Werk en armoede

Hoe goed de economie ook draait, de werkloosheid is hoog. Onder de jeugd: 20 procent. Kan de gemeente voor banen zorgen? Of voor meer bedrijven?

PvdA

Werk en armoede zijn een „topprioriteit” voor de PvdA. Ondersteuning voor werklozen moet er vanuit de gemeente komen in de vorm van begeleiding en lessen in bijvoorbeeld extra vaardigheden, maar dan moeten werklozen wel „maximale inspanning” leveren om ervoor te zorgen dat ze snel gaan werken.

De partij wil 7 miljoen euro investeren in de bestrijding van jeugdwerkloosheid. Werkgevers moeten „hun deuren openzetten” en scholen moeten stoppen met „pretstudies”.

Sociaal ondernemen wordt gestimuleerd. Zo worden er sociale firma’s opgetuigd: mensen die geen reguliere baan kunnen vinden, kunnen daar korter of langer aan het werk, zo nodig met loonkostensubsidie uit de participatiewet.

„Innovatieve” startende ondernemers en zzp’ers worden gestimuleerd. Niet door subsidies te verstrekken, maar door opdrachten. De partij wil daarvoor zorgen door zzp’ers, grote en kleine bedrijven aan elkaar te koppelen.

VVD

Volgens de VVD moet het armoedebeleid in Amsterdam op de schop, omdat het „onnozel” is dat een werkende met een minimumloon gemiddeld amper meer te besteden heeft dan iemand in de bijstand. Volgens de partij remt het armoedebeleid de economie en motiveert het mensen in de bijstand niet om naar werk te zoeken. De VVD pleit voor het inzetten van armoedegelden alleen bij schrijnende gevallen, zoals mensen met een onvolledig AOW. Het budget voor het armoedebeleid moet daarom met 8 miljoen euro omlaag.

Ook wil de partij dat het een kerntaak van de gemeente wordt om werklozen naar een baan te begeleiden. Daar zou 3,5 miljoen euro in moeten worden geïnvesteerd.

Daarbij moeten de eisen strenger worden voor sollicitatieplicht en de acceptatie van banen.

D66

D66 wil dat Amsterdammers die lang zonder werk of onvoldoende inkomen zitten aansluiting blijven houden. Er moet noodhulp komen voor de meest kwetsbaren en speciale aandacht voor jongeren, zelfstandigen en mindervaliden. Ook wil D66 meer bescherming van zelfstandigen (zzp’ers) met een minimuminkomen, die extra kwetsbaar zijn omdat ze niet in aanmerking komen voor een uitkering. De democraten willen kijken of de (schuld)problematiek van deze groep anders kan worden aangepakt, bijvoorbeeld door het faciliteren van „bepaalde vormen van kredietverlening zoals flexibele vangnetuitkeringen”. Ondernemers moeten gemakkelijker vergunningen kunnen krijgen met minder regels. Ook moet de positie van zzp’ers versterkt worden door ambtenaren te vervangen door zzp’ers met specialistische kennis.

Volgens D66 heeft Amsterdam naast een ‘creative class’ een ‘creating class’ nodig: een ambachtseconomie waarin mensen dingen maken of repareren.

D66 pleit voor meer mogelijkheden tot een 24-uurseconomie door openingstijden te verruimen en het aantal nachtvergunningen voor winkels te verhogen. Ook bij horeca zou dit, in overleg, mogelijk moeten zijn.

Er moeten startersbeurzen komen voor (allochtone) jongeren om hun een betere kans op een baan te bieden. Voor werkzoekenden moet een goed reïntegratietraject komen.

SP

Als er voor werkzoekenden niet genoeg banen zijn, dan wil de partij zogenoemde maatschappelijke banen creëren. Mensen die in de bijstand zitten en voor zo’n baan kiezen, bijvoorbeeld huiswerkbegeleiding, krijgen hun uitkering aangevuld tot het minimumloon. Jonge werklozen krijgen bovendien speciale leer/werkplekken om ervaring en contacten op te doen. De gemeente helpt werkzoekenden in het sollicitatieproces door kinderopvang te regelen of een reiskostenvergoeding te verzorgen.

Ondernemers in de stad moeten meer de ruimte krijgen, vindt de SP, met minder bureaucratie. Het kwijtschelden van gemeentelijke belastingen moet mogelijk worden voor ondernemers als ze enig bedrijfsvermogen hebben. Er moet onder andere een waarborgfonds komen voor ondernemers: de gemeente schiet de schade die verhaald moet worden op winkeldieven voor en gaat zelf die schade innen bij de dader.

GroenLinks

De gemeente kan volgens GroenLinks een grotere ondersteunende rol spelen. Financieel bijvoorbeeld, in het geval van mensen die maar geen werk krijgen. Wel is dan de eis dat ze er alles aan doen om wel werk te vinden. Iedereen met een uitkering wordt gestimuleerd om vrijwilligerswerk te doen. Ook kinderen, ouderen en chronisch zieken en gehandicapten verdienen een „ruimhartige” inkomensondersteuning. De partij eist bovendien van de gemeente dat alle kinderen dezelfde kansen krijgen wanneer het aankomt op bijvoorbeeld sport en scholing.

Schuldhulpverlening is bovendien een „cruciaal” onderdeel van het armoedebeleid: de gemeente moet meer doen aan het zo vroeg mogelijk ingrijpen bij mensen met schulden om te voorkomen dat deze groter worden. Ook is er steun voor de „kwetsbare” zzp’er. De gemeente kan volgens GroenLinks nog meer doen om zaken als bijstand en stageregelingen toegankelijker te maken.

Ook de zogenoemde sociale firma’s verdienen „actief” ondersteuning door middel van een investeringsfonds. De partij geeft het voorbeeld van Brouwerij de Prael in Centrum. Deze sociale firma’s geven mensen werk en de kans toch mee te draaien in de maatschappij en zorgen voor alternatieve dagbesteding. Bedrijven moeten, ten slotte, genoeg leer/werkplekken en stageplekken blijven aanbieden.