De Chinezen willen bij de wereldelite horen

In 2013 is China de Verenigde Staten voorbijgestreefd als grootste kunstmarkt ter wereld. De tijd lijkt rijp voor een Tefaf in Beijing, nu de Chinezen ook belangstelling krijgen voor oude Hollandse meesters.

Een Tefaf-bezoekster kijkt naar oriëntaalse kunst. Foto Chris Keulen

Een Tefaf in Beijing – vorig jaar maart kondigde toenmalig voorzitter Ben Janssens vol trots aan dat de Maastrichtse kunst- en antiekbeurs haar vleugels zou uitslaan. In samenwerking met veilinghuis Sotheby’s en met maximaal honderd handelaren zou ingespeeld worden op de snelle ontwikkeling van de Chinese kunstmarkt.

Een opwindend plan, dat in december wegens gebrek aan belangstelling werd afgeblazen. Van de 275 antiquairs en kunsthandelaren in Maastricht hadden slechts enige tientallen zich ingeschreven voor de beurs in de Chinese hoofdstad. De twijfel onder de potentiële deelnemers was groot. China was de Verenigde Staten dan wel gepasseerd als grootste kunstmarkt ter wereld, maar zouden Aziatische verzamelaars wel talen naar de grote specialisaties van Tefaf, zoals oude meesters en zeventiende- en achttiende-eeuws Europees meubilair?

Salomon Lilian was een van de twijfelaars die zich niet inschreven. De in Amsterdam gevestigde handelaar in Hollandse oude meesters heeft daar nu spijt van. Chinezen hebben zeker belangstelling voor schilderkunst uit de Gouden Eeuw, beseft hij nu. Afgelopen week verkocht hij voor het eerst een Hollandse oude meester aan een Chinese klant. Een museum uit Hangzhou schafte een uit 1647 daterend vrouwenportret van Bartholomeus van der Helst aan, de meest gewilde society-portrettist van zijn tijd. „De Chinezen ruiken kansen”, zegt Lilian enthousiast. Binnenkort reist hij op eigen houtje naar China om te verkennen wat de kansen daar voor hem zijn.

Verdubbelde verkoop

Lilians verkoop past in een ontwikkeling die eerder bij de grote veilinghuizen zichtbaar was. Eind vorig jaar meldde Sotheby’s dat Chinezen bij het veilinghuis in drie jaar tijd voor 275 miljoen euro aan niet-Chinese kunst hadden gekocht, meer dan het dubbele vergeleken met de periode daarvoor. Naast moderne kunst deden vooral impressionistische schilderkunst, oude meesters en negentiende-eeuwse Europese meubels het goed.

Concurrent Christie’s signaleert dezelfde trend. Het Britse veilinghuis bracht kortgeleden in Londen nog een belangrijk schilderij van Rembrandt op de markt, Man met halsberg en baret. Met een bod van 9,3 miljoen euro trok een Chinese verzamelaar aan het langste eind.

Met hun belangstelling voor westerse kunst zijn de Chinezen in de voetsporen getreden van kunstminnende Russen en Arabieren, zegt Christie’s-directeur Jop Ubbens. „Toen de Chinese economie boomde, kwamen er verzamelaars die keramiek en ander nationaal erfgoed gingen verzamelen. Daarna kwam de belangstelling voor Picasso, Warhol en andere befaamde westerse kunstenaars.”

Dat Chinezen nu ook belangstelling krijgen voor Hollandse oude meesters verklaart Ubbens met de derde wet van Newton: actie is reactie. „Dat gebeurt als een kleine Picasso 10 miljoen moet kosten en een topschilderij van Breughel al voor 5 miljoen te koop is.”

Een blik in het archief volstaat om vast te stellen hoe snel de kunstwereld is veranderd. Nog maar zes jaar geleden meldde voorzitter Ben Janssens trots dat Tefaf voor het eerst twintig Chinese bezoekers had getrokken. Dit jaar rekent de beurs op „vele honderden” verzamelaars uit China, zegt een woordvoerder.

Drie maanden geleden kreeg Salomon Lilian voor het eerst Chinezen in zijn kunsthandel aan de Spiegelgracht. Na een bezoek aan het Rijksmuseum waaiden de medewerkers van het museum in Hangzhou toevallig bij hem binnen. Lilian: „Ze werden meteen verliefd op de Van der Helst.” Dat de verkoop van het portret van de Rotterdamse burgemeestersdochter Dorothea Keijser nog enige tijd duurde, lag aan het loven en bieden. „Een beetje onderhandelen over de prijs, dat hoort er bij Chinezen bij”, zegt Lilian met een lach.

Toen de handelaar zich verdiepte in de collectie van het kunstcentrum in Hangzhou, raakte hij zeer verbaasd. „Dit is hun eerste Hollandse oude meester. Hopelijk het begin van een nieuw verzamelgebied.”

Strijd met Russen en Arabieren

Marktanalist Artprice maakte deze week bekend dat China met 3 miljard euro omzet in 2013 de Verenigde Staten weer heeft gepasseerd als grootste kunstmarkt ter wereld. Christie’s en Sotheby’s zijn recentelijk ook op Chinese bodem gaan veilen, respectievelijk in Shanghai en Beijing. En op grote veilingen elders in de wereld mengen Chinese verzamelaars zich op steeds meer terreinen in de strijd met Russische, Arabische en westerse bieders. Recentelijk gingen bijvoorbeeld belangrijke werken van Monet, Canaletto en Casper David Friedrich naar bieders uit China. En ook de onderbieder bij de veiling van Edward Munchs De Schreeuw (verkocht voor 120 miljoen dollar) was een Chinese verzamelaar.

In The Art Newspaper waagde kunstmarktredacteur Melanie Gerlis zich onlangs aan een enigszins cynische verklaring voor de smaakverandering. „Het lijkt erop dat de Chinezen deel willen uitmaken van de wereldelite – de mensen die per se een appartement willen in Battersea Power Station in Londen, premier cru’s uit de Bourgogne en schilderijen van een handelaar uit Londen of New York. Dat is het eerder dan oprechte liefde voor oude meesters.”

Hoe dank ook, de tijd lijkt rijp voor een Tefaf in Beijing. Het beursbestuur denkt nog na wanneer het een nieuwe poging waagt, zegt een woordvoerder. Salomon Lilian hoeft niet meer na te denken, zegt hij. Een volgende keer schrijft hij zich onmiddellijk in. „De kansen voor Hollandse oude meesters zijn hoopgevend in China.”

    • Arjen Ribbens