Herkalibreren

‘Wat vindt u van het nieuwe songfestivalnummer?”, vroeg een mevrouw mij donderdagochtend in de trein. Ik zei heel diplomatiek dat ik er niet over kon oordelen omdat ik maar een heel klein stukje van het liedje gehoord had.

„U schakelde later in?”

„Nee, na een minuut sliep ik al”, zei ik en las verder in mijn krant, die mij lekker veel informatie gaf over ene Uli H., de onfortuinlijke baas van onze Arjen Robben. Ik begrijp dat alle Duitsers vinden dat de Beierse worstjeskoning veel te zwaar gestraft is. Hij is, vooral volgens de supporters van Bayern München, een heel goed mens. Of zoals de Duitsers het noemen: een Gutmensch! Paar dagen geleden hoorde ik op de radio wat Duitsers klagen. Uli was een super Duitser. Iemand die een land zoveel bratwurst had laten eten moest toch door God gezonden zijn?

Door God gezonden?, dacht ik bij mezelf. Doet God dat? Zendt God, behalve zijn zoon ook wel eens andere mensen met een speciale missie naar de aarde? Ik twijfelde en belde onmiddellijk mijn vaste adviseur, de altijd vrolijke dominee Van Andel van de Hersteld Hervormde Gemeente uit Montfoort. Hij vertelde mij dat God dat inderdaad regelmatig deed en Uli zou een heel goed voorbeeld kunnen zijn. Veel bratwurst voor de Duitsers! Zelf vond de dominee dat Uli eigenlijk ook fiscaal vrijgesteld had moeten zijn.

„Dat vond Uli zelf ook”, zei ik tegen de dominee, „maar de Beierse officier van justitie en de Münchense rechter dachten daar toch iets anders over.”

„Er is maar één Fredje Teeven”, sprak Van Andel op zalvende toon.

„Maar de paar jaar brommen van Uli ziet u niet als een straf van God?”, vroeg ik aan de zonnige dominee.

Hoe ik dat bedoelde? Ik legde uit dat Hoeness volgens veel Nederlanders wel straf verdiend had. Het winnen van het WK 1974 was de basis van zijn rijkdom, maar die schwalbe van Hölzenbein? En ik begon tegen Van Andel voorzichtig over de dopinggeruchten die de laatste jaren rond de Mannschaft gonsden.

De dominee hing op en ik las verder over de onfortuinlijke Uli. Die goedzak had zich gewoon een beetje vergist. Hij had justitie keurig gemeld dat hij de boel voor 3 miljoen genaaid had en toen bleek het meer dan 27 te zijn. Kan gebeuren. Daarbij: wat is 27 miljoen binnen de voetbalwereld? In die kringen kan echt niemand tellen. Toen Blatter een minuut stilte hield voor Nelson Mandela was hij na elf seconden klaar. 27 miljoen is een tiende van het smeergeld dat de sjeik van Qatar op de rekeningen van de bestuurders van de Fifa heeft gestort. De vader van de Braziliaan Neymar pakte in zijn eentje veertig miljoen tekengeld toen zijn zoontje naar Barcelona ging. Dus waar hebben we het over?

Inmiddels stond de trein stil en kraakte iemand uit een speakertje dat het nog wel even kon duren.

Dan moet ik mijn prestatiedoelstellingen voor deze dag herkalibreren, dacht ik. Wat dat laatste woord betekent? Heb ik geleerd van de bestuursvoorzitter René Hooft Graafland van Heineken. Dekalibreren betekent naar beneden bijstellen. Heineken gebruikt het begrip in het laatste jaarverslag. Bij een bepaalde doelstelling zouden Hooft Graafland en zijn bestuursmaatje Van Boxmeer een ordinair vette bonus krijgen. Die doelstelling gaan ze duidelijk niet halen en toen lieten de commissarissen van de bierbrouwer alvast weten dat ze de prestatiedoelstellingen gingen herkalibreren. Dus ondanks dat ze er niks van gebakken hebben, krijgen ze toch hun grove graaigeld. Zo regel je dat op dat niveau. Fantastisch toch? Wij gebruiken thuis nu de hele dag het woord herkalibreren. Prachtige term. Wonen vast mooi die twee brouwers. Misschien wel net zo mooi als Uli H.

Ik vroeg aan de mevrouw tegenover mij waar ze heen ging.

„Ik ga als trotse Rotterdamse naar de opening van het nieuwe NS-station van Rotterdam. Een architectonisch juweel meneer. In tien jaar was het klaar. Hadden ze bij jullie in Amsterdam zeker een eeuw over gedaan. En weet u waarom het zo mooi gemaakt is? Bij de NS wacht je meer dan dat je rijdt, dus is dit de nieuwe trend. Hele mooie stations. De treinen zijn bijzaak! Weet u hoe we dat noemen?”

„Dekalibreren”, sprak ik triomfantelijk. De mevrouw keek me vragend aan.

„Naar beneden bijstellen”, lachte ik, „doodgewoon Nederlands woord. Jullie spreken in Rotterdam toch Nederlands? Dat zegt de VVD tenminste.”

Toen begon de trein te rijden en schrokken we allebei heel erg.