Wouter Bos hoeft niet langer realistisch te zijn

Niet de vraag om een referendum over Europa, maar de redengeving maakt de oproep van Wouter Bos zo interessant. Want ja, er worden op grote schaal bevoegdheden overgedragen.

Wouter Bos pleit voor referendum Foto ANP

Hoe haalbaar is het pleidooi van oud PvdA-leider Wouter Bos om een referendum over het Nederlands lidmaatschap van de eurozone te houden? Zelf leek hij daar afgelopen zondag ook enigszins over te twijfelen, toen hij het idee tijdens een debat in het Amsterdamse debatcentrum de Balie lanceerde. „De periode dat ik realistisch moest zijn heb ik achter me gelaten”, zei Bos.

Op zijn ‘eigen’ PvdA hoeft hij in elk geval niet te rekenen. Zo maar een referendum over de euro, dan wel de Europese Unie, daar voelt de partij niets voor. Een „wild idee” noemde de huidige leider van de PvdA, Diederik Samsom het gisteravond in het tv-programma Eén op Één. De PvdA is niet principieel tegen een referendum, maar zo’n volksraadpleging moet dan wel op een ordentelijke manier verlopen. ‘Zomaar’ een referendum over Nederland en Europa uitschrijven, past niet in de categorie ordentelijk. Om die reden sprak een grote meerderheid in de Tweede Kamer zich in januari dan ook uit tegen een soortgelijk voorstel van het Burgerforum EU.

Wel moet de bevolking zich kunnen uitspreken over concrete wetsvoorstellen. Daar kunnen ook EU-zaken onder vallen zoals een wijziging van het Europees Verdrag, waarin de bestuurlijke bevoegdheden van Europa zijn vastgelegd. Een initiatiefvoorstel om een zogeheten raadgevend referendum te introduceren, kreeg vorig jaar met de stemmen voor van PvdA, PVV, SP, D66, GroenLinks, 50Plus en de Partij voor de Dieren een meerderheid in de Tweede Kamer. Binnenkort zal de Eerste Kamer zich erover uitspreken. De partijen die in de Tweede Kamer zorgden voor een meerderheid, beschikken in de Senaat eveneens over een meerderheid.

Een raadplegend referendum moet worden georganiseerd als 300.000 mensen te kennen hebben gegeven dat zij dit willen. Voor een beladen onderwerp als Europa hoeft dit aantal geen obstakel te zijn. Maar het gaat wel om voorgenomen en zodoende toekomstige wetgeving. En dat is het grote verschil met het idee van Wouter Bos. Hij vindt dat als gevolg van de eurocrisis de afgelopen jaren zoveel macht van de lidstaten naar Europa is overgedragen, dat dit door middel van een referendum met terugwerkende kracht aan de bevolking zou moeten worden voorgelegd. „Ter legitimering van het avontuur waar we nu mee bezig zijn’’, aldus Bos. Wat hem betreft wordt het een radicale keuze: ja, tegen de euro met alle consequenties in de vorm van overdracht van bevoegdheden, tevens zijn keuze, of nee tegen de euro, maar dan zou Nederland de groep van inmiddels achttien eurolanden ook moeten verlaten.

Zoals twee maanden reeds bleek, is deze voor-of-tegen-Europa-vraag een weg die een meerderheid van de Tweede Kamer niet op wil. Zodoende is Bos’ oproep dan ook een onhaalbare. Maar minstens zo interessant voor het huidige nationale Europa-debat is de argumentatie van de oud-minister van Financiën. Hij gaf onomwonden toe dat met de totstandkoming van de Bankenunie en de controle van Brussel op nationale begrotingen immense stappen op het gebied van de Europese integratie zijn gezet. Bos: „We maken de grote stap voorwaarts op het moment dat we tegen de bevolking zeggen dat we het iets rustiger aan doen met Europa.’’

Het is de eerlijkheid van de ex-politicus. Een eerlijkheid die hem door het huidige kabinet niet in dank zal worden afgenomen.

    • Mark Kranenburg