Kunst inspireert Dries Van Noten

Op een rijke tentoonstelling in het Musée des Arts Décoratifs in Parijs laat Dries Van Noten zien hoe kunst en popcultuur zijn mode beïnvloeden.

Detail van een opstelling rond de voorjaarscollectie 2007. Foto Belga/ANP

Een modeontwerper, zegt Dries Van Noten (55), is als een spons. „Overal waar je komt neem je drupjes op, en als het tijd is om een collectie te maken wring je je uit.”

Hoe dat precies in zijn werk gaat bij de Belgische ontwerper, die bekendstaat om zijn draagbare en tegelijkertijd bijzondere en invloedrijke collecties voor mannen en vrouwen, is nu te zien op Inspirations, een rijke, indrukwekkende tentoonstelling in het Musée des Arts Décoratifs in Parijs, geheel gewijd aan Van Notens mode en alles waarnaar hij kijkt om die te kunnen maken. „Het is een kijkje in mijn hart en in mijn ziel”, zei hij daags na de opening in het restaurant van het museum.

In de donker gehouden ruimtes zijn de ontwerpen van Van Noten in fraai verlichte vitrines omringd door filmfragmenten, foto’s van stijliconen als de Duke of Windsor en David Bowie, modefotografie, afbeeldingen van bloemen (Van Noten is een groot tuinliefhebber), traditionele kleding uit India en Spanje, kledingstukken van grote namen als Cristóbal Balenciaga en Coco Chanel, unieke vondsten als het hazenpak dat Cecil Beaton in 1937 droeg naar een paasfeest. En vooral: beeldende kunst.

De werken van bijvoorbeeld Picasso, Elizabeth Peyton, Michaël Borremans en Anthony van Dyck werden uitgeleend door andere musea en verzamelaars, en hangen vaak vóór de kledingstukken. Een van de bijzonderste stukken is Portret van een beeldhouwer van Bronzino, een schilderij uit de zestiende eeuw dat het Louvre voor het eerst heeft verlaten sinds Lodewijk XIV het kocht. Het hangt naast een abstract schilderij van Gerhard Richter en tussen stukken uit de huidige voorjaarscollectie voor vrouwen.

Van Noten bezocht in 2010 in Florence een expositie over de renaissanceschilder. „Een paar keer in je leven zie je een tentoonstelling die je blik verandert. Dit was er een: de kleuren, de houdingen van de geportretteerden, hoe de tentoonstelling was opgebouwd.” In de huidige voorjaarscollectie voor vrouwen is de invloed van die expositie terug te vinden in onder meer ecru blouses, in zijn mannencollectie voor najaar 2014, in overhemden met hoge kragen en ruches die onder de sportieve stukken werden gedragen, en de felle tinten van de wandkleden die in de zestiende eeuw werden gemaakt naar tekeningen van Bronzino en ter gelegenheid van de expositie in Florence waren gerestaureerd.

Yves Klein, Dior en de Sex Pistols

In Van Notens vrouwencollectie voor najaar 2010 herken je moeiteloos de kleur van Yves Kleins Blauwe Venus, de vormen van Diors new-lookensemble uit 1947 en de invloed van de stijl van punkband Sex Pistols, van wie een foto bij de opstelling hangt. Het roze en oranje uit een portret van de hand van Francis Bacon zit in een vrouwencollectie uit 2009.

Soms zijn de verbanden minder letterlijk. De jurk met vlinders van Schiaparelli met een jas in netstof eromheen en een rond werk met vlinders van Damien Hirst hebben ogenschijnlijk niets te maken met de rauwe mannencollectie voor voorjaar 2000 en een still uit de film A Clockwork Orange. „Het net zit om de vlinders op de jurk om ze te vangen, waardoor ze een gewelddadige dood sterven”, legt hij uit. „In de Damien Hirst zitten geen vlinders, maar vleugels die uit vlinders zijn getrokken.” Voor Van Noten staan de vlinderjurk en het werk van Hirst voor de transitie van jongen naar man. „Die gaat dikwijls gepaard met agressiviteit.” Met kunstwerken die de nadruk leggen op mannenhanden wil hij duidelijk maken dat mannen een zelfverzekerde attitude nodig hebben om speciale mode te kunnen dragen.

Van Noten, die zijn modehuis in 1986 oprichtte, wilde van zijn eerste expositie beslist geen retrospectief maken, en de collecties zijn niet chronologisch opgesteld. Al begint de tentoonstelling wel bij de jaren dat hij op de modeafdeling van de Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen zat. Op muren in de eerste twee zalen staan groot de namen van mensen en dingen die hem toen fascineerden: Faye Dunaway bijvoorbeeld, de B52’s en Frans Ankoné, destijds moderedacteur van de Nederlandse glossy Avenue. Er hangt kleding van ontwerpers die in die periode bepalend waren, zoals Thierry Mugler, en drie outfits die Van Noten in 1981 maakte voor zijn eindexamen: een goudkleurige geplisseerde jurk met een geappliceerde leren mantel en twee enigszins folkloristische jurken.

Dat Van Noten en conservator Pamela Golbin twee jaar aan de tentoonstelling hebben gewerkt is niet alleen te merken aan de rijkdom aan kunst, maar ook aan de afwerking; rondom een aantal vitrines zijn muren en vloeren bedekt met speciaal ontworpen ‘bloemenbehang’ van de Japanse kunstenaar Makoto Azuma en er is een videowand waarop je ziet hoe Indiase handwerkers zijn kleding voorzien van de typerende borduursels. Het geheel heeft de warm-artistieke sfeer die kenmerkend is voor Van Notens shows, en die dus nu ook beleefd kan worden door niet-modeprofessionals.

Het samenstellen van de expositie was overigens ook een inspiratiebron voor Van Noten; zijn collecties voor voorjaar 2014 bevatten dessins van antieke stoffen die hij tegenkwam in het depot van het museum.

    • Milou van Rossum