Voorkom de instorting van de jeugdzorg, stel overdracht uit

Alarmfase rood zegt de commissie voor overheveling van jeugdzorg naar gemeenten. Stel uit of het wordt een ramp, schrijft Ido Weijers.

Terecht wordt in de krant van 5 maart geconstateerd dat hoe verder de trein van de overheveling van jeugdzorg van Rijk naar gemeenten per 2015 doordendert, hoe groter het aantal slachtoffers zal zijn. De transitiecommissie die het overhevelingsproces begeleidt achtte de geplande ingangsdatum onhaalbaar. Het was duidelijk dat de bewindslieden het op de financiering lieten afweten. Deze commissie was muisstil tijdens de hoorzitting in de Eerste Kamer, maar stelt nu dat de gemeenten zich niet langer op de ‘ideale overheveling’ moeten richten, want ‘daar is geen tijd meer voor, dit is alarmfase rood’! Dat had men beter eind vorig jaar van de daken kunnen schreeuwen.

Het betekent een totale omkering van de verdediging van de transitie! Voortdurend is tegen alle waarschuwingen in immers door de regering rondgebazuind dat de transitie een noodzakelijke verbetering betekende en dat kritiek werd ingegeven door ongefundeerde angst voor vernieuwing. En nu zouden we op de valreep moeten accepteren dat deze onvoldoende doordachte operatie inderdaad een debacle wordt met niet te overziene maatschappelijke schade!

Het gaat om een keten van ondoordachte ingrepen.

Allereerst organisatorisch. De gemeenten worden in 2015 ook verantwoordelijk voor werkbemiddeling en langdurige zorg. Zij zullen jarenlang energie kwijt zijn aan deze reorganisaties. Dit gaat veel geld kosten.

Ook de toegankelijkheid van de zorg is onvoldoende doordacht. Nu de toegang tot de jeugd-GGZ onder de gemeenten valt, zal deze zorg afhankelijk worden van de lokale politiek, die niet alleen onvoorbereid is maar in veel gevallen ook ondeskundig. Dit wordt met sterkere lokale partijen ernstiger.

En ten slotte schiet het wettelijk kader volstrekt tekort. De nieuwe Wet Jeugdbescherming is nog niet rond. Intussen vindt een ongekende machtsconcentratie plaats bij de gemeente, zonder dat de rechtsbescherming van ouders en kinderen adequaat is aangepast. Er is niets gedaan met de waarschuwingen en scherpe kritiek die de laatste jaren te horen waren van de kant van de jeugdadvocaten, kinderrechters en het College Bescherming Persoonsgegevens.

De Tweede Kamer mag niet met de armen over elkaar toezien hoe de jeugdzorg ontspoort en moet geen genoegen nemen met het advies van de transitiecommissie aan de gemeenten. Zij moet de regering dwingen om het breed gedragen voorstel tot drie jaar uitstel te omarmen. De positieve prognoses van het CPB geven allerminst aanleiding voor lastenverlichting, wel om nu meteen uitstel van de transitie van de jeugdzorg te verlangen en daarmee de acute instorting van de jeugdzorg te voorkomen.