga niet stemmen met een geweer op mijn hoofd”, zegt hij over de gewapende Russische bewakers die het overheidsgebouw toen al bezet hadden.

Abduraimov is maar even in de Krim, om het referendum mee te maken. Nadat Aksjonov aan de macht kwam is hij met zijn vrouw en vier kinderen naar München gevlucht. Zijn broer is met diens gezin vertrokken naar de West-Oekraïnse stad Lviv. Over het referendum zegt Abduraimov: „Iedereen belde me dat ze me nodig hadden, dat ik terug moest komen. Maar als het hier Russisch wordt, weet ik niet wat ik doe.”

Liever zelfmoord dan vertrekken

Het is onbekend hoeveel Tataren de afgelopen weken zijn vertrokken, maar iedereen kent mensen die op de vlucht geslagen zijn. Ook vrienden van de familie Bichenova zijn naar Lviv zijn vertrokken. Maar zoon Ridkan (29) veroordeelt mannen die vertrekken. „Dat je vrouwen en kinderen in veiligheid brengt is één ding”, zegt hij. „Maar wij kunnen ons niet nog een keer laten deporteren. Het is beter hier te sterven dan ons opnieuw te laten verjagen.” „Zelfmoord”, zegt zijn moeder, is te prefereren boven vertrek. Alie: „De Krim is ons heilige land.”

Deze dramatische reactie komt niet voort uit concrete dreigementen van de Russische bezetter, het pro-Russische regioparlement, of geweld van de Russische meerderheid op het schiereiland zelf. Sterker nog, Sergej Aksjonov, de nieuwe premier van de Krim-regering, heeft de Tataren begin deze week allerlei beloften gedaan. Ze zouden een Russisch regime niet hoeven vrezen. Ze zouden belangrijke posten in de regering krijgen en hun taal zou officieel erkend worden. Feitelijke vooruitgang ten opzichte van hun situatie in Oekraïne, waar ze die rechten nooit kregen. „Kiev heeft de Krim nooit begrepen”, zegt parlementariër Abduraimov.

De angst van de familie Bichenova heeft alles te maken met hun geschiedenis. Zowel Gulara als haar kinderen werden niet hier op de Krim geboren, maar in ballingschap in Oezbekistan. „Mijn ouders, mijn grootouders, iedereen werd in 1944 gedeporteerd door Stalin”, vertelt Gulara. „Sovjetsoldaten kwamen hen vroeg in de ochtend halen. Ze hadden tien minuten om hun kinderen te verzamelen. Mijn vader werd van zijn moeder gescheiden en heeft haar nooit meer gezien. Hij weet niet waar ze begraven is. Mijn moeder verloor onderweg broertjes en zusjes.”

Vanwege vermeende collaboratie met de Duitse bezetters, besloot Sovjetdictator Joseph Stalin in 1944 voor straf de gehele Tataarse populatie van de Krim naar Centraal-Azië te verbannen. In goederentreinen werden bijna 200.000 Tataren vooral naar Oezbekistan gestuurd. Bijna de helft zou zijn omgekomen.

Tijdens de Sürgünlik, het ballingschap, werden romantische verhalen verteld over de pracht van de Krim waar de Tataren ooit naar terugzouden keren. „Mijn ouders hadden hun hele leven hun gepakte koffers klaar staan om te vertrekken,” zegt Gulara. Maar toen de Sovjetunie uit elkaar viel en zij met haar, inmiddels overleden, man en drie kleine kinderen in 1991 terugkwam, was de Krim verre van paradijselijk. De voornamelijk Russische bevolking van het schiereiland zat helemaal niet op hun terugkeer te wachten. Ridkan: „We waren vertrokken als meerderheid, maar kwamen terug als minderheid.” Op de Krim is nu ongeveer 12 procent van de bevolking Tataar, 58 procent noemt zich Russisch en 24 procent Oekraïens.

Alie vond het moeilijk om te wennen. Er was meer agressie en discriminatie dan in Oezbekistan. Op school noemden andere kinderen haar ‘Tatarenkop’ – om haar Turkse uiterlijk.

De afgelopen dagen heeft ze dat woord weer gehoord. Russen vertellen haar dat ze hier niet hoort, dat ze altijd „thuisloos” zal zijn. Het hek van het huis van de Bichenova’s is onbeschadigd, maar onbekenden hebben X-kruizen gekerfd in hekken en deuren van Tataren. Ridkan en zijn broertje Oskam (23) hebben zich aangesloten bij een buurtwacht die ’s nachts de straten bewaakt, met zaklantaarns, maar zonder wapens. Niet dat ze in het donker meer tegenkomen dan loslopende straathonden. Het dient meer als morele steun voor de gemeenschap dan om werkelijk geweld tegen te gaan. Toch slaapt hun moeder slecht als haar kinderen ‘s nachts buiten zijn.

De enclave van bijna driehonderd huizen die ze beschermen, is de afgelopen twintig jaar van de grond af opgebouwd. De beige bakstenen van de enkele verdieping zijn niet allemaal even recht en de gasleidingen lopen dwars over de stoffige, onverharde weg. „Niemand wilde grond aan ons verkopen toen we terugkwamen, dus zijn we hier maar zelf gaan bouwen”, vertelt Gulara. Sommige voorstanders van de Russische overname zeggen nu dat de Tataren hun land illegaal bezetten.

Zo ging het in 1944 ook, zegt Gulara. „Een conflict dat niets met ons te maken had, maakten dat wij werden verbannen.”

Voor het hek van hun huis staan nog twee containers te roesten waarmee de familie in 1991 uit Oezbekistan terugkeerden. Binnen hangen Turkse kleden en plakkaten met islamitische spreuken. In de kast, tussen de boeken, prijkt een foto van een neefje in het uniform van het Oekraïense leger, genomen tijdens zijn dienstplicht. Zo geïntegreerd zijn de Tataren wel in Oekraïne.

Russische dictatuur

Alie was voorstander van de Maidan-revolutie in Kiev die de Russische president Poetin nu als excuus gebruikt om de Krim te annexeren. „Ik wil wonen in een Oekraïne met meer vrijheden en meer democratie. Niet in een Russische dictatuur. We weten nog al te goed hoe dat was.”

Vrijdagmiddag, na het middaggebed, waren er her en der op de Krim demonstraties waar enkele honderden Tataren met Oekraïense vlaggen stonden te wapperen. Ze hebben zich nooit eerder zo Oekraïens gevoeld, geven ze toe. Maar de meesten zijn thuis gebleven. Imams en politieke leiders hebben hen opgeroepen rustig te blijven en geen gekke dingen te doen. „We wachten het referendum af en zullen ons aanpassen aan de situatie die daarna ontstaat”, zegt Gulara gelaten.

Radkin sluit niet uit dat hij vredig met de Russen kan samenleven. Dat doet hij nu immers ook. Maar hij is altijd op zijn hoede. „We hebben een gezegde. Je kunt vrienden zijn met een Rus, maar zorg dat je altijd een bijl bij je hebt.”

De Bichenova’s vrezen niet voor directe deportatie, maar zijn waakzaam. Zoals ze dat eigenlijk permanent zijn. Die voorraad eten, zegt Gulara, had ze ingeslagen lang voordat de Russen kwamen. „Na wat ons volk is overkomen, zijn we altijd op het ergste voorbereid.”

    • Emilie van Outeren