Next checkt – mooi! Maar het vraagt om heldere normen

Er zijn geen feiten, alleen interpretaties. Over die uitspraak van Nietzsche is veel te doen geweest in de filosofie – en journalisten kunnen zich er maar het beste niet te lang het hoofd over breken. Dat houdt maar op, op weg naar de feiten. Na een klacht veranderde het oordeel ‘grotendeels onwaar’ een dag later

Er zijn geen feiten, alleen interpretaties. Over die uitspraak van Nietzsche is veel te doen geweest in de filosofie – en journalisten kunnen zich er maar het beste niet te lang het hoofd over breken. Dat houdt maar op, op weg naar de feiten.

Na een klacht veranderde het oordeel ‘grotendeels onwaar’ een dag later in ‘half waar’

Maar soms ontkom je er niet aan. Dat bleek mij bij het nalezen van een week afleveringen uit de rubriek next checkt, naar aanleiding van een klacht.

De directeur van de stichting Regiobranding Zuid-Limburg vond het onjuist dat zijn uitspraak dat er vanuit zijn regio „binnen een uur reizen 2,2 miljoen banen zijn” als ‘grotendeels onwaar’ was beoordeeld. Hij trok aan de bel en warempel, een dag later bleek zijn bewering ‘half waar’ (Stelling van gisteren: half waar, nrc.next, 28 februari).

Over die zaak straks meer, maar eerst dit. Next checkt, ingevoerd door de vorige chef van nrc.next, Rob Wijnberg, is een veelgelezen rubriek. Nu, met de gemeenteraadsverkiezingen in zicht, wordt die soms doorgeplaatst in NRC Handelsblad. Dat gebeurde ook met de herziene aflevering over Limburg (Werk genoeg voor Zuid-Limburgers, als je maar wilt reizen, 28 februari).

In mijn ogen is de rubriek nog steeds een pareltje voor de ochtendkrant. Niet alleen omdat je er veel van opsteekt – over de dikte van een pizza, benzineaccijns, de kosten van een F-16, de broodgeur in supermarkten (nee, meestal is die geen nep) en veel meer. Maar ook omdat de manier waarop de next-redactie het aanpakt, als het goed is, laat zien hoe journalistiek onderzoek werkt: wie moet je bellen, waar moet je zoeken, welke cijfers zijn eigenlijk relevant, et cetera.

Overigens, voordat filosofen in de pen klimmen: het gaat natuurlijk niet om het checken van feiten (een feit is een feit, nietwaar), maar van beweringen.

De angel zit hem in het oordeel onder de streep. De redactie gebruikt daar een aantal categorieën voor, niet alleen ‘waar’ en ‘onwaar’, maar ook ‘grotendeels waar’, ‘half waar’, ‘grotendeels onwaar’, ‘ongefundeerd’ en ‘niet te checken’. Ooit dook ‘gebakken lucht’ op, maar dat oordeel is alweer in de mist van de persgeschiedenis verdwenen.

Ja, kom er maar in, Friedrich.

Want hier beginnen de epistemologische oorlogen. Zo werd die bewering van de stichting Regiobranding Zuid-Limburg aanvankelijk beoordeeld als ‘grotendeels onwaar’, omdat ze volgens de redactie geen rekening hield met factoren als reisbereidheid (niet iedereen wil een uur reizen voor een baan), soorten banen, diploma’s en taalbarrières (veel van de banen zijn, zoals de stichting ook al zelf meldde, over de grens).

Maar na de klacht en een hernieuwde weging van alle feiten verscheen de volgende dag die correctie in next, en kwam de rubriek ook in de middagkrant met het mildere oordeel ‘half waar’. Uitleg: in „theorie” was de bewering misschien waar, maar „in de praktijk heb je daar als werkzoekende weinig aan.”

Alleen, nu is de directeur opnieuw boos. Want, schrijft hij mij, de stelling is dus gewoon feitelijk correct, alleen heeft de redactie er bedenkingen bij en noemt die haar dan maar ‘half waar’.

Tja – hij heeft een punt.

Het is op zichzelf ruiterlijk dat de redactie een oordeel wil heroverwegen, maar maak dan wel duidelijk waarom precies. Aan de tekst van de rubriek was in NRC Handelsblad nou niet schokkend veel veranderd, behalve de toevoeging van de directeur dat het volgens nieuwe berekeningen zelfs ging om 3,5 miljoen banen (overigens, kuch: dan was zijn eerdere stelling dus weer onwaar).

In het algemeen: kwantitatieve oordelen als ‘grotendeels onwaar’ of ‘half waar’ suggereren een soort rekenmethode, misschien wel een NSA-algoritme, waar de krant echt niet over beschikt. Het oordeel komt tot stand in een weging door de redactie. Dat is niet erg, maar suggereer dan geen exactheid.

Bovendien, in eerdere afleveringen vond ik vergelijkbare argumenten met een heel andere uitkomst. De bewering dat de EU bepaalt „hoe dik een pizza moet zijn” werd bijvoorbeeld beoordeeld als ‘onwaar’ (6 maart). Terecht, want even leerzaam als hilarisch onderzoek naar de feiten in de zaak wees uit dat het alleen ging om de pizza Napoletana en dan nog alleen om die met een GTS-logo (Gegarandeerde Traditionele Specialiteit).

Strikt genomen was de uitspraak dus misschien wel waar (ook die GTS-Napoletana is „een pizza”), maar uitspraken impliceren meer dan er letterlijk wordt gezegd. Daarom begrijpen we wat de gastvrouw bedoelt die aan een gedekte tafel zegt „beginnen jullie maar” en vragen we niet verbaasd „waarmee?”

Hier was de suggestie dat de EU alle pizza’s in een houdgreep had – en die is onjuist. Maar ja, kun je zeggen, de suggestie van die Limburgse uitspraak was dat de banen er voor het oprapen liggen, terwijl de werkelijkheid gecompliceerder blijkt. Waarom is die dan ‘half waar’?

De eindredacteur van de rubriek, Jeroen van der Kris, kent het probleem maar al te goed: het blijft een afweging. Vooral uitspraken met een hoog pr-gehalte zijn lastig: soms zijn ze naar de letter juist, maar onvolledig of misleidend. U ziet: de journalistiek in een notendop.

Maar ja, een oordeel vraagt om criteria.

‘Half waar’, legt Van der Kris uit, moet erop wijzen dat een uitspraak meerdere beweringen bevat, waarvan de een waar is en de andere niet. Kan zijn, maar dat is nog iets anders dan dat een uitspraak „in theorie” waar is, maar „in de praktijk” niet. En wat is ‘grotendeels waar’? Dat zou gereserveerd moeten blijven voor een bewering die „in grote lijnen” waar is, maar die één kleine vergissing bevat, een procentpunt of een ander detail.

Je kunt natuurlijk ook categorieën toevoegen, zoals ‘onvolledig’. Of conservatief blijven en alleen ‘waar’ en ‘onwaar’ hanteren, met een uitgebreidere toelichting – al vrees ik dat er dan weinig waarheid in de rubriek zal overblijven.

Hoe dan ook, bij de oordelen zou een legenda wel nuttig zijn – zoals ook de ballen bij film- en boekrecensies in de krant tegenwoordig worden uitgelegd.

Dan wachten wij geduldig op een rubriek over die uitspraak van Nietzsche – de ultieme fact check.

Reacties: ombudsman@nrc.nl