Papierfabriek, t.e.a.b.

Met maar één fabriek is het lastig concurreren in de door multinationals gedomineerde papierindustrie. Crown van Gelder uit Velsen haalt zijn beschermingsmuur daarom neer en biedt zich zelf aan als fusiepartner of overnameprooi.

Bomen hebben een hoog knuffelgehalte. En daarom wil Miklas Dronkers benadrukken dat de papierindustrie „wél duurzaam is”. Dronkers, directeur van de Noord-Hollandse papierfabriek Crown Van Gelder (CVG), geeft toe dat de digitalisering het lastiger maakt om papier te verkopen; de iPad is efficiënter, een digitaal salarisstrookje goedkoper. Maar voor mensen die zeggen dat de kleiner wordende papiermarkt goed is voor het milieu kent hij nog wel een paar „leuke feitjes”: „Elke zoekopdracht op internet is net zo vervuilend als de productie van één A4’tje, je smartphone verbruikt net zoveel energie als een koelkast, en de bosbouw in Europa is sinds de jaren vijftig niet afgenomen maar gegroeid, met liefst 30 procent.”

Slechte publiciteit over de papiermarkt en de fabriek kunnen Dronkers en mededirectielid Henk van der Zwaag nu helemaal niet goed gebruiken. Ze zijn op zoek naar een overname- of samenwerkingspartner voor Crown van Gelder, de enige beursgenoteerde papierfabriek van Nederland. Door overcapaciteit op de Europese markt liep de omzet vorig jaar met 5 procent terug naar 158 miljoen euro. Bovendien stegen de prijzen van de grondstoffen en energie. De machines werden drie weken stilgelegd. Alles bij elkaar zorgde dat voor een nettoverlies van 13 miljoen euro, bleek toen het bedrijf vorige maand de jaarcijfers bekendmaakte.

Daarom breekt CVG nu de laatste beschermingswal voor aandeelhouders af en heeft het bedrijf zijn adviseurs de opdracht gegeven om een geschikte overname- of samenwerkingskandidaat te vinden. Twee jaar geleden zocht het bedrijf al naar een partner, maar toen bleek dat de beschermingsconstructie die het bedrijf heeft onderhandelingen lastig maakten. Het recht van Stichting Continuïteit CVG op preferente aandelen komt daarom vanaf juni te vervallen.

Het is een drastische verandering voor de meer dan honderd jaar oude papierfabriek aan het Noordzeekanaal in Velsen. In 1896 opende Pieter Smidt van Gelder op de oever van de gloednieuwe waterweg een fabriek voor krantenpapier. Daar kwam in 1963 de Amerikaanse partner Crown Zellerbach Corporation bij. Onder deze joint venture specialiseerde de fabriek zich in ponskaartenkarton. Het papier werd gebruikt voor vliegtickets en stempelkaarten. Nog steeds maakt het bedrijf papier dat „door een systeem gaat”. Dit houdt in dat het door machines, bijvoorbeeld in drukkerijen, wordt bewerkt. „Eerst bedenkt iemand een nieuw systeem, daarna ontwikkelen wij daar papier voor.”

De naar verhouding kleine fabriek in Velsen is niet opgewassen tegen de massaproductie die grote Scandinavische papierconcerns als Stora Enso en UPM leveren. Daarom probeert CVG zich nu met twee middelgrote machines te onderscheiden als klein en flexibel bedrijf. „We kunnen kleine bestellingen snel leveren”, aldus Dronkers. De aandacht ligt de komende jaren op nichemarkten waar volgens Dronkers en Van der Zwaag wel groei in zit, zoals papieren voedselverpakkingen en etiketten.

De ‘middelgrote’ machines in de fabriek – elk achttien meter hoog, verdeeld over drie verdiepingen – zijn bedekt met een witte laag stof, cellulosevezels. Cellulose is de belangrijkste grondstof van papier. De vezels worden in aparte fabrieken uit het hout gehaald. Papier is daardoor sterker, witter en kan tientallen keren hergebruikt worden. De productie van de meeste papierfabrieken in Nederland bestaat dan ook uit het hergebruiken van papier. „Niet bij CVG”, zegt Dronkers. „Wij gebruiken pure celstof, voor papier van hoge kwaliteit.”

De inkoop van de cellulosevezel kost CVG ongeveer 80 miljoen euro per jaar – de helft van hun totale kosten. Vorig jaar steeg de prijs van de vezel met 3 procent. Van der Zwaag: „Hoewel de papiermarkt in Europa krimpt, worden in Azië in rap tempo papierfabrieken gebouwd.” Dat drijft de prijs van cellulosevezel volgens hem op. Tegelijkertijd stegen ook andere productiekosten. Zoals alle bedrijven in de energie-intensieve industrie heeft CVG last van de hoge energieprijzen in Nederland. Met name de gasprijs nam vorig jaar een enorme hap uit de begroting. De verhoging van de gasprijs leverde volgens CVG een verliespost van ruim 4 miljoen euro op, de helft van het operationeel verlies van 2013.

„De politiek ontmoedigt de industrie met alle extra heffingen”, zegt Dronkers. Zo zal volgens hem de nieuwe belasting op water de fabriek volgend jaar „onevenredig hard raken”. „Het effect moet zijn dat we minder water gebruiken, maar het enige resultaat is dat we minder overhouden om te innoveren in waterbesparende technieken.”

Toch zijn Dronkers en Van der Zwaag positief over het komende jaar. De prijs van de cellulosevezel is in het eerste kwartaal van 2014 sterk gedaald. Dat is een een trend die volgens Van Der Zwaag doorzet doordat er voornamelijk in Zuid-Amerika veel celluloseproducenten zijn bijgekomen. Van der Zwaag denkt dat het bedrijf er nu wel in zal slagen een partner te vinden. „Je zult het misschien niet verwachten, maar we zijn echt een efficiënt bedrijf.” Daarbij is de keuze uit potentiële partners groot. „West-Europa heeft 700 papiermachines verdeeld over grote en kleine partijen. Ik heb vertrouwen in de toekomst.” De potentiële verkoop van de papierfabriek bevalt ook de aandeelhouders. De koers is sinds het nieuws met 12 procent gestegen.