Eerst de oplossing, dan de mensen

De afgelopen weken liepen drie campagnes door elkaar. De landelijke politiek ging om steun vragen in de wijken. Plaatselijke politici deden een poging onder de rook van Den Haag uit te komen. En los van al het geflyer woedde een discussie over wat gemeentepolitiek nog voorstelt nadat hetzelfde Den Haag een vracht zorgtaken op het dorpsplein heeft gekieperd.

Maar u moet wel gaan stemmen woensdag. De premier herhaalde het gisteren, en terecht. Tegen de gevoelens van zinloosheid in werd donderdag een interessant tegengif gepresenteerd. In hun Brief aan de Koning gaven de deelnemers aan het project Gemeenteraad van de Toekomst een mooie lijst ideeën voor een nieuwe aanpak van het raadswerk.

Al het gesomber gehoord stellen deze raadsleden, burgemeesters, griffiers en gemeentedenkers heel gewone mentaliteitsveranderingen voor waarvan zij grote dingen verwachten. In de netwerkdemocratie moeten raadsleden ‘balanceren tussen representatie en participatie’, het volk vertegenwoordigen en meedoen aan het zoeken en toepassen van oplossingen.

Praktisch komt dat in de brief neer op: stel eerst vragen en denk daarna pas mee over oplossingen, laat coalitiedwang los, maak geen collegeprogramma over ‘producten’ maar sluit een akkoord over de aanpak van vraagstukken. Zo gaat het nog een tijdje door, met weinig jargon. Het zijn stuk voor stuk suggesties waar je soms van droomt voor de landelijke politiek.

Sterker nog, hier wordt de vinger gelegd op een aanpak die in de landelijke politiek al jaren dominant is. Regeerakkoorden bevatten een boodschappenlijst aan oplossingen, meestal voor uit de hand gelopen begrotingsposten. Het meest acute voorbeeld is de gezondheidszorg.

De vaak op vrij toevallige gronden gekozen oplossingen zijn vanaf het aantreden van een kabinet bindend. Niet meer over te praten. De landelijke discussie mag over alles gaan, maar niet over de Oplossing. Als uit de praktijk te grote bezwaren komen, dan wordt De Oplossing gered door kleine concessies te doen.

Deze aanpak past in de logica van het politieke bedrijf, maar verengt de discussie tot de details van De Oplossing. Het is een soort omkering van de bewijslast. De verdachte moet maar aannemelijk maken dat hij het niet heeft gedaan. De criticus van de decentralisatie van de jeugdzorg mag niet vragen welk probleem moest worden opgelost en wat daar de beste aanpak voor zou kunnen zijn. Hij mocht alleen op onderdelen vragen om een extra garantietje.

Bij de Jeugdwet deed de Eerste Kamer dat want in de Tweede Kamer heeft de coalitie een huisgepofte meerderheid dus zijn concessies niet zo nodig. Een zelfde patroon tekent zich af bij de nog omvangrijker decentralisatie van delen van de steeds maar duurder geworden AWBZ en WMO (maatschappelijke ondersteuning). Staatssecretaris Van Rijn diende deze week het wetsontwerp Langdurige Zorg in.

Ook daar krijgen de gemeentes een kolossale regierol toebedeeld waar het Rijk hen zonder inwerkperiode zo bekwaam in acht dat een bezuiniging van tientallen procenten haalbaar moet zijn. Na rumoerige onderhandelingen kreeg de staatssecretaris de gemeentes en de zorgverzekeraars achter zich.

Veel gemeentes stellen plannen op. Adviesbureaus vieren feest. Wethouders van sociale zaken krijgen een grotere stoel aan tafel. Weliswaar is de wetgeving nog lang niet af en signaleert de Raad van State onduidelijke afbakeningen met wettelijke rechten, de trein stoomt door naar de invoeringsdatum 1 januari 2015.

In de stad met het stoerste station van Nederland is een Nieuw Rotterdams Jeugdstelsel bedacht. De concept verordening schetst een Oplossing die in veel andere gemeentes ook voor de overige decentralisaties is bedacht. Het wondermiddel is de instelling van wijkteams. Daar zitten jeugdhulpverleners, wijkverpleegkundigen, reclassering, schuldhulpverleners, woningbouwcorporaties in.

In Rotterdam hebben twaalf kinder- en jeugdpsychiaters, gesteund door ouderverenigingen en juristen, aan de bel getrokken en erop gewezen dat er een hele keur aan lichte tot bijzonder zware psychische en psychiatrische aandoeningen is waar preventie weinig helpt, maar waar snelle adequate hulpverlening geboden is, zonder vertragende teambesprekingen.

Deze teamaanpak brengt ook privacyvragen met zich mee. Deelnemers aan dit gemeentelijk zorgberaad vallen niet allemaal onder enig beroepsgeheim. Daar is de staatssecretaris toch al luchtig over. De net ingediende Wet langdurige zorg geeft het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ), de weer opgewaardeerde sluiswachter en kostenbewaker, het recht op inzage van alle medische dossiers. De 99 procent van zorgverleners die niet frauderen worden losjes gedwongen hun beroepsgeheim te vergeten.

Een minstens even groot probleem van de wijkteamaanpak, deel van de Grote Oplossing, is dat er nog meer wordt bezuinigd op echte zorg. Want al die hele en halve zorgverleners in de teams kunnen niet tegelijk hun eigenlijke werk doen. Los van de vraag hoe fijn het is als je moeder pal na haar derde tia bezoek krijgt van een woningbouwcorporatieman – wie van het team langskomt is volgens veel plannen een kwestie van loting. Goed voor de frisse blik.

Waar ging het ook alweer om? Goede, betaalbare zorg. Mensen met een probleem helpen. De Oplossing is vooral een Structuur en een Bezuiniging. Maar niets belet de Kamer eerst vragen te stellen en dan pas in termen van oplossingen te praten. Los van coalitiedwang. Nou ja, het zou moedig zijn. En de langdurige – en jeugdzorg ten goede komen.

    • Marc Chavannes