Boekenbaltips: mijd Tommy Wieringa

Binnenkomen op het Boekenbal is één, er gezien worden is twee. Een kleine mediatraining voor de gasten.

U bent schrijver. Of juist niet. Hoe dan ook, u heeft een kaartje voor het Boekenbal. Maar uw bezoek is pas echt geslaagd als iedereen wéét dat u er bent geweest. U moet dus op televisie, of ten minste op de foto. Dat is niet heel eenvoudig, maar ook niet heel erg ingewikkeld.

Zorg ervoor dat u tussen 20.30 uur en 20.40 uur op het Leidseplein bent. Eerder is te vroeg, later is aanstellerij. Ga niet in de rij staan tussen de andere gasten van het Buitenaards Boekenbal, maar houd de aankomst van de taxi’s van de grotere gezelschappen in de gaten.

Kies nu uw kruiwagen. Als u alleen maar in beeld wilt, voeg u dan enkele passen achter Connie Palmen in de groep, voer een vrolijk ogende dialoog met een al dan niet denkbeeldige gesprekspartner. Palmen is een cameramagneet en is niet groot. U zult worden vastgelegd als haar ideale achtergrond. U kunt dit ook toepassen bij andere schrijvers. Mijd echter Boekenweekauteur Tommy Wieringa: te groot, te breed, te belangrijk. Niemand zal u zien.

Wilt u worden geïnterviewd op de rode loper, zoek dan de rug van P.F. Thomése, een man die wel wordt aangesproken, maar kort van stof is. Als hij doorloopt, doet u een stap naar voren. U glimlacht en zegt iets half verstaanbaars waar de woorden ‘vorig jaar’ in voorkomen. U zult dan één of twee van de volgende veelgestelde vragen krijgen. Trek voor elk antwoord even uw wenkbrauwen op, zodat de vragensteller weet dat u de vraag leuk en origineel vindt.

Heeft u het Boekenweekgeschenk, ‘Een mooie jonge vrouw’ al gelezen?

„Nee, maar ik heb wel zelf een mooie jonge man.”

Het thema van de Boekenweek is reizen. Welk boek neemt u mee naar een onbewoond eiland?

„In elk geval de oplader van mijn e-reader. En iets van Helga Ruebsamen – om te herlezen. Wat een geweldig mens is dat!”

Is het niet gek om feest te vieren als er allemaal boekhandels failliet gaan?

„Ben je gek? Faillissementen leveren juist geweldige literatuur op.”

Wie moet volgend jaar het Boekenweekgeschenk schrijven?

„Eigenlijk is het tijd voor een vrouw, maar ik gok op Herman Koch.”

Wie is dit jaar de grote afwezige?

„Hugo Brandt Corstius.”