Moderealisme in de supermarkt

De modeweken in Parijs werden afgesloten met shows van Chanel, Vuitton en Givenchy.

Najaarscollecties voor 2014, van links naar rechts: Hermès, Chanel en Louis Vuitton. Foto’s Peter Stigter

In de schappen lagen honderden producten met aan Chanel refererende namen als Jambon Cambon en Little Black Tea, en sommige daarvan waren 30 procent ópgeprijsd. Voor de show van najaarscollectie 2014 had Karl Lagerfeld het Grand Palais dinsdag omgetoverd tot een levensgrote supermarkt. Hij raakte daarmee aan een belangrijke ontwikkeling; er waait een realistische wind in de mode. De kleding die de afgelopen weken te zien was bij de haute-coutureshows in Milaan en Parijs is qua prijs dan wel nog steeds onbereikbaar voor veel vrouwen, maar wel van het soort dat daadwerkelijk gedragen kan worden door vrouwen van bijna alle leeftijden, en dat was bij Chanel niet anders. Onder Chaneljasjes kwamen kledingstukken die dicht in de buurt van jogging- en huispakken kwamen, en net als in de laatst haute-coutureshow liepen alle modellen op sportschoenen.

Dé show van de modeweek voor najaar 2014 was het debuut van Nicolas Ghesquière voor Louis Vuitton. Zijn voorganger Marc Jacobs liet, met als Lagerfeld, voor elke show weer een ander uitzinnig decor bouwen – ooit werd zelfs speciaal voor een show een complete stoomtrein gefabriceerd – maar hij brak met die traditie door te kiezen voor een eenvoudige witte ruimte. Ook zijn mode was relatief simpel. Bij zijn vorige werkgever, Balenciaga, maakte hij naam met extreme silhouetten en vernieuwend stofgebruik. De stevige stoffen en leer herinnerden daaraan, maar Ghesquières collectie was een van de toegankelijkste die hij ooit maakte: korte, wijde rokken in een A-lijn met laarzen eronder, smalle leren jasjes, strakke broekjes met een zeer hoge taille, tops met stijlvolle, abstracte verwijzingen naar Tiroler truien en trainingsjacks. De uitbundige ontwerpen van Jacobs werden gretig gekopieerd door grote ketens, maar nauwelijks geproduceerd. Dat zou deze collectie zomaar kunnen veranderen. Bij Hermès bouwt Fransman Christophe Lemaire, sinds 2011 de creatief directeur van het luxehuis, seizoen na seizoen verder aan een understated, intens chique stijl. Zijn najaarscollectie was een van zijn beste. In rustige, doordachte ontwerpen als oversized pakken en jassen, wijde rokken met asymmetrische zoom en mouwloze jurken kwamen de topmaterialen als dubbele kasjmiers en (krokodillen)leer optimaal tot hun recht.

Het was nauwelijks goed te zien, zo hard snelden de modellen voorbij, maar Riccardo Tisci, de ontwerper van Givenchy, was dit seizoen in topvorm. Supervrouwelijke, bewerkelijke jurkjes in een jarenveertigsilhouet met dierenprints, broeken met spannende contrasterende banden op de zakken, fraaie jassen waarin verschillende bontsoorten samenkwamen. De benen van de modellen waren nou eens niet bloot, maar net als in de echte wereld bedekt met panty’s.