In de rij voor een plek op school

Deze week schrijven ouders hun kind in voor een middelbare school. In Rotterdam stonden ze al om vier uur voor de deur.

Er waren geruchten over ouders die in tenten zouden overnachten op het grasveld voor het Libanon Lyceum in Rotterdam. Zo gek werd het nét niet. Maar om even na vier uur ’s ochtends staan de eerste ouders in de rij. Om zeven uur in de ochtend is de rij aangezwollen tot een honderdtal vaders en moeders achter een afzetlint. Er worden nummertjes uitgedeeld als bij de bakker.

De inschrijfgekte voor middelbare scholen heeft nu ook Rotterdam bereikt. Deze week krijgen achtstegroepers in heel Nederland de uitslag van de Cito-toets. Daarna schrijft iedereen zich in voor een middelbare school. In Amsterdam en Utrecht speelt het tekort aan plaatsen op populaire middelbare scholen al langer en hebben ze een strak regime. Rotterdam moet dat kunstje nog leren. Bij het Libanon Lyceum is het: wie het eerst komt, wie het eerst maalt.

De sfeer in de rij varieert tussen opstandigheid en gelatenheid. Petra Steinvoort komt precies om negen uur aan en treft honderden wachtenden voor zich. „Dit is echt absurd”, zegt ze. Ze komt uit een andere wijk en had niet over de inschrijfgekte gehoord. In de wijk Kralingen waar de school staat, weet iedereen het.

De dochter van Petra Steinvoort koos voor het Libanon Lyceum vanwege het Technasium, een extra techniek-vak, waarbij leerlingen ook leren ontwerpen, onderhandelen en presenteren.

Rob Berkhout stond om kwart over zes uur voor de school. Hij heeft zijn zoon op twee scholen ingeschreven, vertelt hij eerlijk. „Je moet wel”, zegt hij met een knikje naar de rij.

Je wordt verplicht om dubbel in te schrijven, zeggen ouders boos. „Je krijgt één inschrijfkaart van de gemeente”, zegt een moeder. „Daarmee zou je je maar bij één school moeten kunnen inschrijven. Maar veel Rotterdamse scholen accepteren inschrijving zonder kaart. En dan sta je eerst in de rij. En naderhand begint het grote heen-en-weer-geschuif. ”

Jasmina, Nawal en nog een vriendin kijken beteuterd naar de nummertjes in hun handen. 305, 308 en 273. „Ik vind het gemeen”, zegt Nawal. „Op de voorlichtingsdag werd duidelijk gezegd dat de inschrijving pas om negen uur zou beginnen. Kom je negen uur, krijg je dit.” Ze willen hun kinderen op het Libanon Lyceum omdat ze het een prettige en veilige school vinden. „Bovendien is het een lichte school”, zegt de vriendin. Ze bedoelt: niet te veel allochtone kinderen.

De conciërge roept over de menigte: Nummer 150 tot 200 kunnen inschijven. Hij kijkt er een beetje ongemakkelijk bij.