Marjolijn Hof wint Woutertje Pieterse Prijs voor haar ‘pleidooi tegen betutteling’

Hof won gisteren de Woutertje Pieterse Prijs 2014 voor haar jeugdroman ‘De regels van drie’.

Marjolijn Hof Foto ANP

De jury van Nederlands grootste jeugdliteratuurprijs (15.000 euro) roemt De regels van drie als een „krachtig pleidooi tegen de betutteling”. In Marjolijn Hofs bekroonde boek gaat Twan met zijn tweelingzus, moeder en oma naar IJsland, waar hun overgrootvader (‘opi’) Kas woont. Ze komen de oude man ongevraagd ophalen, zodat hij in Nederland, in hun nabijheid, zijn laatste dagen kan volmaken. Maar daar is opi Kas het allerminst mee eens. De kinderen moeten hem zo masseren dat hij overstag gaat. Hof: „Mijn boek gaat het zeker over de betutteling van een oudere, en van kinderen. In mijn werk zoek ik maatschappelijke relevantie, ik vind dat belangrijk als schrijver. De regels van drie gaat over kinderen die weinig invloed hebben op hun leven. Kinderen kunnen erg geraakt worden door dingen waarover ze geen controle hebben. Een scheiding, een verhuizing. Of iets kleins: ik was als kind heel verdrietig toen er plots een nieuwe bank in de huiskamer stond, zonder dat mijn ouders daar iets over hadden gezegd.”

Opi Kas maakt plannen om zelf de IJslandse bergen in te trekken. Het leest bijna als een omfloerste roman over euthanasie. „Het is onwaarschijnlijk dat hij die tocht zal overleven, al staat dat er niet met zoveel woorden. Het gaat over zelfbeschikking: opi Kas wil zelf zijn einde kiezen. Dat is ook een vraagstuk dat in de wereld van kinderen binnendringt. Mijn boeken begin ik te schrijven met een vraag. In dit geval: kun je je eigen gang gaan, of moet je rekening houden met anderen? En vooral: in hoevérre dan. Niet: opa wil de regie over zijn dood, is dat goed? Maar: hoe verhoudt een kind zich daartoe? Het gaat me er niet om een boodschap uit te dragen, ik wil de spanning in die vraag onderzoeken.

„Het is nogal gemakkelijk om in fictie een conflict te creëren door goed tegenover kwaad te zetten. Maar zelf geloof ik niet in zo’n zwart-witwereldbeeld. Er is zeker kwaad, maar wereldproblemen komen vaker voort uit een verschil in visie. Dat wil ik liever aan kinderen meegeven. Dat er verschillende werkelijkheden naast elkaar kunnen bestaan, die je serieus moet nemen.”

    • Thomas de Veen