Zonder veel concurrentie rijgt Theo Bos zijn zeges aan elkaar

Voor de vierde maal in een week kwam sprinter Theo Bos als eerste over de finish in Maleisië. Wordt het tijd voor deelname aan de Tour?

Theo Bos (Belkin) won inmiddels vier etappes in de Ronde van Langkawi. Foto Cor Vos

Sprinten kan hij. Daarover bestaat geen twijfel als het gaat om de kwaliteiten van wielrenner Theo Bos (31). Vanochtend bewees hij dat andermaal in de negende etappe van de Ronde van Langkawi (Maleisië), waarin hij evenals in de tweede, zevende en achtste rit als eerste over de finish kwam. Maar de vraag is in hoeverre deze prestaties wat zeggen over de nabije toekomst van de coureur van Belkin Pro Cycling, voorheen de Rabobankploeg.

„Je kunt inderdaad discussiëren over de waarde van deze overwinningen”, erkent Belkin-ploegleider Michiel Elijzen vanuit Maleisië. „Die zeges zijn knap, maar het deelnemersveld getuigt niet van bijzonder hoge kwaliteit.”

Het zijn geen giganten die Theo Bos heeft verslagen in de vier etappes die hij won. Marco Haller (Katusha), Aidis Kruopis (Orica-GreenEdge, Andrea Guardini (Astana), klassementsaanvoerder Mirsamad Poorseyedigolakhour (Tabriz Petrochemical); de ene concurrent is nog onbekender dan de andere.

Topsprinters als André Greipel, Mark Cavendish en Marcel Kittel ontbreken in Azië. En juist met hen dient de voormalige baanrenner zich te meten wil hij erachter komen of het reëel is om de Ronde van Frankrijk te willen rijden.

„Ik vind het reëel”, stelt Michiel Elijzen. De coach baseert zich onder meer op de overwinning van Bos in de tweede etappe van de Ster ZLM Toer in 2013, waarin hij zowel Greipel als Cavendish voorbleef in de sprint. „Dat zegt genoeg. Alleen is het vanwege zijn achtergrond op de baan nog te vroeg om deel te nemen aan de Tour. Waar het nog aan schort? Zijn uithoudingsvermogen. Voorheen reed hij rondjes van tweehonderd meter, nu van tweehonderd kilometer. De weg naar de finish vergt nog veel kracht van hem, terwijl hij die kracht juist nodig heeft in de eindsprint.”

Het sprinten leerde Bos op de houten pistes, waar hij ooit schitterde als baanrenner. Vijf wereldtitels won hij, evenals meerdere nationale kampioensschappen. Maar hoe gek het ook klinkt: het winnen begon te vervelen, waarna hij in 2009 overstapte naar de weg. Met de wetenschap dat zijn baanprestaties amper te evenaren zijn, maar met de hoop dat hij op termijn grote rondes zoals de Tour de France zou kunnen rijden.

Die hoop rechtvaardigt hij tot op heden met etappezeges in bescheiden rittenkoersen zoals de Ronde van Lankhawi. Eerder won hij onder andere ook al ritten in de rondes van Noorwegen, Denemarken en Hainan (China). Graag had hij zich vorig jaar zomer bewezen in de Vuelta, maar aan de vooravond van de Spaanse wielerwedstrijd haalde zijn ploeg hem uit de koers. De oorzaak: afwijkende bloedwaarden, die konden duiden op dopinggebruik. Naar later bleek ging het om bijwerkingen van een middel tegen astma.

Hoewel Bos waarschijnlijk anders had gehoopt, is de ploegleiding van Belkin niet van plan hem mee te laten doen aan befaamde voorjaarsklassiekers en de Tour. Elijzen: „Theo moet zich niet richten op de zogenoemde tv-rondes. Wel op wedstrijden zoals de Scheldeprijs en de Ster ZLM Toer. Daarin kan hij bewijzen dat we straks niet meer om hem heen kunnen bij het grote werk. Dat moment gaat er komen.”

    • Fabian van der Poll