Openbare ruimte

Ruimte is schaars in de stad. Er wonen en werken steeds meer mensen, met verschillende belangen. Een autoluwe binnenstad of juist meer parkeerplaatsen?

PvdA

Minder auto’s, meer fietsers, is het devies. Er moeten bredere fietspaden komen, net als meer fietsenstallingen en in de binnenstad moeten minder auto’s gaan rijden. Parkeren, zo stelt de partij, wordt namelijk steeds moeilijker en de lucht steeds slechter. De parkeertarieven vindt de PvdA hoog genoeg en die stijgen de komende jaren ook slechts met het niveau van de inflat ie.

Er moeten in de openbare ruimte meer speelveldjes komen en meer beweegtoestellen. Sportaccommodaties mogen niet bedreigd worden en moeten in elke wijk beschikbaar blijven. „Veel groene ruimte” moet er van de PvdA in de stad zijn, waaronder ruimte voor stadslandbouw.

VVD

De komende tien jaar moeten de parkeerinkomsten worden geïnvesteerd in nog meer parkeergarages. Er moeten meer parkeerplekken komen, maar (in de binnenstad) buiten het straatbeeld. De parkeertarieven voor bezoekers moeten met een euro (‘De euro van Eric’) per uur omlaag. Minder populaire parken moeten aantrekkelijker worden gemaakt om het vestigingsklimaat te verbeteren. Sportvelden moeten doordeweeks intensiever door scholen worden gebruikt. De straten moeten schoner en opgeruimder.

D66

Volgens D66 zijn ‘groene’ wijken en stadsparken aantrekkelijk als vestigingsplaats voor mensen en bedrijven. De democraten geven aan voor behoud en versterking van agrarisch groengebied rond de stad te zijn.

Ook is volgens D66 groen – als plek om te bewegen – belangrijk in de strijd tegen overgewicht bij kinderen. Braakliggende stukken grond zouden omgebouwd moeten worden tot groenspeeltuinen en er moeten zwemlocaties komen in de Amstel.

Qua parkeren is D66 voor het toestaan van een tweede parkeervergunning per huishouden „waar de parkeerbalans het toelaat”. De partij is voor het mogelijk maken van bezoekerskaarten in buurten waar betaald parkeren is ingevoerd en tegen hogere parkeertarieven.

Het parkeerbeleid moet worden nagegaan op „vreemde/klantonvriendelijke aspecten” zoals lange wachtlijsten en conflicten bij grensgebieden van betaald parkeren.

Tot slot pleit D66 voor het gebruik van parkeergelden op de „algehele verbetering van de mobiliteit en de openbare ruimte”, zoals parken, straatmeubilair en speelplaatsen.

SP

„Te dure” ondergrondse parkeergarages moeten niet doorgaan. Zo noemt de SP de voorbeelden van de Singelgrachtgarage en de Boerenweteringgarage. „De noodzaak is niet aangetoond”. Er komt een stedelijk parkeerfonds, niet een per stadsdeel. Inkomsten worden verdeeld over de stad, zo wordt de auto niet als „melkkoe” gebruikt.

Betaald parkeren wordt alleen ingevoerd als er een parkeerprobleem is. Wel komen er meer openbare fietsenstallingen, vooral bij uitgaansgelegenheden. Het aantal wordt vastgesteld op basis van woondichtheid.

De SP wil een groter autoluw gebied in de binnenstad met meer ruimte voor de fiets. Snorfietsen en scooters gaan de rijbaan op en er worden 30 kilometerzones ingevoerd. Als het aan de partij ligt, blijft het niet bij de binnenstad.

Kappen van bomen moet worden teruggedrongen en buurtbeheer van openbaar groen en binnentuinen worden gestimuleerd.

Er moet ruimte komen voor stadslandbouw op terreinen die niet gebruikt worden. Per buurt wordt, waar mogelijk, 3 procent ingericht als kinderspeelruimte.

Er moeten in alle behoevende buurten meer openbare drinkwatervoorzieningen en toiletten komen.

GroenLinks

Voetganger, fiets, openbaar vervoer, scooter, auto. Dat is de volgorde van prioriteit van GroenLinks in de stad. De eerste twee moeten meer ruimte krijgen in de stad: scooters worden verbannen van fietspaden en er komen meer fietsparkeerplekken, waar nodig ten koste van die voor auto’s. Plekken waar veel voetgangers komen worden autoluw ingericht en sommige pleinen en straten kunnen ook scooter- en fietsvrij worden.

Als het aan de partij ligt, is de maximumsnelheid in 2018 in Amsterdam nog maar 30 kilometer per uur, zijn de meest vervuilende auto’s geweerd uit de stad en is de binnenstad dan grotendeels autoluw voetgangersgebied.

Ook het OV kan beter, want dat is volgens GroenLinks „nog niet af”: de gemeente zou moeten investeren in experimenten met aanvullend openbaar vervoer, zoals de buurtbus.

De partij vindt bovendien dat er te weinig groen, bankjes en speelplekken in buurten zijn en offert daar dan de parkeerplaatsen op straat voor op. Een auto kun je volgens de partij ook delen of huren of je kunt hem parkeren aan de rand van de stad.