Hij hielp Bayern sportief, zakelijk naar Europese top

Niemand komt aan Bayern, luidt de stelregel van de nu veroordeelde Hoeness.

Hoeness (met sjaal) dinsdag bij het Europa-Cupduel Bayern-Arsenal.

Het is halverwege 1995 als in Amsterdam een groep Duitse voetbalbestuurders arriveert. De afgevaardigden van Bayern München zijn op weg naar Ajax, waar zij antwoord hopen te krijgen op de vraag hoe de Nederlandse topclub kort daarvoor de Champions League heeft kunnen winnen. Dat krijgen ze, waarna ze overladen met kennis huiswaarts keren.

Tien jaar later bezoekt een Amsterdamse delegatie Bayern, op dat moment een succesvollere club dan Ajax. „De rollen waren omgedraaid”, herinnert voormalig Ajax-directeur Maarten Fontein zich. „Ik was zeer onder de indruk.”

De spil tijdens deze ontmoetingen: de toenmalige bestuurder Uli Hoeness. De voormalige aanvaller van Bayern heeft volgens Fontein een centrale rol gespeeld in het uitbouwen van de club tot een miljoenenimperium.

Neem alleen al de jaaromzet van de club. Die steeg sinds zijn aantreden als bestuurder in 1979 van 12 miljoen D-mark (6,5 miljoen euro) naar 430 miljoen euro nu. Dat bedrag vloeit vooral uit commerciële zaken voort waarvoor Hoeness verantwoordelijk was. Zo bedacht hij om het Bayerns logo af te drukken op pennen, beddengoed en tassen.

Voordat hij dat zakelijke vernuft misbruikte voor het misdrijf waarvoor hij is veroordeeld, viel zelden een onvertogen woord over Hoeness. Hij kon hard zijn, maar altijd was hij eerlijk, luidde de algemene opinie. Zo eerlijk dat hij zijn mening zelden voor zich kon houden, helemaal als het over Bayern ging.

Illustratief daarvoor is de jaarvergadering van de Duitse club in 2007. Toen hij daar door een supporter werd gewezen op de vermeende hoge toegangsprijzen, werd hij razend. „Wat denk jij eigenlijk, dat wij ons het hele jaar uitsloven om jou voor zeven euro het stadion binnen te laten?”, foeterde Hoeness. Zijn boodschap was duidelijk: niemand komt aan Bayern.

Fontein, die met Hoeness samenwerkte op Europees niveau, ziet hem als een heel goede bestuurder. „Hij was iemand die tegen Sepp Blatter in ging en van wie dat werd geaccepteerd. Hij maakte van Bayern een topbedrijf van het kaliber Unilever. Zo ver zijn ze bij Ajax nog niet.”