Libische troepen omsingelen door rebellen volgeladen olietanker

De olietanker in de haven van As Sidr, afgelopen zaterdag. Foto Reuters / Esam Omran Al-Fetori

In een haven in het oosten van Libië is de spanning tussen rebellenmilities en regeringstroepen verder opgelopen. De rebellen hebben daar een olietanker volgeladen met 30 miljoen dollar aan ruwe olie, die ze willen verkopen. Maar de marine en regeringstroepen hebben de tanker, genaamd Morning Glory, omsingeld. Volgens de autoriteiten is de tanker inmiddels zelfs ingenomen.

Update 18.54 uur: Volgens een bron bij het leger hebben de autoriteiten inmiddels de controle over de tanker overgenomen en zal het schip naar een door de regering gecontroleerde haven in het westen van het land gebracht worden. Dat schrijft persbureau AFP. Een woordvoerder van de rebellen ontkent tegenover Reuters dat de tanker uit handen is gegeven.

Zo’n 2,5 jaar geleden, in het najaar van 2011, kwam er in Libië een einde aan het Gaddafi-regime. Groepen rebellen die hadden geholpen met het verdrijven van de dictator werden vervolgens door de nieuwe regering in dienst genomen, maar groeiden uit tot aparte milities die nu het gezag van de staat ondermijnen. Ze willen meeprofiteren van de olierijkdom van het land en proberen daarom nu zelf een olietanker die in de haven van Es Sidr ligt te gelde te maken. De regering dreigde eerder de tanker te bombarderen als de reis daadwerkelijk ingezet zou worden.

‘Federalisten’ bedreigen macht én portemonnee van regering

Es Sidr is een van de olie-installaties die sinds vorige zomer bezet worden door de zogeheten federalisten. Volgens correspondent Gert van Langendonck vormt die militie niet alleen een bedreiging voor de macht over het land, maar ook voor de financiële slagkracht:

“Ze eisen meer autonomie voor Cyrenaica, het oosten van Libië. Door de bezetting van de oliedepots is de olieproductie gedaald van 1,5 miljoen barrels per dag naar 250.000 barrels per dag. Dat heeft Libië al zo’n 6,5 miljard euro gekost.”

Tot nu lukte het de federalisten, ondanks dreigementen, niet om olie zelf te verkopen. Van Langendonck:

“Zo makkelijk is het niet om landen of bedrijven te vinden die achter de rug van de officiële regering olie willen kopen. Bovendien is dat voor de regering een rode lijn. In januari werd reeds een Maltese tanker beschoten toen die probeerde aan te meren bij Es Sidr. Tripoli zal er dan ook alles aan doen om het transport te verhinderen. Indien de federalisten er daadwerkelijk in slagen om de olie zelf aan de man te brengen is de Libische regering het laatste restje van haar geloofwaardigheid kwijt.”

Libië heeft bijna geen andere inkomsten dan die uit olie. Door het wegvallen van de olie – en het kwistig uitdelen van geld door de overheid – kampt de regering met liquiditeitsproblemen. Tot dusver haalden de federalisten echter zelf ook geen profijt uit de olie-installaties die ze bezetten.

Van Langendonck schreef begin januari een reportage waarin de kwestie ook ter sprake kwam.

    • Peter Zantingh