Holland zoekt een Pogba van de polder

Ajax en Oranje zijn onlangs te kijk gezet. De KNVB zet in op conditie en kracht: redding van de Hollandse School?

In de 90ste minuut gaat zijn hand even in de zij. Moe? Quincy Promes (22) maakte deze week zijn debuut voor Oranje en daarmee werd het begrip ‘midweeks voetbal’ voor hem tastbaar. Vier dagen later raakt hij amper in het spel betrokken, terwijl zijn FC Twente zichzelf tegen Go Ahead Eagles in de Deventerse voorjaarszon uitrangeert in de titelstrijd. „In de top moet je ook doordeweeks spelen, dat mag geen excuus zijn”, zegt Promes na de wedstrijd. „Fysiek voel ik me goed, moet ik zeggen.”

Promes speelde vorig jaar nog met Go Ahead in de eerste divisie. Negen maanden later, woensdag dus, debuteerde hij in Oranje met zijn maatje Jean-Paul Boëtius (19), in een uitverkocht Stade de France. „Het was onze eerste wedstrijd, dan kun je niet meteen verwachten dat we de sterren van de hemel spelen.”

Nee, dat kan inderdaad niet. Maar toch: zo kort nadat Red Bull Salzburg landskampioen Ajax van de mat had gespeeld, was de nederlaag tegen Frankrijk opnieuw een Nederlands echec tegen een ploeg met simpelweg een grotere cilinderinhoud. Dat we voor de top financieel tekortkomen, wisten we al. Leggen we het nu ook fysiek af? Bondscoach Louis van Gaal sprak vorige week zijn bewondering uit over Paul Pogba, de Franse middenvelder die twintig is en dertig lijkt. Groot (1 meter 88), sterk, kan nog voetballen ook. „Dat soort hebben wij niet in Nederland”, zei Van Gaal met spijt. Althans: „Niet zo veel.”

Waar is de Pogba van de polder? Technisch directeur Jelle Goes van de KNVB neemt het meteen op voor Promes en Boëtius, die hij weleens wil zien als ze 24, 25 zijn. „Kijk eens naar de gemiddelde leeftijd van het team waar ze tegen speelden.” Maar spreken we in het algemeen, dan ziet Goes zeker ruimte voor verbetering in de weerbaarheid van Nederlandse talenten. „Al is het fysieke verhaal nooit een op zich zelf staand iets, het is altijd én-én.” Kracht zit ook in instelling, zegt hij. „Wat is voor jou een duel ingaan? Zie je wel hoe het afloopt, of ga je er écht voor?”

Hoewel de KNVB afhankelijk is van de opleidingsstructuur bij clubs, komt de ‘voetbalconditie’ als het aan de bond ligt nadrukkelijker onder de aandacht. Goes: „Voetbalacties moeten explosiever en krachtiger, en over langere tijd volgehouden kunnen worden.” Het is wat Guus Hiddink, die deze week naar verwachting wordt gepresenteerd als nieuwe bondscoach, recentelijk aanduidde als de ‘Hollandse School plus’. „Het voetbal mag wat mij betreft iets meer richting overleven”, zei hij in VI. „We moeten toe naar een speelwijze en stijl waar goed positiespel geen doel op zich is, maar wordt ondersteund door spelers met veel atletisch vermogen. Die ontwikkeling moet aan de basis in gang worden gezet.”

Wat gaat er nu niet goed dan? Goes, die in het verleden onder meer hoofd jeugdopleiding was bij PSV, houdt zich daarover op de vlakte – hij is pas een half jaar in dienst bij de KNVB. „We moeten geen afstand doen van onze Hollandse School. Wat goed is, is goed. Maar het moet naar uitstekend. Dan gaat het erom hoe we die belastbaarheid kunnen verhogen. Over de vraag hoe we beter kunnen trainen. Niet per se meer, of harder, maar beter. Dat wordt een speerpunt voor de KNVB: hoe we meer individuele krachttraining in het opleidingstraject kunnen integreren.” Een nog op te richten KNVB-campus moet daarbij de wetenschappelijke basis bieden.

Als we de verhalen uit andere Europese landen moeten geloven, lijkt Nederland Luilekkerland. Kevin Strootman sprak onlangs over de vanzelfsprekendheid van individuele training bij zijn club AS Roma, wat hij bij PSV zelden iemand zag doen. Over wedstrijdinstelling gesproken: in de toptijd van Manchester United ging het er op de training zo fel aan toe dat overwogen werd professionele scheidsrechters in te huren. En de Bundesliga is bijna synoniem voor trainingsarbeid, vraag het aan elke speler die er ooit in speelde.

Maar begin over fitheid in Nederland, en je raakt trainers in de ziel. Ronald Koeman reageerde vorige week geprikkeld op de suggestie dat zijn Feyenoord – koploper in het vergooien van een voorsprong – niet fit genoeg zou zijn. En het trof Eagles-coach Foeke Booy dat er over zijn spelers, die vorige week een 2-0 voorsprong weggaven tegen PSV, gezegd werd dat ze het tempo niet konden volhouden. „We zijn conditioneel beresterk”, zegt hij nu.

Na ruim tien minuten gaat het spelplan van Go Ahead tegen FC Twente niettemin van ‘hoog druk zetten’ naar ‘inzakken’. Een rattige goal van Jarchinio Antonia blijkt voldoende voor de overwinning: 1-0. Promes en zijn ploeg komen er amper nog doorheen. Hoe dat kan? Geen beleving, geen bezieling, oordeelt Twente-coach Michel Jansen. Het zal met fysieke fitheid weinig te maken hebben.