Lokale verslaggeving: snel, kort, goedkoop

Met de teloorgang van regionale pers gaat ook het volgen van de lokale politiek verloren. In kleine gemeenten wordt nauwelijks nog verslag gedaan van lokaal beleid. „Er is geen tijd voor uitzoekjournalistiek.”

Jeroen Oosterheert vanAlmere Vandaag aan het werk tijdens de Politieke Markt. Foto Roger Cremers

De gemeenteraadsverkiezingen staan voor de deur. Maar wordt de gemeenteraad nog wel gevolgd? In kleine gemeenten niet, vreest onderzoeker Quint Kik van het Stimuleringsfonds voor de Pers. „Alle alarmbellen zouden af moeten gaan bij de lokale bestuurders.”

Ook de Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) maakt zich zorgen over regionale verslaggeving. Budgetten dalen, oplages en advertentieverkoop krimpen. „Dus korten uitgevers op de vaste mensen. Freelancers die dan worden ingehuurd krijgen 45 euro per stukje”, zegt Annabel de Winter, secretaris Dagblad en Lokale Media bij de NVJ. „Voor dat geld kun je niet verwachten dat iemand vergaderingen bijwoont of de lokale verkiezingsprogramma’s vergelijkt.”

Het aantal journalisten dat fulltime werkte voor een regionale krant liep volgens de vakbond terug van 2.400 twintig jaar geleden tot 1.503 eind 2012. En daar zijn recente ontslagen, onder meer bij TMG en HMG (voorheen HDC) en Wegener, nog niet vanaf getrokken. Bij de regionale omroep werkten in 2012 nog 824 mensen. Staatssecretaris Sander Dekker (Media, VVD) komt eind deze maand met een toekomstvisie, onder meer over de regionale omroep.

Het aantal nieuwsmedia lijkt op het eerste oog toe te nemen: naast de krant of de omroep kun je als lezer voor je regionale nieuws ook terecht bij je lokale variant van dichtbij.nl of bij hyperlocals, onafhankelijke websites. Piet Bakker, lector Massamedia en Digitalisering aan de Hogeschool Utrecht: „Dat lijkt goed nieuws, maar het gaat vooral om aggregatiesites. Die brengen gerecycled materiaal. Er zijn dus meer media, maar er is minder nieuws.”

In september vorig jaar publiceerden Quint Kik en Lammert Landman Wie waakt er in de regio?, een onderzoek voor het Stimuleringsfonds voor de Pers naar berichtgeving over lokaal beleid. In één week codeerden ze in 80 gemeenten al het online nieuws dat voorbij kwam, in het bijzonder nieuws over lokaal beleid. Ze keken naar omroepen, sites van regionale dagbladen, huis-aan-huisbladen en hyperlocals. 17 Procent van de 4.627 berichten bleek over lokaal beleid te gaan: per gemeente ging het om gemiddeld tien van de 58 nieuwsberichten. Maar de verschillen tussen gemeenten waren groot: de onderzoekers concludeerden dat in gemeenten kleiner dan 50.000 inwoners nieuws over lokale politiek vrijwel ontbrak. Hoe kleiner de gemeente, des te schuwer de waakhond.

Daarbij moesten 400 onderzochte berichten worden gediskwalificeerd, omdat ze niet origineel bleken te zijn. Kik: „Daarvan kwam de tekst van een andere site, of bijvoorbeeld rechtstreeks van een politiebericht. Op internet maakt iedereen zich schuldig aan knip- en plakwerk.”

Het onderzoek kreeg kritiek omdat de onderzoekers vooral naar online media hadden gekeken. Deze maand doen Kik en Landman een vervolgonderzoek in 20 gemeenten, waarbij ze ook papieren edities en radio-uitzendingen onderzoeken. Ditmaal coderen ze niet alleen lengte en onderwerp, maar ook het aantal gebruikte bronnen, om meer te kunnen zeggen over de kwaliteit. Want, is de vrees, niet alleen de kwantiteit, maar ook de kwaliteit van de lokale nieuwsvoorziening neemt af. Kik en Landman troffen achtergrondartikelen bijna alleen aan in grote gemeenten; vaak moet de lezer het doen met ‘kortjes’ van amper 150 woorden.

„Van dat soort stukken komt de meerwaarde niet”, zegt Piet Bakker. „Natuurlijk moet je soms bij het slaan van een eerste paal van een schoolgebouw zijn, maar misschien is die school daar neergezet omdat de projectontwikkelaar een neef van de wethouder is. Wie komt daar nog achter? Voor agendajournalistiek is nog wel tijd, maar niet voor uitzoekjournalistiek.”

Regionale samenwerking kan de regiopers redden, zeggen betrokkenen. Het is onnodig dat verslaggevers van regionale omroepen en kranten hetzelfde werk doen.

In Brabant zijn ze al zo ver. Sinds september bestaat daar met geld van het Stimuleringsfonds het Mediacentrum West-Brabant, een samenwerkingsverband tussen BN DeStem en omroep Brabant. Ze delen agenda’s en bronnen, en voeren samen een gemeenschappelijke nieuwsdienst. De resultaten zijn goed. Tot nu toe werkten de journalisten vooral samen in korte nieuwsberichten. „Maar we zochten ook samen naar het verhaal achter de laatste onbekende soldaat die begraven ligt op het Poolse ereveld in Breda”, zegt Johan van Uffelen, hoofdredacteur van BN DeStem. Samenwerking op het gebied van politieke verslaggeving is er nog weinig, vertelt hij, maar omroep en krant organiseren wel samen verkiezingsdebatten.

Hij is zo enthousiast dat hij, samen met de hoofdredacteuren van Eindhovens Dagblad en Brabants Dagblad en de omroep, naar de provincie is gestapt met een plan voor een Brabantse Nieuws Coöperatie.

De NVJ heeft 2014 uitgeroepen tot Jaar van de Regio, en gelooft in het investeren van publiek geld in de regionale journalistiek. Maar kan een journalist kritisch schrijven over de hand die hem voedt? „Waarom zouden we bezwaar hebben tegen overheidssubsidie bij een krant, maar niet bij een omroep?”, zegt Van Uffelen. „Ik ben eindredacteur geweest bij RTL Nieuws en bij de Wereldomroep en er is geen verschil in journalistieke houding.”

    • Janna Laeven