Laat rechters de grondrechten van burgers beschermen

Wie beschermt burgerrechten het beste? Politici of rechters? Frits Bakker en Kees Sterk zeggen: rechters. Onze Grondwet is jarig. Tijd voor een cadeau.

Rechters van het Duitse constitutionele hof (Bundesverfassungsgericht) in Karlsruhe. Foto Reuters

Deze maand vieren we dat Nederland nu al tweehonderd jaar een koninkrijk en een stabiele democratie is. Een goede aanleiding om onze zegeningen te tellen en ons te realiseren hoe bevoorrecht wij zijn. Die verworvenheden vergen van tijd tot tijd aanpassing en onderhoud. In dat opzicht is er ruimte voor verbetering.

Als een van de weinige democratieën kent onze Grondwet een toetsingsverbod: het is de Nederlandse rechter verboden te beoordelen of wetten in strijd zijn met de grondrechten van burgers, zoals die zijn vastgelegd in de Grondwet. De rechter mag wetten wel toetsen aan internationale verdragen waarbij ons land partij is en waarin die grondrechten ook zijn vastgelegd, maar niet aan onze eigen Grondwet.

Dit toetsingsverbod is een relikwie uit 1848, waarvan de betekenis al lang is achterhaald. Wij vinden dit in de huidige tijd niet meer aanvaardbaar en pleiten voor het opheffen van dit verbod als een passend geschenk voor de burgers van het jarige koninkrijk.

Hoewel grondwetswijzigingen meestal lang duren en ingewikkeld zijn, is dat nu eens niet het geval. De Tweede en de Eerste Kamer hebben, vóór de laatste verkiezingen, al een wetsvoorstel hiervoor aanvaard, ‘in eerste lezing’. Grondwetswijziging vergt een tweede ronde van parlementaire behandeling. Onze vraag is: waar wachten de Tweede en Eerste Kamer nog op?

Geen juridische fijnslijperij

Is dit een kwestie voor juridische fijnslijpers? Allerminst! Het gaat hierbij de bescherming van grondrechten, om de bescherming van de rechten van burgers tegen een al te opdringerige overheid. Het zijn de rechten die de harde kern van onze rechtsstaat en de democratie vormen: vrijheid van meningsuiting, recht op privéleven, bescherming tegen aantasting van eigendom, het recht op een eerlijk proces, het recht op gelijke behandeling, et cetera.

Het zijn rechten die de overheid moet eerbiedigen en beschermen. Maar wat te doen als die overheid dit niet doet? Wat als een wettelijke bepaling onvoldoende rekening houdt met die grondrechten? Het kan hier bijvoorbeeld gaan om wetgeving die de financiële aanspraken van burgers tegen de overheid vermindert op een manier die niet door de beugel kan. Of om wetgeving die onvoldoende respect toont voor de rechten van religieuze minderheden. Dan is het essentieel dat een beroep op de onafhankelijke rechter mogelijk is, die de wetgever kan corrigeren.

Door het toetsingsverbod kan de rechter dit nu alleen doen door de overheid te houden aan de verdragen die met andere landen zijn gesloten en waarin dezelfde grondrechten zijn vastgelegd als in de Nederlandse Grondwet. Hij kan dan alleen de daarmee strijdige bepaling buiten toepassing verklaren in die ene zaak die aan hem is voorgelegd. Een garantie dat de betreffende wet dan ook wordt ingetrokken of aangepast is er niet.

En zelfs aan deze beperkte bevoegdheid van de rechter wordt momenteel geknaagd door een wetsvoorstel dat eind vorig jaar is ingediend. Daarin wordt voorgesteld dat de toetsing door de rechter aan grondrechten in verdragen door de wetgever nog verder kan worden beperkt.

Wij roepen de Tweede en Eerste Kamer op niet alleen dit wetsvoorstel te verwerpen, maar ook een einde te maken aan het toetsingsverbod. Het is een vreemde en, internationaal bezien, zeldzame constructie, die niet meer past bij deze tijd. Het doet het belang van onze Grondwet ook ernstig tekort.

De Grondwet moet zijn wat die in veel landen is: het kloppend hart van de democratie. Zaken die voor de rechter worden gebracht, mogen felle discussies uitlokken, waarin fundamentele keuzes scherp in beeld komen. Denk aan de uitspraak van het Duitse constitutionele hof, eind 2012, over de grondwettelijkheid (wel of niet) van financiële steun aan zwakke eurolanden.

Constitutionele toetsing kan voorkomen dat nieuwe wetgeving sluipenderwijs de rechten en zeggenschap van burgers aantast. Dit biedt tegenwicht aan de waan van de dag, waaraan de politiek en de markt onderhevig zijn. Toetsing aan de Grondwet door onafhankelijke rechters, die de rechten en vrijheden van burgers beschermen, mag daarom in Nederland niet ontbreken. Een waardig geschenk bij dit tweede eeuwfeest van ons constitutionele staatsbestel!