Brits koor Tallis Scholars brengt Renaissance met spaarzaam vibrato tot leven

De Tallis Scholars komen naar Nederland. „Meerstemmigheid is belangrijker dan harmonie.”

Grote koren, groot vibrato. Zo klonk ruim veertig jaar geleden de heersende koortraditie in Groot-Brittannië. De toen 20-jarige orgelstudent Peter Phillips vond dat het anders moest. „Die stijl is misschien geschikt voor romantisch repertoire, maar niet voor muziek uit de Renaissance”, zegt hij. „De meerstemmigheid is in de oude muziek veel belangrijker dan de harmonie. Dat betekent dat je de middenstemmen ook goed moet laten horen.”

Als één van de eersten werkte hij aan een stijl met spaarzaam vibrato en een kleine, transparante groep zangers. De Talllis Scholars waren geboren; vele opnames maakten dit ensemble in de loop van veertig jaar wereldberoemd.

Niet dat Phillips pretendeert te weten hoe men in de 15de en 16de eeuw precies zong. „Sterker nog, wil je exact de bronnen volgen, dan krijg je twijfelachtige resultaten. Van de Sixtijnse Kapel zijn bijvoorbeeld oncomplimenteuze verslagen bewaard gebleven van oude monniken met slechte stemmen. Repetities waren daar vaak een chaos. Ik baseer mijn opvatting allereerst op de partituur en hoe deze het best tot zijn recht komt.”

Hoewel Nederland destijds in de ‘historische uitvoeringspraktijk’ van barokmuziek voorop liep, kan Phillips zich geen Nederlandse pioniersvoorbeelden herinneren wat betreft de koormuziek uit de Renaissance. „Ik dirigeerde in 1988 het Nederlands Kamerkoor, kreeg daar niet wat ik wilde en ben weggegaan. Maar dit jaar keerde ik terug en was ik zeer verrast door het inmiddels zeer hoge niveau.”

In jubileumjaar 2013 gaven de Tallis Scholars 99 concerten in landen over de hele wereld. Zondag zingen ze in Den Haag en Amsterdam een programma van Tallis, Allegri en Byrd, maar ook van ‘neo-spiritualisten’ Arvo Pärt en Eric Whitacre. Phillips: „Twee concerten op één dag is zwaar, we kozen repertoire dat ons niet te hoog of te hard laat zingen.”

Nieuwe ensembles, zoals het veel rauwere Graindelavoix, rammelen aan de poort, maar Phillips blijft er onbewogen onder. „Het verwijt dat we te glad en gepolijst zouden zingen, horen we al veertig jaar. Er komen voortdurend nieuwe clubs, die een unique selling point nodig hebben. Zelf zijn we nauwelijks veranderd. Ik wilde een gefixeerd geluid bereiken waarbij helderheid voorop staat.”

    • Floris Don