Kunst met heldere blik op hoe samenleving verandert

Videokunstenaar Wendelien van Oldenborgh maakt werken waarin ze iets zegt over de samenleving. Het levert haar de Heinekenprijs (1 ton) op.

De installatie La Javanaise van Wendelien van Oldenborgh in Stedelijk Museum Bureau Amsterdam, 2012. Courtesy Wilfried Lentz Rotterdam, Wendelien van Oldenborgh

De prijzen rijgen zich aaneen voor Wendelien van Oldenborgh. Vandaag krijgt ze de dr. A.H. Heinekenprijs, de grootste prijs in Nederland voor beeldende kunstenaars. Die levert haar 50.000 euro op plus nog eens 50.000 euro die ze voor een publicatie of tentoonstelling moet gebruiken. Ze heeft net het DAADstipendium gekregen om een jaar in Duitsland werken. En in 2011 won ze de Chabotprijs, in 2010 de Marian McMahon Award.

De jury van de Heinekenprijs vindt dat ze zich onderscheidt van andere kunstenaars „door de bijzondere wijze waarop ze maatschappelijke thema’s openbreekt en ruimte schept voor de specifieke stemmen, ruimtes en houdingen die de onzichtbare en soms ook verwarrende ondergrond vormen voor onze gemedialiseerde werkelijkheid”.

Wendelien van Oldenborgh maakt filmisch werk. Ze maakt geen documentaires en ze schiet niet wekenlang materiaal. Filmen doet ze op één of twee momenten, waar ze „ideeën, mensen en de plaats” laat samenkomen. „Mijn werken zijn composities van beeld, geluid en plaats. Soms een beetje vergelijkbaar met avant-gardefilms, zoals die van de Franse regisseur Godard. En soms worden het installaties met stills uit het gefilmde materiaal.”

Haar onderwerpen zijn vaak politiek geëngageerd. Toen Van Oldenborgh na lange tijd terugkeerde in Nederland, was ze verbaasd over de xenofobie hier. Daarop reageerde ze bijvoorbeeld met het werk Supposing I love you. And you also love me, met rollen voor immigrantenjongeren en de omstreden Zwitsers-Egyptische islamfilosoof Tarik Ramadan. In andere werken confronteerde ze Nederlanders met suggesties dat hun koloniale verleden nu nog steeds impact heeft. De blik van een buitenstaander in Nederland heeft ze niet verloren, zegt ze. „Alles wat ik internationaal zie en doe, blijf ik meenemen en verder ontwikkelen.”

Op dit moment is ze bezig met een werk over Het Karregat in Eindhoven, vertelt ze. In de jaren zeventig ontwikkelde architect Frank van Klingeren daar een wijkcentrum zonder muren tussen supermarkt, school, bar en bibliotheek. De leerlingen konden boeken halen uit de bibliotheek en leerden rekenen in de supermarkt. Patiënten voor de huisarts hadden de bar als wachtkamer.

„Toen ik daar anderhalf jaar geleden voor het eerst kwam, liep ik letterlijk tegen muren aan”, zegt Van Oldenborgh. Die hadden de gebruikers daar in de loop van de tijd gemaakt. „Ik heb met veel mensen gesproken die in het verleden gebruikmaakten van Het Karregat. Het sociale experiment is deels geslaagd. Maar het gebouw is totaal veranderd. En van het idee van een Open School is helemaal nooit iets terechtgekomen, ondanks dat het concept destijds in de lucht hing.”

Het Karregat verbeeldt voor haar „hoe sociale waarden in de jaren zeventig centraal stonden en nu economische waarden”, zegt ze. „Maar er is nog wel continuïteit van de sociale verbanden en economisch gezien kunnen we een rechte lijn trekken tussen toen en nu: het systeem waar we nu onder lijden – het neoliberalisme – was toen al sterk aanwezig.” De vorm van haar film over Het Karregat, die Beauty and the right to the ugly gaat heten, staat nog niet vast.