Opinie

    • Ilja Leonard Pfeijffer

Het recht van de sterkste regeert ons weer

‘De paus? Hoeveel divisies heeft de paus?’ Dat was het antwoord van Jozef Stalin aan Pierre Laval toen hij had gesuggereerd dat het misschien een goed idee zou zijn om ook de paus uit te nodigen voor de Conferentie van Jalta.

Het is de laatste tijd steeds duidelijker geworden dat Vladimir Poetin eenzelfde soort machtsdenken hanteert als de leiders van de vroegere Sovjet-Unie. Hij heeft lak aan soft power, ziet diplomatie als een bijzaak en gelooft uitsluitend in het recht van de sterkste. En de sterkste is hij.

De crisis rondom de Krim heeft pijnlijk duidelijk gemaakt dat Poetin in feite alles kan doen wat hij wil. De schending van de territoriale integriteit van Oekraïne zal ongestraft blijven. De Europese Unie ontbeert simpelweg het machtsmiddel om in te grijpen. Economische sancties keren als een boemerang terug in het gezicht van Europa. We zijn veel te afhankelijk van Russisch gas en van het geld van Russische oligarchen. Symbolische stappen, zoals een boycot van de G8, doen geen pijn. Militair ingrijpen is geen optie, want het Russische leger is sterker. Bovendien is Rusland een kernmacht. Hoeveel divisies heeft Europa?

Ooit was ook Oekraïne een kernmacht. Maar ze hebben hun kernwapens opgegeven in ruil voor de garantie dat Rusland en het Westen de territoriale integriteit zouden waarborgen, zoals vastgelegd in het Memorandum van Boedapest van 1994. Dat verdrag blijkt minder waard dan het papier waarop het is geschreven, zoals elk willekeurig ander verdrag door Poetin kan worden verscheurd als dat hem zo uitkomt, omdat hij weet dat niemand sterk genoeg is om hem daarvoor te straffen. En andere potentiële kernmachten, zoals Iran of Noord-Korea, zullen voortaan wel drie keer nadenken voordat ze afstand doen van hun ambities in ruil voor papieren garanties.

We zijn de afgelopen vijfentwintig jaar, sinds de Val van de Muur, gaan geloven dat spierballen rollen en militair machtsvertoon uit de tijd waren geraakt. Met een paar helikopters, peperdure straaljagers en een hand vol drones waren we er wel zo’n beetje. Dat is voldoende voor een snelle interventiemacht die flexibel kan optreden tegen primitief bewapende onrustzaaiers in verre, warme landen.

Zo zijn we over defensie gaan denken. De tijd van de wapenwedloop, die we in de Koude Oorlog speelden als een spelletje Risk dat decennia duurde, was toch echt voorbij, dachten we. In het nieuwe, mondiale kapitalisme zouden de wetten van vraag en aanbod de wereldvrede wel garanderen, in plaats van zoiets ouderwets als wapens.

Uit die droom ontwaken we nu. Economisch is Europa net zo afhankelijk van Rusland als andersom. En wij hebben geen leger meer en Rusland wel. Daarom lacht Poetin ons uit.

    • Ilja Leonard Pfeijffer