Tegenslag sterkte Nadine Broersen

Nederlandse meerkampster wint goud op WK

Nadine Broersen was wel eens aan een meevaller toe. Maar dat ze wereldkampioen zou worden op een dag dat alle demonen zich koest hielden, overtrof zelfs haar verwachtingen. Ze kon na een opwindende dag bij de WK indooratletiek in Sopot amper bevatten dat zij, de 23-jarige Nadine Broersen uit het Brabantse Dongen, nu ’s werelds beste vijfkampster is.

Op het zoetste moment dat een sporter kan meemaken, gingen Broersens herinneringen nog even terug naar het rampjaar 2013. Eerst in Göteborg bij de EK indoor gediskwalificeerd worden en vijf maanden later bij de WK in Moskou vallen op de 60 meter horden. Weg was de hoop op een medaille. Een heel jaar naar de knoppen. Daar train je dan voor. Maar vrijdag, met de Nederlandse vlag om haar schouders, zei Broersen dat die tegenslagen waarschijnlijk toch ergens goed voor zijn geweest. „Je moet blijkbaar eerst ellende meemaken om sterk te worden.”

Nou sterk was Broersen in Sopot, een badplaats in de schaduw van Gdansk. Héél sterk. Zo sterk dat ze op de afsluitende 800 meter met een voorsprong van zeven seconden op haar naaste concurrente begon. En zeven seconden is niet zomaar een gat, dat is zeer geruststellende voorsprong. Maar Broersen wenste pas te juichen, nadat de tijden op het scorebord verschenen. „Omdat het zo stom staat als je juicht wanneer je hebt verloren.”

Ze keek wel op van haar tijd: 2.14,97, een dik persoonlijk record. „Toen begreep ik ook waarom het gat met de eersten zo groot was. Die meiden hebben waanzinnig hard gelopen.” Omdat met name de Canadese Brianne Theisen-Eaten zich niet wenste neer te leggen bij een tweede plaats. Ze won manmoedig in een persoonlijk record van 2.10,07, maar het was desondanks te weinig om Broersen van de troon te stoten.

De kracht van de Brabantse school gisteren in haar gelijkmatigheid. Ze verbeterde en evenaarde persoonlijke records of ze schuurde er tegenaan. Met één uitschieter: de 1.93 meter bij het hoogspringen, een Nederlands record. En het scheelde een haar of Broersen had 1.96 gesprongen. Maar op dat moment had ze haar concurrenten al knock-out geslagen. Het gat was bijna niet te dichten. Zeker niet tegen Broersen in topvorm. En helemaal niet tegen een Broersen die bij het verspringen, het voorlaatste onderdeel dat ze het meest vreesde, geen krimp had gegeven. De voorsprong was ze groot dat ze de afsluitende 800 meter met enige overdrijving wandelend had kunnen lopen.

Broersen deelde haar succes met trainer Ronald Vetter, die man die haar telkens weer op de juiste manier weet te raken. En Vetter? Die bleef stoïcijns als altijd. Uiterlijk geen spoor van enthousiasme over de eerste wereldtitel die hij als coach meemaakte. Vetter analyseerde rustig en concludeerde dat Broersen outdoor ook het podium op de zevenkamp moet kunnen halen. Er is eigenlijk één discipline die haar daar dwarszit: de 200 meter. „Maar daar gaan we de komende maanden hard aan werken”, sprak Vetter strijdlustig.

Dat belooft nog wat voor de EK komende zomer in Zürich. Met als bijkomende Nederlands detail: een tweestrijd met Dafne Schippers, die zich vorig jaar bij de WK in Moskou aan de wereldtop nestelde met een bronzen medaille. Nederland is plotseling een sterk meerkampland geworden.

Broersen wilde er alles over vertellen. Tot ze werd aangesproken door een medewerkster van de organisatie. Of ze zo snel mogelijk naar de huldiging wilde komen. Tja, zo gaat dat met kampioenen.