Racisme is geen grap

Wie een Curaçaose stagiair een ‘boef’ noemt, is niet van deze tijd. Wat vroeger misschien kon, kan nu echt niet meer, schrijft Maral Noshad Sharifi.

ILLUSTRATIE MERLIJN DRAISMA

Op een Haags politiebureau liggen decenniaoude verslagen over mensenhandel en prostitutie. Een agent liet mij daar laatst een krantenadvertentie zien uit de jaren dertig. In een paar regels deed een clubeigenaar een oproep aan ‘gezellige dames’. Hij vroeg de dames in zijn club of bordeel te komen werken. Alle vrouwen waren welkom. Behalve de Jodenmensen.

Ik schrok toen ik die laatste zin las. Op een paar vierkante centimeter krantenpapier leek die zin misschien onschuldig. Tien jaar later niet meer.

Afgelopen dinsdag kwam het Sociaal en Cultureel Planbureau met een rapport over de hoge werkloosheid onder immigranten. Blijkt dat het voor minderheden moeilijk is om een baan te krijgen. Ook omdat ze worden gediscrimineerd.

Een dag later kwam het nieuws over de gekleurde Rotterdamse hbo-student die stage wilde lopen bij ‘Global Financial Institution’ ING en per ongeluk een interne mail ontving waarin hij „die boef uit Curaçao” werd genoemd. Oeps. DiscriLeaks deel twee. Het is namelijk niet de eerste keer dat een racistisch ‘grapje’ tussen twee medewerkers ongelukkig terechtkwam. Ook toen Jeffrey Koorndijk eind vorig jaar solliciteerde voor een stageplek in een elektronicabedrijf. Per ongeluk kreeg hij van nog zo’n grappige medewerker de reactie: „Is niks. Ten eerste een donker gekleurde (neger).” Oeps again.

Geen gekleurde mensen

Arbeidsdiscriminatie is van alle tijden. Alleen wat we acceptabel vinden aan de wijze waarop het zich manifesteert, is veranderd. We zouden het nu raar vinden als er in een vacature staat dat de sollicitant geen Jodenmens mag zijn, een blanke huid moet hebben, op Nederlands grondgebied geboren moet zijn en *bij voorkeur ook de ouders. Toch zijn er genoeg werkzoekende minderheden die bewust of onbewust om die redenen worden afgewezen. Op basis van hun onveranderlijke eigenschappen en niet vanwege een gebrek aan hun kwaliteiten.

Stichting RADAR is een meldpunt voor discriminatie in regio Rijnmond en geeft een paar voorbeelden van recente meldingen. Een Surinaamse vrouw werd niet aangenomen bij nota bene een uitzendbureau omdat de klanten niet „gewend zouden zijn aan donkere mensen”. Een andere vrouw werd afgewezen voor een kantoorbaan vanwege haar „Surinaamse tongval”.

Schrijf dan duidelijk in de vacature dat gekleurde mensen niet welkom zijn. Weet iedereen waar die aan toe is. Wel zo eerlijk.

We oordelen allemaal over elkaar

Discriminatie is soms overduidelijk, soms subtiel of onbewust. Het is het negatieve gevolg van het schaamteloos oordelen over anderen. Dat doen we overigens allemaal, de hele dag door. We oordelen en categoriseren om de wereld te kunnen begrijpen. Maar wat als de wereld ondertussen is veranderd en de categorieën onaangetast?

Ook vroeg ik één van de onderzoekers van het SCP-rapport hoe arbeidsdiscriminatie eruitziet. Door de crisis hebben werkgevers meer sollicitanten om uit te kiezen. De werkgever kiest eerder voor iemand die er ‘vertrouwelijk’ uitziet. Dat wil zeggen als de werkgever weinig omgang heeft met minderheden in zijn omgeving dan is de kans groot dat hij voor de autochtone Nederlander kiest. Onbekend maakt onbemind.

Minderheden komen ook moeilijk aan een baan omdat ze moeten opboksen tegen negatieve stereotyperingen over eigenschappen zoals hun ‘boevige afkomst’, of hun donkere huidskleur.

Het is hoog tijd dat we onze vooroordelen aanpassen en de wereld nemen zoals die is. Want een zogenaamde ‘luie, uitkeringstrekkende allochtoon’ is gewoon lijsttrekker van een lokale libertarische partij. En Marokkaanse jongens, die ‘gasten die homo’s in elkaar trappen’, zijn gewoon homo’s die zelf een boot regelen voor de volgende Gaypride.

Die hbo-student die stage wil lopen bij de ING is geen boef uit Curaçao. Hij is het slachtoffer van een machthebbende deel van de samenleving die stijgende mensen naar beneden trapt en jongeren hun toekomst ontneemt. Racistische boeven noem ik ze, en dat is geen grap.