Een zwart schaap en Gauguins klompen

Tefaf biedt de bezoeker een compleet beeld van de kunstgeschiedenis, van de oude Grieken tot het modernste design. De komende tien dagen zijn er ruim 30.000 voorwerpen te koop.

Er zijn maar weinig kunstbeurzen waar je de hele kunstgeschiedenis aan je voorbij ziet trekken. Waar je zowel werk van oude Italianen als hedendaagse Britten kunt kopen. Waar aparte secties gewijd zijn aan juwelen, aan kunstwerken op papier, schatten uit de Oudheid en twintigste-eeuws design. Waar grote namen als Fernand Léger, Salvador Dalí, Vincent van Gogh, Paul Signac, Andy Warhol, Rembrandt, Lucio Fontana en Henri Matisse zij aan zij hangen. Waar je sieraden kunt kopen van Cartier en fotolijstjes van Fabergé, maar ook een backgammonspel uit 1607 dat ooit aan een Engelse koning behoorde, of een ingelijst schilderij van graffitikunstenaar Banksy.

Eigenlijk is er maar één kunstbeurs die zo’n volledig overzicht van disciplines en periodes biedt: The European Fine Art Fair (Tefaf) in Maastricht. Dit jaar, op de 27ste editie, doen 275 galeries en kunsthandelaren mee uit twintig verschillende landen. Samen bieden zij ruim 30.000 kunstobjecten te koop aan, van de beste kwaliteit.

Hollandse oude meesters waren van oudsher de spil van de beurs, en ook dit jaar is daarvan een aantal mooie voorbeelden te zien. Kunsthandel P. de Boer heeft een heerlijk portret uit 1642 van de Haarlemse schilder Johannes Cornelis Verspronck te koop, van een mollige dame met blossen op haar wangen en een fikse onderkin – een gezicht zo oer-Hollands dat je het ook nu nog tegen zou kunnen komen bij de visboer. Douwes Fine Art brengt een fraai winterlandschap mee van Barent Avercamp, die net als zijn beroemdere oom Hendrick gespecialiseerd was in ijspret. Op dit schilderij uit omstreeks 1650 wordt naar hartenlust geschaatst en gesleed op een bevroren singel, met op de achtergrond waarschijnlijk de stadsmuur van Kampen. Mooi zijn ook de kudde koeien die Aelbert Cuyp schilderde (bij Fergus Hall Master Paintings) en de zeilboot op de Merwede van Jan van Goyen (bij Koetser Gallery).

Maar het aanbod aan goede oude meesters is niet oneindig, en dus is Tefaf met zijn tijd meegegaan. Het aanbod moderne kunst groeide de afgelopen jaren sterk en sinds 2009 wordt er ook hedendaags design aangeboden. Dat is een goede zet gebleken, want het aanzien van de beurs is sindsdien alleen maar gegroeid. In 2006 werd een recordaantal van 84.000 bezoekers gehaald, waarna de Tefaf besloot de toegangsprijs tot 55 euro te verhogen – en zo het gevoel van exclusiviteit te vergroten. Sindsdien schommelen de bezoekcijfers rond de 70.000, van wie 44 procent van buiten Nederland afkomstig is.

Ondanks de toegenomen concurrentie van veilingen en andere kunstbeurzen blijft Tefaf dus een sterke speler. „De toekomst van de kunstmarkt ligt bij beurzen als Tefaf”, schreef The New York Times precies een jaar geleden. De krant constateerde dat de kwaliteit van het aanbod bij Christie’s en Sotheby’s steeds minder werd, met veel onverkochte werken op hun veilingen, terwijl kunsthandelaren voor Tefaf juist hun beste spullen bewaarden. Voor een handelaar als Johnny van Haeften, specialist in Hollandse en Vlaamse meesters, zorgt de Tefaf voor 40 procent van zijn jaarlijkse omzet.

Sommige verzamelaars zullen vanwege de financiële crisis minder beurzen bezoeken. Maar de Tefaf overslaan? Dat nooit.

    • Sandra Smallenburg