Toezichthouder: Inlichtingendiensten overtreden de wet

Het satellietstation in het Friese Burum speelt een grote rol bij het onderscheppen van telefoonverkeer. Foto Hollandse Hoogte

De Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) constateert in een gisteren verschenen rapport diverse onrechtmatigheden in het werk van de AIVD en de MIVD. De belangrijkste conclusies op een rij.

Zwaarwegend belang nodig

De AIVD maakt te ruim gebruik van de bevoegdheid om webfora te hacken. Daardoor vergaart de dienst ook de persoonlijke gegevens van mensen die geen onderzoeksobject zijn. Deze krant berichtte eind november op basis van documenten van klokkenluider Edward Snowden over deze hackmethoden. Minister Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken, PvdA) zei toen zeker te weten dat de AIVD binnen de wet handelde. De CTIVD is daar niet van overtuigd. „Er dienen zwaarwegende operationele belangen aanwezig te zijn, wil het proportioneel zijn om de inhoudelijke communicatie te verwerven van personen die daartoe vanuit het perspectief van de nationale veiligheid geen aanleiding geven”, waarschuwt de commissie.

Veel vertrouwen in buitenland

De CTIVD stelt nadrukkelijk de systematiek ter discussie van het delen van inlichtingen met onder andere de Amerikaanse NSA. Zij vindt dat de AIVD en de MIVD er in „grote mate” op vertrouwen dat buitenlandse diensten „mensenrechten respecteren en handelen binnen de eigen nationale regelgeving”. De commissie vraagt zich af of het „in het licht van de onthullingen van de afgelopen periode gewenst is om na te gaan of dit vertrouwen nog steeds terecht is”.

Deze krant berichtte dit weekeinde over de al jaren bestaande intensieve samenwerking tussen de MIVD en de NSA. Daaruit bleek dat de inlichtingen van de MIVD van groot belang zijn in de Amerikaanse oorlog tegen terrorisme, waarbij de Amerikanen ook verdachte terroristen liquideren met onbemande vliegtuigen.

De toezichtscommissie stelt nu vast dat voor deze vorm van samenwerking tussen de MIVD en de NSA nooit toestemming is gegeven. Bij het delen van deze bulkgegevens gaat de MIVD bovendien zo onzorgvuldig te werk, dat de commissie het werk van de Nederlandse inlichtingendienst kwalificeert als „onrechtmatig”.

Terughoudendheid nodig

De CTIVD maakt korte metten met de houding van de AIVD en MIVD ten aanzien van gedragsgegevens, zogeheten metadata. Dat zijn kenmerken van communicatie: welk nummer belt met welk nummer, hoe lang en wanneer. De diensten zien het verzamelen daarvan als een „minimale privacyinbreuk”, zo zei het hoofd van de MIVD Pieter Bindt in het najaar. De commissie oordeelt echter dat deze gegevens zo veel persoonlijke kenmerken bevatten dat aanvullende waarborgen nodig zijn bij het verzamelen ervan. Deze opvatting betekent dat AIVD en MIVD in het vervolg terughoudender zullen moeten zijn met het verzamelen van inlichtingen.

Techniek loopt voor op wet

De CTIVD constateert ten slotte dat technologische ontwikkelingen het mogelijk maken bevoegdheden op nieuwe, niet altijd door de wetgever voorziene, manieren in te zetten. Dit heeft tot gevolg dat de werkwijzen van de diensten thans onvoldoende waarborgen bieden voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, terwijl strikt genomen de wet niet wordt overtreden. Denk hierbij aan nieuwe zoekmethoden in verzamelde gegevens, het automatisch inzichtelijk maken van patronen in menselijk gedrag en het plaatsen van spionagesoftware in computersystemen.