De Romein uit Ridderkerk was hart van Oranje

Door de knieblessure van Kevin Strootman is er een groot gat geslagen in het middenveld van Oranje op het WK. „Het spel naar voren beheerst hij als geen ander.”

Middenvelder Kevin Strootman van AS Roma ging zondag in de wedstrijd tegen Napoli neer. Gisteren volgde de diagnose: een gescheurde kruisband, waardoor hij het WK aan zich voorbij moet laten gaan. Foto EPA

Dramatisch. Een aderlating. Een „droom valt in duigen” voor Kevin Strootman. In zijn korte persbericht gaf bondscoach Louis van Gaal gistermiddag niet alleen woorden aan zijn eigen gevoelens van teleurstelling na het onheil dat over zijn team is neergedaald. Met hem ervoeren miljoenen Oranje-supporters een soort stomp in de maag bij het nieuws dat de stoere middenvelder het toernooi in Brazilië kan vergeten. Kruisband gescheurd, mogelijk een half jaar herstel.

Maar het ergst is het natuurlijk voor Strootman zelf, vond Van Gaal. „Ik denk dat zijn wereld op dit moment even instort.” En met die wereld van Strootman verschrompelt ook het hart van het Nederlands elftal. De verbindingsofficier van AS Roma is er niet bij deze zomer, de jonge sterke man in een elftal dat van zichzelf geen enkele notie heeft hoe ver het kan komen. Oranje gaat naar Brazilië zonder de derde aanvoerder, tevens de enige onomstreden factor in de twee probleemlinies van de ploeg: middenveld en verdediging.

Het elftal had al een waterhoofd, zo ruimschoots als het bedeeld is in aanvallende kwaliteit. Achter Robin van Persie en Arjen Robben wordt de bezetting allengs schraler. Wie moet er linkshalf staan? Stijn Schaars? Urby Emanuelson? Jonathan de Guzman? Daley Blind? Georginio Wijnaldum?

Of moet dan maar het systeem van twee lopende middenvelders met daarachter een controlerende man overhoop, nu een van die dynamische jongens in de kreukels ligt? Hoofdbrekens – alsof hij er al niet genoeg had – voor Van Gaal, wiens Nederlands elftal over drie maanden en drie dagen zijn eerste WK-wedstrijd speelt, tegen Spanje.

Het was de speler die je meteen opstelde. Onkwetsbaar ook, leek het. Bij aanvaller Robben bestaat de eeuwige vrees voor een knappend spiertje, bij spits Van Persie werd dit seizoen de kwetsbaarheid van het ouder wordende lijf zonneklaar in opeenvolgende lies- en dijbeenblessures. Maar Strootman (24) kon toch weinig gebeuren: de Romein uit Ridderkerk is in de kracht van zijn bestaan.

De opbeurende berichten stroomden gisteren binnen. En vanochtend in De Telegraaf, van mannen die weten hoe het voelt om je kruisband te scheuren: Marco van Ginkel, John Heitinga en Ron Vlaar. Strootman is zelf een attente prof, volgens oud-ploeggenoot Erik Pieters. Nadat die uit frustratie een ruit in het Philips Stadion kapotsloeg en direct geopereerd moest worden aan zijn verwondingen, stond Strootman als eerste klaar. „Wat ik begreep, is dat hij elk ziekenhuis is afgereden om bij mij te zijn”, zei de linksback vorig jaar.

Via Sparta, FC Utrecht en PSV klom Strootman in drie jaar op van de eerste divisie tot de jongste aanvoerder ooit van het Nederlands elftal (op zijn 22ste, tegen Andorra) en een gewaardeerde kracht in de Italiaanse Serie A. Zo snel ging zijn carrière dat hij soms nog wel eens ‘Sparta bal’ riep toen hij al de kleuren van een andere club verdedigde. Maar overal paste hij zich ogenschijnlijk moeiteloos aan het niveau aan. Op inzicht als het kon, anders op karakter. „Het spel naar voren beheerst hij als geen ander”, zei zijn oud-coach Foeke Booy zondag nog.

Die avond zakte Strootman in de zevende minuut van de uitwedstrijd tegen Napoli door zijn linkerknie. Met beide benen los van de grond incasseerde hij een beuk van de Zwitser Blerim Dzemaili. De landing was daardoor ongecontroleerd en hard. De rechterknie was met tape gestabiliseerd na een tik op het gewricht in de oefeninterland tegen Frankrijk vorige week, maar het was de linkerknie die bezweek. Daar doet geen stuk tape iets aan. Gewoon domme pech.

Minuten later probeerde hij het nog, maar na een trekkebenend sprintje om een gat dicht te lopen in het eigen strafschopgebeid, zeeg Strootman ineen na een tweede pijnscheut in de knie. De schade zou gistermiddag blijken uit de MRI-scan: geen WK. Hij voorvoelde het ongetwijfeld toen hij huilend van het veld gereden werd.

Tegen Frankrijk was hij vorige week woensdag nog de beste man van het veld geweest , tot hij voor rust van het veld ging met een pijnlijke rechterknie. Heel veel dreiging ging er niet uit van zijn spel, maar hij was in ieder geval niet bevreesd om zich onder druk aan te bieden en zijn verdediging in de opbouw te ontlasten. Zo’n speler dus, met het zelfvertrouwen van een aanvoerder. Met redelijke precisie in de passing en een over-mijn-lijk-mentaliteit bovendien.

Zondag zette hij, in de weinige minuten die hem waren gegeven, een teamgenoot prachtig vrij voor het doel, met een stiftballetje over de defensie van Napoli. Daarna botste Strootman op Dzemaili, het vleesgeworden noodlot, en werd zondag 9 maart de dag waarop Oranje zijn belangrijkste middenvelder voor het WK verloor.

Twee nederlagen leed het Nederlands elftal onder Van Gaal: de eerste tegen België en de laatste tegen Frankrijk. Bij de eerste ontbrak Strootman met een enkelkwetsuur, bij de laatste haakte hij na ruim een half uur af. „Wij kunnen met dit Oranje echt wel wat moois laten zien in Brazilië”, waren Strootmans afsluitende woorden in een interview met Voetbal International vorige week.

Nu moeten anderen opstaan. Mindere goden, maar het moet maar.