Belgisch bier en Bossche historie

Het bedrijfsuitje van de bank: drie restaurants.

Bedrijf: Een afdeling van een bank uit Den Bosch

Deelnemers: 20

Prijs: 75 euro

Wat gaan ze doen?

Op een koude donderdagavond is een groep van de bankafdeling factoring (het overnemen van facturen) op weg naar het ‘walking winter dinner’ in Den Bosch. Drie restaurants, drie gangen. Onderweg spijkert gids Wim de kennis van de bankiers bij over de binnenstad. De bank wil liever niet met naam in de krant, want het thema bedrijfsuitje ligt gevoelig sinds de crisis.

Wat is het doel?

De meeste medewerkers van de afdeling wonen niet in Den Bosch. Doel is de forensen die niet verder komen dan het bedrijventerrein langs de snelweg, waar de afdeling is gevestigd, kennis te laten maken met het middeleeuwse centrum. Via Google kwam de organisatie bij bedrijfsuitjes.nl terecht.

En, hoe was het?

„Sla ’m achterover!” De Belgische biertjes moeten in straf tempo worden weggewerkt – want het schema is strak. Een collega vertrouwt de bewoners van de Bossche binnenstad niet en zeult met een laptoptas. „Zit daar een luchtbed in?” grapt een ander. De vestingstad is gebouwd op moerasachtige grond, zegt gids Wim. Hij geeft in vogelvlucht een historisch exposé over de stad. „Vragen?” „Kunt u het nog even opnieuw vertellen?” Onderweg naar restaurant twee wijst Wim op de Mariabeeldjes langs de route. De rivier de Binnendieze loopt in Den Bosch onder de huizen door, weet Wim. Een van de locals: „Ik heb nog niets nieuws gehoord.” Pestlijders mochten vroeger bij het Groot Ziekengasthuis aanbellen voor gratis zorg. Dat is wel nieuw voor Bosschenaren Adam (34) en René van Nunen (40). Bij de ‘surf & turf’ komen de verhalen over vroegere uitjes los. Over de tijd dat de corporate finance-collega’s uit het buitenland boos werden als ze moesten slapen in het Grant in plaats van het Amstelhotel. De tijd dat er champagne werd gedronken op de Zuidas. In Den Bosch drinken de bankiers spa rood. De afdeling doet niet aan vrijmibo’s. „Weet je wat het is”, zegt Adam, „op de Zuidas loop je zo een kroeg binnen. Hier moeten mensen toch weer in de auto naar huis.” Het is hier wat meer een ‘mkb-setting’, concludeert Van Nunen. „Meer een fabriek.”