‘Alsof hij mijn jeugd moest goedmaken’

Sanne van Drunen en Jan Akkerman waren zestien jaar bij elkaar en hebben twee kinderen, Lilian (24) en Perry (21).

Sanne en Jan in Venetië, in 1997.

„Álles vond ik leuk aan Jan. Hij was grappig, flamboyant. Het raakte aan in 1985, tijdens een voetbalweekend in Duitsland. Jan zat in het bedrijfselftal van de handelsfirma waar we allebei werkten, ik reisde mee als supporter. Rond diezelfde tijd ging ik op mezelf wonen, hij trok al snel bij me in. Dat was tegen het zere been van mijn ouders. Toen ze erachter kwamen, heb ik hen een jaar niet gezien.

„Mijn opvoeding was strenggereformeerd. Ik voldeed niet aan het beeld van de nette, brave dochter die mijn ouders wensten. Ik was opstandig. Een keer trok ik mijn nieuwe zondagse schoenen aan naar school, terwijl ze bedoeld waren voor de kerk. Toen waren de rapen gaar. Ik liep weg van huis.

„Jan komt uit een joviaal katholiek gezin met negen kinderen, waar het altijd zoete inval was. Met hem genoot ik van feestjes, van uitgaan met vrienden. Dat kende ik allemaal niet. Na de geboorte van Perry raakte ik in een depressie. Ik denk weleens dat Jan alles moest goedmaken wat ik in mijn jeugd tekort ben gekomen. Hij had intussen een andere baan en moest veel naar het buitenland, ik had het gevoel dat ik er alleen voor stond met die twee kleine kinderen. Nu denk ik dat ik misschien te moeilijk geweest ben. Vastbesloten als ik was om een beter leven te krijgen, was ik erg op mezelf gericht.

„Op vakantie in Italië had ik het gevoel dat het op was. We waren elkaar kwijtgeraakt, en de weg terug konden we niet vinden. Ik ben eerder naar huis gegaan. Na die vakantie heb ik gezegd dat ik wilde scheiden, ook omdat ik wilde voorkomen dat we elkaar op den duur zouden gaan haten.

„We zijn altijd op zeer goede voet gebleven, soms tot verwarring van anderen. Bij een tien-minutengesprek op school kwamen we een keer samen binnen, geanimeerd pratend. De docent zei verbaasd: ‘Hé, jullie waren toch gescheiden?’”