Je kunt wél kiezen hoe je buurt eruitziet

Stap je de deur uit, dan sta je in de gemeentepolitiek. Hoe duur zijn de parkeerplekken? En hoever moet je lopen voor die speelplaats? In welke stedelijke voorzieningen steekt de gemeente straks haar geld, komen er meer pleinen, (leegstaande) kantoorpanden, of bouwt de stad eindelijk dat park?

Het zijn allemaal vragen die leefbaarheid in de wijk bepalen – en grote invloed hebben op de mogelijkheid uw eventuele woning voor een mooie prijs te verkopen.

Achter al deze keuzes zitten politieke gedachten. Zo wil de VVD in Rotterdam, om de stad aantrekkelijker te maken voor bedrijven, lage parkeertarieven – „ruim baan voor de auto” – en ongelimiteerde openingstijden voor winkels en cafés. Fijn voor ondernemers, iets minder fijn als je naast het café woont.

De PvdA doet het andersom en pleit in Maastricht juist voor een auto- en scooterluwe binnenstad, ten behoeve van een „aangename” omgeving.

D66 doet zijn best ook lokaal te bewijzen dat het onderwijs bij haar in goede handen is. De lokale verkiezingsprogramma’s van D66 beginnen met onderwijs. In Arnhem pronkt de partij met de terugkeer van de conciërge. In Den Haag wil de partij dat de gemeente leraren bijschoolt en dat kinderen vanaf 2,5 jaar een leerrecht geven. De partij toont zich lokaal ook bijzonder groen. In Arnhem wil D66 drie procent van de openbare ruimte inrichten als speelruimte, het liefst als „duurzame natuurspeeltuinen”.