Stel dat hij een vrouw is. Dan verdient hij 18,5 procent minder

Vandaag is het Internationale Vrouwendag // Waarom verdienen mannen veel meer dan vrouwen? // Vrouwen werken in deeltijd en ze vinden andere dingen belangrijker dan geld // Ook onderhandelen ze liever niet

Wat is waar? ‘Per uur verdienen Nederlandse vrouwen gemiddeld 18,5 procent minder dan mannen.’ Of: ‘Vrouwen blijken zo’n 3 tot 7 procent minder loon te ontvangen dan mannen.’

Het antwoord is: allebei. Het eerste cijfer komt van het CBS, het tweede van SEO Economisch Onderzoek. Beide gerenommeerde onderzoekscentra. Maar wat ook waar is: het gaat hier om een beloningsverschil – beloningsdiscriminatie kán een oorzaak zijn voor het verschil, maar is met deze cijfers niet per se aangetoond.

Economisch niet zelfstandig

Hoe ‘erg’ het is gesteld met de beloningen en financiële toestand van vrouwen, zal deze tijd onderwerp van gesprek zijn vanwege Internationale Vrouwendag (vandaag). Een kleine hausse aan campagnes over vrouwen en geld komt eraan. Zo begint minister Jet Bussemaker (Onderwijs, PvdA) maandag een ‘Kracht on Tour’ door Nederland, waarbij ze „het bewustzijn wil vergroten over de gevolgen van financiële afhankelijkheid”. Bijna de helft van de vrouwen in Nederland is niet economisch zelfstandig.

Ook vrouwennetwerk Women INC wil dat vrouwen zich bewuster zijn van hun loopbaankeuzes of althans bewust keuzes maken en afspraken maken met hun partner. Directeur Jannet Vaessen: „Uit de honderd interviews met een representatieve groep vrouwen blijkt dat bijna alle vrouwen zorg boven alles zetten. Waar de man zegt: ‘ik wil best meer zorgtaken op me nemen, als het maar niet ten koste gaat van mijn loopbaan’, zegt de vrouw: ‘ik wil best meer verdienen, maar niet als dat mijn zorgtaken belemmert’.”

En dus hebben heel veel vrouwen een deeltijdbaan – driekwart van de werkende vrouwen. Dat is een belangrijke verklaring voor het salarisverschil. Terwijl mannen vooral fulltime werken. Ook als als ze vader worden, passen ze hun arbeidspatroon nauwelijks aan: 95 procent blijft evenveel werken, of doet er zelfs uren bij.

Daardoor is er zo’n grote kloof: het CBS neemt alle brutolonen van alle werkende vrouwen en alle brutolonen van de werkende mannen en komt zo op een gemiddeld uurloon. Daarom kun je die 18,5 procent niet vertalen naar een individu: een man verdient niet 18,5 procent meer dan zijn vrouwelijke collega in dezelfde positie en evenveel werkuren.

Wat ook niet helpt, is dat vrouwen voor studies (taal, cultuur, communicatie) en banen kiezen die minder opleveren. Zowel mannen als vrouwen in vrouwenberoepen (zorg, onderwijs) verdienen gemiddeld minder dan in mannenberoepen (bouw, financiële sector). Het is zelfs zo dat hoe meer vrouwen er in een bedrijf werken, hoe lager het uurloon is. Voor elke procent extra vrouwelijke collega’s neemt het uurloon gemiddeld 0,1 procent af, berekende het CBS.

Corrigeer je de cijfers wél naar leeftijd, functie en arbeidsuur, dan blijft er nog steeds een verschil bestaan, in het nadeel van vrouwen. Het SEO gaat uit van zo’n 3 tot 7 procent, het CBS van 8 procent, zowel bij de overheid als in het bedrijfsleven.

Het gaat met de eerste stappen op de arbeidsmarkt al ‘mis’, liet onderzoek van FNV zien. Meisjes blijken al in bijbaantjes minder te verdienen dan jongens (2,7 procent). De bond maakte gebruik van gegevens van loonwijzer.nl: een groot aantal respondenten (30.000), maar geen representatieve groep. Toch onderschrijft ook dit onderzoek: er blijft een verschil in het nadeel van vrouwen bestaan dat niet te verklaren valt.

Is er sprake van discriminatie? Lastig. Veel heeft te maken met traditie, zegt hoogleraar arbeidseconomie Joop Schippers van de Universiteit Utrecht. „Bij een ‘directeur’ denken velen aan een man, bij ‘secretarieel’ aan een vrouw. Mannen aan de top die een nieuw directielid zoeken, kiezen eerder voor een ‘soortgenoot’. Als een kind ziek is, zegt de vrouw al snel: ‘ik blijf wel thuis’. Het is moeilijk om iets wat een eeuw lang zo geweest is, te doorbreken”, vertelt hij.

Een interessant onderzoek naar mogelijke discriminatie deed de Commissie Gelijke Behandeling in 2011 bij achttien algemene ziekenhuizen. Ja, het salaris van de vrouwen lag in alle onderzochte functiegroepen lager dan dat van de mannen.

Man wil vaker toppositie

De salarisverschillen varieerden van 35 tot 279 euro bruto per maand. Zelfs het mooiste functiewaarderingssysteem biedt geen garanties voor gelijke beloning, stelt de commissie. Want ook in de ziekenhuizen werd gebruikgemaakt van ‘niet-neutrale maatstaven’, zoals onderhandelingen, en die veroorzaakten voor een belangrijk deel de beloningsverschillen. Mannen wilden een hoger loon, vroegen erom en kregen daarom meer.

Mannen hechten aan een goed salaris, is al vaker aangetoond. Uit de laatste Emancipatiemonitor van het SCP: mannen zeggen bijna 2,5 keer vaker dan vrouwen dat ze graag een toppositie zouden willen bereiken. En op de stelling ‘ik vind het belangrijk om een goed salaris te hebben’, antwoordt 58 procent van de vrouwen ‘ja’, tegen 83 procent van de mannen.

Vrouwen vinden geld minder belangrijk dan mannen én vragen er ook minder vaak om. Dat toonden Linda Babcock en Sara Laschever aan in hun onderzoek en boek Women don’t ask. De startsalarissen van de mannen die afstudeerden aan de Carnegie Mellon University lagen 7,6 procent hoger dan die van de vrouwen. Wat bleek: slechts 7 procent van de vrouwen had onderhandeld over het salaris, tegenover 57 procent van de mannen.

Het loonverschil is niet wenselijk volgens velen, want vrouwelijk talent blijft onbenut en bij scheiding of overlijden kunnen zij niet voor zichzelf zorgen. Maar gezien het feit dat vrouwen over het algemeen een topfunctie niet zo belangrijk vinden, net zomin als een goed salaris en ze er bovendien nauwelijks over onderhandelen, is de loonkloof ook niet vreemd.

    • Marleen Luijt