De doe-het-

zelf

schrijver

Achtergrond

Vanaf vandaag is het Boekenweek, het hoogtepunt van het jaar voor de grote uitgeverijen. Maar een boek uitgeven, dat kan je ook prima zelf. Schrijver ben je al voor 12,75 euro.

tekst Thomas de Veen illustraties Marike Knaapen

Ze vroegen mij er geld voor. Drieduizend euro”, vertelt Hugo Verkley. Een paar jaar geleden had hij een plan om een interviewboek maken over dakloze jongeren in Nederland. Hij benaderde uitgevers. Een paar toonden interesse, met een enkele voerde hij serieuze gesprekken. „Maar ik ben onbekend en ik snap wel dat het wat minder gaat in de boekenindustrie. Dat mijn boek het risico liep dat het de uitgever alleen maar geld zou kosten. Daarom vroegen ze geld om het boek te kunnen uitgeven. Ze adviseerden me om fondsen aan te schrijven, maar die subsidies zouden dan wel rechtstreeks in de zak van de uitgever verdwijnen.”

Dáár had hij geen zin in.

De literaire ambities van Wouter Joosen waren ook een beetje „doodgebloed”, vertelt hij. Enkele jaren geleden schreef hij het boekje 50 Gasten, een bundel verhalen over zijn werk in de horeca. „Ik schreef ze voor mezelf, om de frustraties van de dag te uiten. Ik merkte dat die verhaaltjes goed vielen bij collega’s en m’n baas vond ze zo leuk dat hij er een paar liet drukken. Niet veel hoor, vijfentwintig ofzo.”

Een volgende stap kwam er niet: geen uitgever was erin geïnteresseerd. „Het paste niet in hun fonds, zeiden ze. Tja, het is natuurlijk niet echt fictie en niet echt non-fictie. Net niks eigenlijk”, lacht hij.

Dus, toen de kans zich voordeed, ging hij het maar zelf doen. Zelf uitgeven.

Dat – in de branche heet het self-publishing – staat niet erg hoog in aanzien. Bij managementboeken komt het veel voor: breng je eigen boek uit en je kun jezelf profileren als expert. Uitgaven ‘in eigen beheer’ gelden zelden als waardevol of ‘goed’. Anders zou een uitgever er wel iets in gezien hebben, toch? Er zijn succesvolle uitzonderingen. Dat E.L. James grote opwinding veroorzaakte voordat er een uitgever aan te pas kwam, en dat dieetschrijfster Sonja Bakker als zoete broodjes verkocht terwijl ze haar uitgeefzaakjes zelf regelde? Dat bewijst nog niets. Daar stonden immers ook wel héél veel flops tegenover.

Flops? Peter Paul van Bekkum ziet het anders. Hij is de man achter Mijnbestseller.nl, het ‘platform’ waar mensen hun zelfgeschreven boek kunnen laten verschijnen als e-boek, of als gedrukt papieren boek. Hij vergelijkt het met voetbal. Hij vraagt om een velletje papier en krabbelt een piramide, die hij onderverdeelt in lagen. „Het bovenste puntje is de eredivisie, dat zijn de bekende schrijvers. De onderste laag, dat zijn de amateurs. Zeg maar: de vierde klasse op zaterdagmiddag. Zij zullen nooit profs worden. Maar is dat erg? Ze houden van voetballen.”

En, zegt Van Bekkum, iedere prof moet érgens beginnen. Hij wijst weer naar zijn tekening: tussen de top en de onderlaag zitten, ja, nog veel meer lagen. „Je merkt inderdaad dat uitgevers niet meer zo gemakkelijk investeren in een schrijver die er nog niet helemaal is. Daar is geen tijd of geld voor.”

Tekst uploaden, omslagje erbij

Afgelopen zomer ging Mijnbestseller.nl een alliantie aan met Singel Uitgevers en bol.com. Daaruit werd Brave New Books geboren, een digitaal uitgeefplatform. „Als je kijkt naar de tophonderd van Amazon, dan zie je dat tussen de 25 en 30 procent van de titels self-published zijn, of titels die hun oorsprong hebben in self-publishing en later door uitgevers opgepikt zijn. Dat zijn titels waar wij niet altijd naar hebben gekeken”, lichtte directeur Paulien Loerts van Singel Uitgevers destijds toe – onder die naam vallen ook de uitgeverijen van Arnon Grunberg, Franz Kafka en Francine Oomen. „Met Brave New Books gaan we op zoek naar nieuw talent.”

Brave New Books groeide snel uit tot een populaire plek voor self-publishing: inmiddels zijn er zo’n 1.000 boeken mee gepubliceerd (en er zijn 7.000 accounts van aspirant-schrijvers aangemaakt). Het zijn veel managementboeken, van mensen die hun zakelijke ideeën presenteren met een kaftje eromheen. Het zijn ook veel familieverhalen, en romans – en ook de boeken van Hugo Verkley en Wouter Joosen.

Een grote stap is het niet: tekst uploaden, omslagje erbij ontwerpen (en dat kun je tegen betaling ook laten doen), flaptekst schrijven, klik op ‘Publiceren’ en klaar. Een grote investering is het evenmin: het kostte hen 12,75 euro – de prijs voor het aanvragen van een ISBN-nummer, de streepjescode voor boeken. Verder betaalt gewoon de boekenkoper: wordt er een boek besteld, dan wordt het gedrukt.

Maar duizend uitgegeven boeken zijn nog geen duizend bestsellers – hoe krijg je je boek bij de lezers? Dat moeten de Brave New Books-vrijbuiters zelf doen. Tenminste: Wouter Joosen en Hugo Verkley kozen er allebei voor om niet bij te betalen voor professionele begeleiding. Maar nee, geven ze toe, het loopt nog niet storm. Wouter Joosen: „Ik had wel een klein beetje ervaring met marketing, dus ik heb een Facebookpagina aangemaakt voor 50 Gasten waar ik vaak berichtjes op zet. En vrienden, kennissen en familie kochten het ook. Via hen kun je weer andere mensen bereiken.”

De ‘doorbraak’, of het doorbraakje, kwam per toeval: „Een maandje geleden kreeg ik een berichtje van de eigenaar van de Facebookpagina over ‘ergernissen van het bedienend personeel’. Hij had mijn boekje gezien, of erover gehoord, en vroeg me of ik een column voor zijn pagina kon schrijven. Toen ging het ineens een stuk harder.”

Hugo Verkley publiceerde vorige maand zijn daklozenboek Straatgeheimen, er zijn er nu een stuk of tachtig verkocht. „Een leuk begin”, zegt hij. Hij kreeg dan ook al een beetje aandacht in de media. „Ik heb zelf het AD een persbericht gemaild en die hebben me geïnterviewd. En ik ben voor Radio 1 uitgenodigd. Die hadden het AD gelezen.” Hij is ook met een zelfgemaakte flyer naar een Utrechtse boekhandel gegaan, die daarop besloot drie exemplaren aan te schaffen. „Die zijn inmiddels uitverkocht. Ik hoop dat het nog groter wordt, dat het zich uitspreidt als een olievlek.”

Het doorbraakje van Wouter Joosen was ook bescheiden: tussen oktober en februari verkocht hij ongeveer driehonderd exemplaren van 50 Gasten, de afgelopen maand kwamen er tweehonderdvijftig bij. Daarmee staat hij al een paar weken in de topvijf van best verkochte Brave New Books-uitgaven.

Inderdaad: eerder aantallen in de categorie Rijnsburgse Boys of VV Gemert, dan iets wat in de buurt komt bij Ajax of AC Milan.

Is dat erg? Het was „ergens wel een beetje een teleurstelling”, zegt V. Valentina – dat is de schrijversnaam van een jonge rechtenstudente uit Rotterdam, die afgelopen najaar de roman Majella publiceerde, over een Mexicaanse met een tragisch trauma. „Je hoopt natuurlijk ergens dat het ineens heel goed ontvangen wordt, maar het is ook niet reëel om dat te denken, zeker niet als je het via self-publishing hebt uitgegeven.” Na afwijzingen van uitgeverijen vond zij het zonde van de moeite om het dan niet tóch uit te geven.

Ze verkocht er tot nu toe een stuk of veertig, misschien vijftig. „Ik heb niet het idee dat veel mensen die ik niet ken het boek hebben gekocht. Het zijn toch vooral familieleden en vrienden.” Maar écht erg vindt ze het niet. „Ik heb plezier gehad in het schrijven en ben er trots op dat mensen het nu kunnen lezen.” Grote dromen van een carrière als bestsellerschrijver had ze toch al niet: de reden dat ze een pseudoniem koos, was ook dat ze aan de toekomst denkt. „Als iemand zou zeggen: ‘wat je daar hebt geschreven kan niet samen met deze baan’, ben ik blij dat ik het netjes onder pseudoniem heb geschreven.”

Slapeloze nachten

„Het gaat om het schrijven!” roept Wieke Dingler. Ze is een spraakwaterval, als ze vertelt over haar ervaringen met De 11 miljoen club, haar e-boek over vijf vriendinnen die een luxeleven gaan leiden na het winnen van de loterij. Ze heeft van tevoren al wat dingen opgeschreven die ze kwijtwil – het interview is een van de weinige manieren om met haar boek naar buiten te treden. „Het zit niet in mijn karakter om te zeggen: joehoe, ik heb een boek geschreven! Daarom is het voor mij ook al een hele ervaring om mijn eigen boek in handen te hebben. Die maakt het al de moeite waard.” Ze had „slapeloze nachten” van het „spannende avontuur” dat het zelf-uitgeven was. Haar vakantiegeld gaf ze uit aan een correctieronde door een redacteur van Brave New Books. Ze koos ervoor alleen een e-boek uit te brengen, om papier te besparen. „Je bent toch een amateur, het is een leuk project voor de lol. Daar hoeven geen kostbare bomen aan verspild te worden, vond ik.”

Hoeveel exemplaren van De 11 miljoen club zijn er na een half jaar verkocht? „Daar doe ik geen uitspraken over”, zegt Wieke Dingler, ineens zuinig. Waarom niet? „Als het heel weinig is denken mensen: ach, wat sneu. En als het veel is denken ze: zo, die loopt aardig binnen. Ik merk dat mensen er grote ideeën over hebben, ze vragen me of ik al een vakantie heb geboekt. Laten we zeggen dat ik er nog geen multimiljonair van ben geworden.” Per boek verdient ze 1 euro en 10 cent.

„Een paar honderd is voor een amateurschrijver toch al een mooie score”, zegt ook Wouter Joosen. Maar toch – dat het succes nu steeds iets groter wordt, bevalt hem wel. Toen 50 Gasten in de topvijf kwam en bleef, benaderde Brave New Books hem. Ze deden de suggestie om contact op te nemen met Heineken, want die zouden wel geïnteresseerd kunnen zijn in het boekje. „En er zijn contacten met een kerstpakkettenleverancier en een bedrijf dat goodiebags vult. Dan zou het ineens om duizenden exemplaren gaan.” Maar als dat niet lukt, zegt hij, „is het ook niet erg. Je kunt schrijven omdat je graag schrijver wilt zijn, of omdat je schrijven leuk vindt. Ik hoor bij die tweede categorie.”

Hugo Verkley liet de vormgeving van Straatgeheimen doen door een dakloze jongen die toevallig goed in vormgeving was – een vriendendienst. Maar dat kan hij misschien ook maar één keer vragen. „Een redacteur heb ik nu ook zelf georganiseerd. Mijn vrienden, mijn moeder en mijn vriendin hebben het nagelezen. Ik hoop stiekem wel dat ik nog ontdekt word door een echte uitgever, die dan ook in mij wil investeren. Dan heb je er zelf toch minder omkijken naar en kun je hogerop komen.”