Bacchanaal bij de Japanner

Ronald Hoeben eet bij een levendig Japans restaurant iets te veel. Na eend, zeebaars en ribeye kan er geen toetje meer bij.

Bijzonder

Voor de gasten van Sir Albert, een boutique hotel in het statige pand van een voormalige diamantslijperij, moet het een bijzondere ervaring zijn: hun onderkomen staat pal naast één van de schaarse hoofdstedelijke raamprostitutielokaties buiten de Wallen, de dames prijzen er vanaf één hoog hun waar aan.

Een andere attractie bevindt zich op de begane grond van het hotel: het Japanse restaurant Izakaya, al zou het predikaat ‘Japans’ een verkeerde indruk kunnen vestigen. Menig Japans restaurant kenmerkt zich namelijk door een ingetogen sfeer, maar bij Izakaya is het feest. De zaak wordt gedomineerd door een grote centrale bar van metaal, waaraan we door de gastvrouw geparkeerd worden in afwachting van onze tafel. Al snel staat er een fraai, ovaal glas gin-tonic voor onze neus. Naast de bar is een open keuken en een transparante wijnkastwand, aan de andere kant een lange houten aanschuiftafel met zachte fauteuils en langs de ramen ongedekte zwarte tafels met designstoelen. Dit alles onder plafondspots en begeleid door een pulserende loungebeat.

Aan tafel

De website van Izakaya vermeldt wel gerechten maar zonder prijzen. Ze beslaan drie volle bladzijden op de menukaart. De lijst wordt aangevoerd door ‘Sakana’, borrelhapjes van rond de tien euro, en loopt via bekende trefwoorden als sushi, sashimi, tempura en hibachi – maar ook truffel en foie gras – tot aan gerechten van de grill, die tegen de dertig euro kosten. „Is dit uw eerste keer bij Izakaya?” wil de ober weten, hij komt er aan tafel even bij zitten om het Izakaya- concept toe te lichten. Hij vertelt dat de grootste maat van een gerecht die van een klein hoofdgerecht is en dat de meeste gasten aan vier gerechten genoeg hebben. Shared dining is hier het devies, op de ‘hoofdgerechten’ na eten we telkens van een enkel bord dat in het midden gezet wordt. Er is een tasting menu van zeven gangen voor 75 euro.

Op het bord

De ‘borrelhapjes’ blijken al behoorlijk fors. En lekker ook: ribbelchips met tonijntartaar (9,50 euro) en een schaaltje inktvis met knoflook, paddenstoelen en groene asperges (9,50 euro). We drinken Viognier (43 euro) die kranig standhoudt in het smaakgeweld van bijvoorbeeld gebakken pasteitjes met foie gras en wagyu-gehakt en sesamsaus met pinda en ponzu (15 euro). Of in loempia gerolde softshell-krab. Dan zijn er sushi: met krokante eend en hoi sin (9,50 euro) en tonijn (15,50 euro). We hadden hier, na al die calorieën, de handdoek in de ring kunnen gooien, maar er komt nog voortreffelijke zeebaars met pak soi, truffel en paddenstoelen (29,50 euro) en getrancheerde ribeye met een Peruaanse pepersaus met komijn (29,50 euro), gelukkig zonder bijgerechten.

De rekening

Pff. Blij dat we geen dessert besteld hebben. Inclusief een enkele gin-tonic (12 euro) en een espresso betalen we 192,50 euro. We hebben heerlijk, zij het iets te veel gegeten in een energieke, internationale ambiance met de iets te kostbare wijnen die daarbij horen. Met de kennis van nu zouden we ook voor 120 het heertje moeten kunnen zijn.

    • Ronald Hoeben