Opinie

    • Hans Beerekamp

Hennepvinken zijn te weinig Europees

The Common Linnets in ‘De Wereld Draait Door’.

Liedjes mogen in De Wereld Draait Door (VARA) nooit langer dan een minuut duren, maar voor de primeur van de Nederlandse inzending naar het Eurovisie Songfestival werd gisteren een uitzondering gemaakt. Ilse de Lange en Waylon zongen live drie minuten lang de akoestische versie van Calm before the Storm. Ze traden op onder de curieuze gelegenheidsnaam The Common Linnets. Het verwijst naar de Engelse naam van de kneu, een zangvogeltje dat ook wel bekend staat als hennepvink of linaria cannabina. Misschien moeten we daarin de verklaring zoeken: Nederland, hasjland.

Die drie minuten voelen in de context van DWDD als een eeuwigheid. Dat was niet behulpzaam bij de ontvangst op Twitter, waar de trage countrysong overwegend als sloom en saai werd ervaren. Ook de eerste reacties van de echte songfestivalkenners waren, laten we zeggen, diplomatiek. Heel mooi liedje hoor, maar Paul de Leeuw vond dat de presentatie nog wel wat beter kon en Cornald Maas, later in Pauw & Witteman, verklapte dat de nog niet vrijgegeven niet-akoestische versie veel spannender klonk (een beetje als Every Breath You Take van The Police) en dat het spannende van dit nummer was dat het juist niet spannend is.

Ik begrijp die cryptisch geformuleerde waardering wel. Het nummer lijkt erg ontspannen, maar het heeft ook iets tergends, dat onder je huid gaat zitten. De organiserende AVROTROS hadden de beide topartiesten volledig de vrije hand gegeven, na het relatieve succes vorig jaar van Anouk met een ander ongebruikelijk liedje. Het publiek moet er alleen nog even aan wennen.

Er is wel een ander soort probleem. Ilse de Langes stijl zit tegen de country aan, Waylon zingt vooral soul, maar ontleent zijn artiestennaam aan countryreus Waylon Jennings. Beiden maken in wezen Amerikaanse muziek met een Europees randje. Dat werd benadrukt door de enorme hoed die Waylon gisteren droeg, die hem doet lijken op iets tussen een orthodoxe Jood, een cowboy en de oudere Bob Dylan in.

De Belgen kregen dit jaar een Oscarnominatie voor de film The Broken Circle Breakdown, over een Vlaams bluegrassbandje, gefascineerd door linedancing en Amerikaanse popcultuur. Dat laatste is een Europese lingua franca geworden, merk je elk jaar op het Songfestival.

Maar dat is maar één kant van de medaille. In veel landen met gevoel voor culturele eigenwaarde schemert juist de etnische eigenheid door in groteske rockvariaties. Je ziet dat nu alweer sterk in de Poolse inzending van dit jaar, met dirndldecolletés en linten aan de hoed. Dat heeft Nederland nog steeds niet helemaal begrepen: ja, het Songfestival is een grote ironische hyperbool, maar om een kans te maken moet je je eigenheid serieus nemen. Americana is dan uit den boze, want dat horen wij Europeanen toch al de rest van het jaar.

We zullen zien of heel Nederland weer over het Songfestival heen buitelt, als we dit jaar in Kopenhagen de finale niet halen. Maar zeg dan niet dat het komt door vuige onderhandse afspraken tussen bevriende naties, zoals, eh, Oekraïne en Rusland.

    • Hans Beerekamp