Betrokken werknemers? Goede cijfers!

Maak mensen mede-eigenaar van het bedrijf waar ze werken. Dat is goed voor bedrijven, burgers én de democratie, zegt de Amerikaanse socioloog Blasi. Hij is deze week in Nederland.

foto arjen born

‘Het kapitaal in dit land is in handen van een zeer kleine minderheid”, schreef de Amerikaanse politicus Thomas Jefferson in een brief. „De consequenties van die enorme ongelijkheid berokkenen het gros van de mensen zoveel ellende dat de wetgever niet genoeg kan herverdelen.”

Het hadden net zo goed de woorden kunnen zijn van Hans Spekman volgens wie nivelleren een feest is, of van Barack Obama in zijn vijfde State of the Union.

Maar de zinnen werden al in 1785 opgetekend door politicus en ‘Founding Father’ Jefferson, en gingen over Frankrijk. De Founding Fathers van de Verenigde Staten – de politici die de Amerikaanse onafhankelijkheidsverklaring ondertekenden en de grondwet ontwierpen – gruwelden van het oude Europa met zijn aristocraten en monarchen. In hun verse democratische republiek was de gelijkheid van mensen het uitgangspunt en een gelijke verdeling van vermogen de praktijk.

Het contrast met het huidige Amerika, waar de rijkste 20 procent van de bevolking 86 procent van kapitaal bezit, is gigantisch. De verschillen tussen arm en rijk en het wantrouwen van burgers in de politiek en de financiële sector zijn precies waar de grondleggers van de VS voor vreesden.

Laten we hun oude idealen weer afstoffen, zeggen drie Amerikaanse hoogleraren nu. Socioloog Joseph Blasi en economen Douglas Kruse en Richard Freeman presenteren in hun net verschenen boek The citizen’s share hun oplossing: maak mensen aandeelhouder van het bedrijf waar ze werken. Dat is goed voor bedrijven, burgers én de democratie.

„Veel Amerikanen reageerden verbaasd op ons boek. Ze wisten niet dat de grondleggers van ons land voor inkomensgelijkheid waren”, vertelt Blasi, die deze week in Nederland was voor een congres over werknemersaandelen.

Blasi ontdekte dat de eerste Amerikaanse president George Washington al in 1792 een wet ondertekende die winstdeling voor kabeljauwvissers garandeerde. En in 1862 werd onder president Abraham Lincoln de Homestead Act van kracht, die boeren in staat stelde het land waarop ze werkten op te eisen. Blasi: „De grondleggers waren geen communisten of socialisten, maar ze hadden wél een moraal: ze wilden een economie die werkt voor iedereen.”

Vaakst in vorm van winstdeling

Werknemers laten meedelen in de prestatie van hun bedrijf komt het meest voor in de vorm van winstdeling, zowel in Nederland als de VS. Aandelen verkopen of schenken aan werknemers gaat een stap verder en maakt van de werknemer mede-eigenaar. Andere constructies zijn opties op aandelen of converteerbare obligaties (een lening aan de werkgever die wordt uitbetaald in geld of aandelen).

In de VS heeft een vijfde van de honderd grootste bedrijven (de ‘Fortune 100’) een aandelenplan voor werknemers. Van de 200.000 kleinere ondernemingen zijn er zo’n zesduizend in handen van de werknemers – de helft daarvan voor meer dan vijftig procent. „Een bescheiden sector”, duidt Blasi deze aantallen. „Té bescheiden.” Wel komen werknemersaandelen in alle branches en in alle lagen van de beroepsbevolking voor, wat volgens de hoogleraar betekent dat het fenomeen nog flink kan groeien. Het zou zelfs de ruggengraat kunnen vormen van een nieuw soort economie, denkt hij. „Een waarin burgers samen een vermogen van betekenis kunnen opbouwen, waardoor ze écht onderdeel zijn van de samenleving.” Koeltjes vervolgt hij: „Wist je dat veel Amerikanen ‘kapitalisme’ een vies woord vinden? Dat hoeft niet als kapitalisme collectief is.”

In Nederland heeft 13 procent van de bedrijven een vorm van financiële participatie, schat de Stichting Nederlands Participatie Instituut. Kijk je naar regelingen die voor alle werknemers toegankelijk zijn, is dat maar 4 procent. Dat zijn vooral beursgenoteerde bedrijven. Zo kregen de werknemers van Ziggo bij de beursgang in 2012 aandelen in het bedrijf, naar rato van het aantal werkzame jaren daar. Ook ingenieursbureau Grontmij, pigmentbedrijf Holland Colours en supermarktconcern Sligro Food Group kennen bedrijfsbrede aandelenplannen.

Werknemers zijn productiever

Bedrijven die van hun werknemers hun aandeelhouders maken, presteren beter. Hun werknemers zijn productiever, loyaler en denken meer mee met het bedrijf. Dat blijkt zowel uit het onderzoek van Blasi als uit Britse en Nederlandse studies.

De omzet van bedrijven met financiële participatie groeit met 2 tot 3 procent per jaar sneller dan die van bedrijven zonder aandelenregeling, berekende de Amerikaanse onderzoeksorganisatie National Center for Employee Ownership. In het Verenigd Koninkrijk, waar 2,6 miljoen werknemers mede-eigenaar zijn, was de waarde van aandelen van bedrijven met een ‘Employee Stock Owner Plan’ tussen 1992 en 2012 gemiddeld 10 procent hoger dan die van aandelen aan de Financial Times Stock Exchange, de belangrijkste index van de Londense beurs.

Zulke bedrijven zijn beter bestand tegen recessies, suggereert Brits onderzoek van de Cass Business School: de financiële crisis van 2009 had minder invloed op de omzet en winst van bedrijven die (deels) in bezit waren van het personeel en er werden nog steeds banen gecreëerd. De Radboud Universiteit analyseerde in 2010 de resultaten van bijna 2.200 Nederlandse beursgenoteerde ondernemingen en bevestigde dat aandelenparticipatie een positieve invloed heeft op hun concurrentiepositie.

Ook voor werknemers zijn er voordelen. Zij zijn trotser op hun werk, blijven er langer werken en hebben hogere lonen en betere werkcondities, ontdekte Blasi. De Edinburgh Napier University signaleerde dat werknemers-eigenaars zich minder vaak ziek melden en hun bedrijf vaker aanraden aan anderen.

Wat als er moet worden bezuinigd?

Lastig wordt het als belangen van werknemers en eigenaars conflicteren, bijvoorbeeld bij bezuinigen of inkrimpen. „Ons onderzoek laat zien dat werknemers akkoord gaan met ontslagen”, relativeert Blasi. „Ze beseffen dat een onrendabel bedrijf geen toekomst heeft.”

Blasi pleit voor belastingprikkels om werknemersaandelen te stimuleren. Dat zeggen ook onderzoekers van de Erasmus Universiteit, die deze week onthulden dat fiscale aspecten een reden zijn voor werkgevers om níet aan werknemersaandelen te beginnen. „Als je zoals de geestelijk vaders van ons land overtuigd bent dat verspreiding van rijkdom een vereiste is voor een democratie, dan is het juist om het belastingsysteem daarvoor te gebruiken”, vindt Blasi.

Discussies over werknemersaandelen gaan vaak over praktische zaken, merkt Blasi. Hij plaatst het aandelenidee in een bredere context. „Wat voor soort bedrijven willen we? Wat is de relatie tussen het zakenleven en de maatschappij? Wat is de beste manier om werk te organiseren?”

Het bracht hem tot de conclusie dat werknemerskapitalisme leidt tot een betere democratie. „Daar geloofden de grondleggers ook in”, weet Blasi.

Concentratie van kapitaal leidt tot een rijke elite en een verdwijnende middenklasse. Uiteindelijk resulteert dat in een ‘nieuwe aristocratie’ met vrijwel exclusieve toegang tot kennis en macht – een ondermijning van de democratie en een bedreiging voor de gewone burger. Blasi: „Als burgers genoeg kapitaal hebben om zichzelf te onderhouden, zijn ze vrij van politieke manipulatie. Ze kunnen tot hun eigen conclusies komen als kiezers, gebaseerd op een rationele analyse in plaats van beloften van politici.”

    • Dewi Gigengack