De plantjes groeien het beste onder mooi licht

Wat is de perfecte manier om planten te laten groeien? // In Den Bosch wordt dat onderzocht // Het zal geen tien jaar meer duren voordat in supermarktkelders verse groenten en fruit groeien

foto peter de krom

Hij beent door de gigantische lege hallen van het voormalige magazijn van kruidenier De Gruyter in Den Bosch. Hier zit hij eind dit jaar met het bedrijf PlantLab, waarvan hij mede-eigenaar is. Hier is het honderd keer groter dan waar PlantLab nu zit. Hier is plaats voor tweehonderd man personeel, terwijl ze onlangs nog maar met zijn vijven waren.

Eindelijk is het zo ver. PlantLab staat op het punt de wereld te veranderen. In juni tekende het Bossche bedrijf een samenwerkingscontract met de Zwitserse multinational Syngenta. Onderhandelingen met volgende partners lopen. Studenten van topuniversiteit Stanford komen in het nieuwe pand onderzoek doen naar toepassingen van PlantLabs vondst.

Ideaal voor een supermarktkelder

Het zal geen tien jaar meer duren voor wereldwijd in kelders onder supermarkten verse groenten en vruchten groeien in gesloten plantenparadijzen naar PlantLabs model.

Bij kunstlicht. Inderdaad, zucht directeur Gertjan Meeuws geërgerd. „En sceptici die de wereld willen voeden met biologische landbouw? Dat gaat gewoon niet! Laat ze iets verzinnen dat werkt. Wij hebben dat gedaan.”

Elke dag hebben 843 miljoen mensen op deze wereld honger. Elk jaar sterven drie miljoen kinderen een hongerdood. En dat probleem zal alleen maar groeien. In 2050 zijn we niet met zeven, maar met negen miljard mensen. Meeuws ziet het als zijn roeping een oplossing voor het voedselprobleem aan te dragen. Het gaat hem niet om het geld. Dan had hij PlantLab wel verkocht en gecasht. „Ik wil de wereld verbeteren.”

Meeuws werd in 1962 geboren in Asten, bij Helmond. Als kind trok hij natuurgebied de Peel in op zoek naar dikkopjes, watervlooien en mooie planten. Op de middelbare school koos hij als vanzelfsprekend natuurkunde, scheikunde en biologie. Op de Hogere Agrarische School verdiepte zijn kennis over de natuur zich verder. Het fascineerde hem hoe betrouwbaar de natuur is. De menselijke lichaamstemperatuur was 36,5 graden. Niet 32 of 47. Een menselijke zwangerschap duurde negen maanden. Geen vier of twaalf.

Toen hij als adviseur in de tuinbouw aan de slag ging, frustreerde het hem dan ook dat iedereen zei dat het ging om „gevoel” en „groene vingers”. „Ik heb die onzin 3,5 jaar aangehoord en toen ben ik in 1989 met mijn vrouw wiskundige modellen als gereedschap gaan toepassen.” Het bleek verbluffend gemakkelijk om te berekenen hoe een bladpakket er moest uitzien om het zonlicht optimaal op te vangen.

Hij vond gelijkgezinden in John van Gemert, die net als hij tuinders adviseerde, en in plantkundige Marcel Kers. Samen geloofden ze dat de ideale omgeving voor een plant te berekenen was.

Wanneer is de plant het gelukkigst?

De drie mannen gebruikten het gegeven dat planten maar drie kleuren uit het zonlicht gebruiken: blauw, rood en verrood (zit in het lichtspectrum tussen rood en infrarood in). Dat de rest van het licht ballast was. Ze ontdekten met hoeveel water en hoeveel CO2 en bij welke temperaturen planten het gelukkigst waren. Ze gingen units bouwen, waarin ze al die factoren optimaal konden afstellen. Toen kwamen ze techneut Leon van Duijn tegen. Die sloot zich aan.

„De natuur is wreed”, zegt Meeuws. Koud, of juist bloedheet, droog of juist nat. In 10.000 jaar landbouw hebben mensen van alles geprobeerd om planten tegen de natuur te beschermen. Water, gif, kassen. Maar ze hebben nooit degelijke huizen gebouwd zoals voor zichzelf.

Dat deden Meeuws en zijn kompanen wel. Zij ontdekten dat elke plant zijn eigen identiteit met eigen wensen heeft en creëerden per plant een optimaal groeirecept. Bijvoorbeeld: als het tomatenzaadje moet ontkiemen veel blauw licht en weinig rood; zodra het ontkiemd is, de temperatuur wat omlaag. Enzovoort. In 2008 ontvingen ze een patent op hun werkwijze en begonnen ze PlantLab. Twintig jaar na het eerste rekenwerk thuis.

Ze kregen onderzoeksopdrachten binnen. Konden zij de kruising tussen twee planten versnellen? Konden zij bonenplanten versterken, zodat de bonenluis verdween? Zo verdienden ze geld.

Intussen ontdekten ze de identiteit en maakten ze groeirecepten van steeds meer planten. Ze teelden tomaten, komkommers, aardbeien, basilicum. Ze perfectioneerden hun techniek. Berekeningen wezen uit dat ze 90 procent water bespaarden ten opzichte van de reguliere teelt. En dat ze met hun techniek slechts één vierkante meter nodig hadden om één persoon dagelijks van 200 gram verse groente en fruit te voorzien.

Ze presenteerden hun techniek aan wie die maar wilde zien. Dan toonden ze plaatjes van een flatgebouw midden in een miljoenenstad waarin al het verse voedsel voor alle stadsbewoners werd verbouwd. Die hoefden geen sperziebonen meer uit Egypte te halen, of avocado’s uit Mexico. Dat bespaarde heel wat CO2 en verspilling. Want van alle wegtransport is bijvoorbeeld al 35 procent voedselgerelateerd, zegt Meeuws.

Of ze nou in het poolgebied woonden, of in de woestijn: mensen in de miljoenenstad aten ’s avonds de sla die ’s ochtends was geplukt. Zonder pesticide, want PlantLab-planten kennen geen ziektes.

Wees gerust, de fruitbomen in de Betuwe zullen heus niet verdwijnen

Nee, het is niet PlantLabs bedoeling om alle akkerbouw en tuinbouw te verdrijven. Het ligt bijvoorbeeld niet voor de hand gewassen als mais, rijst en tarwe in afgesloten units te verbouwen. En waarom zouden de fruitboeren uit de Betuwe weg moeten? Meeuws: „Het wordt een mix.”

Ook heeft PlantLab niet de ambitie om zelf grootschalig groenvoer te gaan verbouwen. Meeuws: „Wij leveren alleen de techniek. We laten zien hoe die gebruikt kan worden. Om stedelingen te voeden. Om mensen in ziekenhuizen een aangepast dieet te bieden. Om sterke planten te leveren aan farmaceuten of cosmeticabedrijven. Vervolgens zoeken we partners.”

Als eerste partner vond PlantLab het Zwitserse Syngenta, dat nieuwe plantensoorten ontwikkelt en bestaande soorten versterkt. Het bedrijf zet jaarlijks 15 miljard euro om, heeft 26.000 personeelsleden in negentig landen, en is beursgenoteerd in zowel Zwitserland als de Verenigde Staten.

Hoeveel geld er met het contract gemoeid was, wil Meeuws niet zeggen. Wel investeerde PlantLab niet lang na de ondertekening 9 miljoen euro in het nieuwe bedrijfspand dat hij nu laat zien. Slechts een deel van de gigantische onderzoeksruimte wordt gebruikt voor Syngenta.

Meeuws staat plots stil in een deel van het gebouw waarvoor voorlopig nog geen plannen zijn. Hij heeft de afgelopen anderhalf uur zijn schouders opgehaald over successen en gezucht over frustraties, maar nu zegt hij serieus: „Met Syngenta zijn we heel blij. De samenwerking bewijst de buitenwereld dat we de moeite waard zijn. Nu zullen anderen snel volgen.”

Even lijkt hij weg te dromen. „Weet je wat onze techniek kan betekenen in Afrika? Versproductie voor 1 euro per mens per dag.” Stilte. „In de traditionele landbouw is alles wel zo’n beetje uitgeprobeerd. Onze techniek staat pas in de kinderschoenen…”

Dan is het moment voorbij. Daar gaat hij weer, bouwhelm in zijn handen, ferme pas vooruit.